Rechtbank Oost-Brabant, 11-04-2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:1665, 01/879978-17
Rechtbank Oost-Brabant, 11-04-2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:1665, 01/879978-17
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 11 april 2018
- Datum publicatie
- 11 april 2018
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2018:1665
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2019:2594, Overig
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2020:2775, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- 01/879978-17
Inhoudsindicatie
Bewezen is verklaard dat verdachte heeft getracht een 80 jarig slachtoffer van het leven te beroven door hem te spanken via het toebrengen van steekwonden en door vijftien keer met een houten lat op het hoofd van het slachtoffer te slaan. Verdachte wordt hiervoor veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van zeven jaar. De vordering van het slachtoffer als benadeelde partij wordt toegewezen tot een bedrag van € 6.922,96. Daarvan bestaat € 5.000,-- uit immateriële schadevergoeding.
Uitspraak
vonnis
RECHTBANK OOST-BRABANT
Strafrecht
Parketnummer: 01/879978-17
Datum uitspraak: 11 april 2018
Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [1969] ,
wonende te [woonplaats verdachte] , [straatnaam 1] .
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 14 september 2017, 28 november 2017 en 28 maart 