Rechtbank Noord-Nederland, 05-09-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:3707, C/18/245966 / KG ZA 25-121
Rechtbank Noord-Nederland, 05-09-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:3707, C/18/245966 / KG ZA 25-121
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 5 september 2025
- Datum publicatie
- 11 september 2025
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2025:3707
- Zaaknummer
- C/18/245966 / KG ZA 25-121
Inhoudsindicatie
Kortgeding. Vordering tot verwijdering registratie in IVR (afgewezen), vordering tot verstrekken van met derden gedeelde persoonsgegevens (deels toegewezen) en vordering tot rectificatie (afgewezen).
Uitspraak
Civiel recht
Zittingsplaats Groningen
Zaaknummer: C/18/245966 / KG ZA 25-121
Vonnis in kort geding van 5 september 2025
in de zaak van
[eiser] ,
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
advocaat: mr. C.E. van der Wijk,
tegen
de rechtspersoon naar Duits recht
LLOYDS BANK GMBH,
statutair gevestigd te Duitsland,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Lloyds Bank,
advocaat: mr. V. van den Berg.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 12;- de producties 1 t/m 11 van Lloyds Bank;- de mondelinge behandeling van 22 augustus 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;- de pleitnota van [eiser] ;- de pleitnota van Lloyds Bank.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
[eiser] is enig bestuurder en aandeelhouder van [bedrijf 1] B.V. [bedrijf 1] B.V. is enig bestuurder van [bedrijf 2] . B.V. (hierna: [bedrijf 2] ). [bedrijf 2] heeft verschillende handelsnamen waaronder [handelsnaam 1] , [handelsnaam 2] , [handelsnaam 3] en [handelsnaam 4] .
In 2023 en 2024 is Lloyds Bank (steeds in de persoon van de heer [naam 1] ) vier keer benaderd door vertegenwoordigers van [bedrijf 2] , telkens onder een verschillende handelsnaam. In alle vier de gevallen werd door de vertegenwoordiger een vergelijkbare dienst aangeboden, namelijk de vermelding van Lloyds Bank in een online bedrijvengids voor een min of meer vergelijkbare prijs.
Na de vierde keer heeft de heer [naam 1] hiervan intern een melding gedaan bij de afdeling Financial Crime in Duitsland. In zijn e-mail van 26 september 2024 schreef hij onder meer:
‘When we received similar requests later on, I started to get suspicious. Because I knew we already paid the ‘ [bedrijf 3] ’. And the way these other parties operate was very similar. I did some websearches and found many negative comments about these companies. It seems like they approach businesses for mentions in useless guides and try to scam as much money out of there as possible.’
Na intern onderzoek heeft Lloyds Bank bij brief van 23 mei 2025 aan [eiser] laten weten dat zijn gegevens in het Incidentenregister zijn gezet. Lloyds Bank schrijft in deze brief onder meer:
‘Op 28 september 2023 en 28 september 2024 ontvingen wij een factuur voor een vermelding in [bedrijf 3] van [handelsnaam 1] . Op 23 maart 2024 en 23 maart 2025 ontvingen wij een factuur van [handelsnaam 2] voor een vermelding op [bedrijf 3] . Op 15 juni 2024 ontvingen wij een factuur van [handelsnaam 3] voor een vermelding in [bedrijf 3] . Ook is er in september 2024 contact geweest met [handelsnaam 4] . Alle bovengenoemde bedrijven blijken handelsnamen te zijn van [bedrijf 2] B.V., een bedrijf waar u de uiteindelijke eigenaar van bent.
Aangezien wij verschillende facturen van verschillende handelsnamen voor vergelijkbare diensten hebben ontvangen, zijn wij een onderzoek gestart. In deze brief leest u wat onze bevindingen zijn. Ook lichten wij toe waarom wij uw gegevens in ons Incidentenregister hebben opgenomen.
Wij ontvangen graag voor 2 juni 2025 uw reactie op onze bevindingen.
Welke stukken heeft u ons gestuurd?
Ter onderbouwing van de dienstverlening hebben wij vanuit de bovengenoemde handelsnamen verschillende facturen ontvangen. Daarnaast hebben wij van [handelsnaam 1] , [handelsnaam 2] en [handelsnaam 3] een opdrachtbevestiging, leveringsvoorwaarden en een voicelog ontvangen. De toegestuurde voicelogs dienen als opname/bewijs voor de telefoongesprekken waarin wij (Lloyds Bank) akkoord gaan met de door uw bedrijf aangeboden dienstverlening.
Wat zijn onze bevindingen?
We hebben drie voicelogs ontvangen. De voicelogs komen in sterke mate overeen en er zijn vreemde pauzes in de gesprekken te horen. Hierdoor ontstaat het vermoeden dat de voicelogs gemanipuleerd zijn.
De producten die in de ontvangen voicelogs worden aangeboden wijken af van de producten die door uw bedrijf worden gefactureerd. Daarnaast kan uit de voicelogs niet worden opgemaakt op welke datum de telefoongesprekken hebben plaatsgevonden. Op generlei wijze komt naar voren wat de overeenkomst precies inhoudt, de wijze waarop zal worden geadverteerd en type advertentie. De voicelogs vormen daarmee geen rechtsgeldige overeenkomst voor de gefactureerde producten.
(...)
Wat betekent opname in ons Incidentenregister voor u?
Wat hebben uw gegevens in ons Incidentenregister gezet. Het Incidentenregister is de naam van de onderzoeksadministratie van de afdeling Veiligheidszaken. In het Incidentenregister staat wat er gebeurd is en wie daarbij betrokken is. Uw gegevens worden voor een periode van 8 jaar in ons Incidentenregister vastgelegd. Op 20 mei 2033 worden uw gegevens uit het Incidentenregister verwijderd. Dit kan een later tijdstip worden als u in de tussentijd opnieuw betrokken bent bij een ander incident.
Wat zijn de gevolgen van opname in het Incidentenregister voor u?
Alleen medewerkers van onze afdeling Veiligheidszaken kunnen de gegevens in het Incidentenregister zien. Ook kunnen wij deze gegevens met de afdeling veilgheidszaken van andere Financiële Instellingen delen. Wij hebben in het kader van ons onderzoek contact opgenomen met Rabobank en ING, waar de zakelijke rekeningen lopen. (...)’
Bij brief van 27 mei 2025 heeft (de advocaat van) [eiser] gereageerd op de brief. In deze brief heeft [eiser] Lloyds Bank gesommeerd om zijn persoonsgegevens te verwijderen uit het Incidentenregister en om een volledig overzicht te verstrekken van de geregistreerde en met andere banken gedeelde gegevens. Ook heeft [eiser] gevorderd dat er een rectificatie plaatsvindt richting de derden die over [eiser] zijn geïnformeerd door Lloyds Bank.
Op 12 juni 2025 heeft Lloyds Bank gereageerd op de brief van [eiser] en een schikkingsvoorstel gedaan. Daarnaast heeft Lloyds Bank in deze brief - voor zover van belang - het volgende geschreven:
‘Wij hebben genoeg aanwijzingen om vast te stellen dat uw cliënt een risico is voor Lloyds Bank. Daarom hebben wij de gegevens van meneer [eiser] in het Intern Verwijzingsregister (IVR) gezet. Deze gegevens blijven tot 20 maart 2033 in het Intern Verwijzingsregister staan. Dit kan een later tijdstip worden als meneer [eiser] gedurende de bewaartermijn opnieuw betrokken is bij een ander incident.
Een registratie in het IVR betekent dat, als uw cliënt een product aanvraagt of solliciteert bij Lloyds Bank, medewerkers advies moeten vragen aan de afdeling Veiligheidszaken van Lloyds Bank. Veiligheidszaken beoordeelt het risico dat wij lopen. Wij kunnen uw cliënt u het product of de baan weigeren. Andere financiële instellingen dan Lloyds Bank kunnen niet zien dat de gegevens van meneer [eiser] in het Intern Verwijzingsregister staan.’
Nadien heeft [eiser] meermaals verzocht om informatie over de door Lloyds Bank met derden gedeelde op hem betrekking hebbende persoonsgegevens. Partijen hebben elkaar over en weer meerdere brieven gestuurd, onder meer over de volmacht van de advocaat van [eiser] .
Op 18 juli 2025 heeft [eiser] een volmacht gestuurd en nogmaals verzocht - voor zover hier van belang - om aan te geven voor welk doel de persoonsgegevens zijn gebruikt, aan welke organisaties de gegevens zijn verstrekt door Lloyds Bank, welke informatie over
hem is opgenomen in het Incidentenregister en welke informatie gedeeld is met andere instellingen of derden.
Bij brief van 23 juli 2025 heeft Lloyds Bank de door (de advocaat van) [eiser] gestelde vragen beantwoord. Lloyds Bank schrijft in deze brief onder meer het volgende:
‘Onderwerp: Verzoek tot inzage verwerking van persoonlijke gegevens
Geachte meneer [eiser] , mevrouw Van der Wijk,
In reactie op uw brief gedateerd 18 juli 2025 en de ontvangen volmacht en identificatie, beantwoorden wij uw vragen betreffende art. 15 (1) AVG als volgt:
|
Uw vraag |
Antwoord |
|
(...) |
|
|
Aan welke organisaties of soorten organisaties Lloyds Bank GmbH de gegevens van cliënt eventueel heeft doorgegeven, en welke gegevens zijn doorgegeven. |
Tot op heden is persoonlijke data verzonden naar de volgende ontvangers: Functionaris voor gegevensbescherming E-mailprovider van ontvanger IT-dienstverleners Lloyds Banking Group |
(...)
Aanvullend verklaren wij dat er tot op heden geen persoonlijke informatie van meneer [eiser] is gedeeld met andere banken of financiële instellingen. (...)
Op 12 juni 2025 hebben wij u ook reeds geïnformeerd dat de gegevens van meneer [eiser] zijn opgenomen in het Interne Verwijzingsregister (IVR) van Lloyds Bank. Het Interne
Verwijzingsregister is gekoppeld aan de gebeurtenissenadministratie, waar de gegevens over het onderzoek zijn vastgelegd. Om die reden zullen wij de gegevens van meneer [eiser] verwijderen uit het incidentenregister. (...)’
Partijen hebben nadien over en weer gecommuniceerd, maar zijn er onderling niet uitgekomen.
Op 13 augustus 2025 heeft Lloyds Bank nog een brief aan [eiser] gestuurd, waarin - voor zover van belang - staat te lezen:
‘(...) U merkt op dat uit cliënte’s brief van 23 juli jl. blijkt dat er toch geen gegevens van uw cliënt met andere banken of financiële instellingen zijn gedeeld, hetgeen afwijkt van een eerdere suggestie. Wij kunnen bevestigen dat de juiste situatie is dat er geen persoonsgegevens van uw cliënt zijn gedeeld met andere banken of financiële instellingen.
Voorts, wat betreft de status van de gegevens van uw cliënt in de interne registers van Lloyds Bank: zoals vermeld in de brief van 23 juli jl. zijn de gegevens van de heer [eiser] verwijderd uit het Interne Incidentenregister van cliënte. De informatie blijft echter intern geregistreerd in het Interne Verwijzingsregister (“IVR”) maar is dus verwijderd uit het afzonderlijke Incidentenregister, na afronding van het onderzoek.
Een en ander betekent, dat de gegevens omtrent uw cliënt die intern in het IVR geregistreerd staan ook in de toekomst niet door andere financiële instellingen kunnen worden geraadpleegd. Medewerkers van cliënte kunnen wel het IVR raadplegen, maar daarin staan geen gegevens over het onderzochte incident opgenomen, maar uitsluitend dat uw cliënt voorwerp is geweest van een intern onderzoek.(...)’
3 Het geschil
[eiser] vordert - na mondelinge vermindering van eis - bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
I. Lloyds Bank te veroordelen om binnen 48 uur na betekening van het in deze te wijzen vonnis zorg te dragen voor de volledige verwijdering van de persoonsgegevens van [eiser] uit het Intern Verwijzingsregister, een en ander op verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 per dag of dagdeel dat de registratie voortduurt na de voornoemde termijn met een maximum van € 50.000,00, dan wel een in goede justitie te bepalen bedrag;
II. te bevelen dat Lloyds Bank binnen 48 uur dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis een volledig overzicht verstrekt van alle persoonsgegevens die van [eiser] zijn verwerkt en gedeeld met derden en een overzicht van de derden met wie de informatie gedeeld is, waaronder de Rabobank en de ING-bank en de e-mailprovider van ontvanger en de Lloyds Banking Group, een en ander op verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 per dag of dagdeel dat de registratie voortduurt na de voornoemde termijn met een maximum van € 50.000,00;
III. te bevelen dat Lloyds Bank binnen 48 uur na betekening van het in deze te wijzen vonnis een rectificatie stuurt naar alle derden zoals onder andere genoemd onder II. aan wie gegevens van [eiser] zijn verstrekt, met de mededeling dat de eerdere melding onjuist was en dat de registratie is verwijderd, een en ander op straffe van een dwangsom van € 2.500,00 voor elke dag dat Lloyds Bank in gebreke blijft met de rectificatie, tot een maximum van € 50.000,00, dan wel een in goede justitie te bepalen bedrag;
IV. althans een andere passende voorziening te treffen die recht doet aan de belangen van [eiser] ;
V. met veroordeling van [eiser] in de kosten en de nakosten van deze procedure.
Lloyds Bank voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met veroordeling van [eiser] in de kosten van het geding en de nakosten. Op de stellingen van partijen zal hierna (voor zover rechtens relevant) worden beslist.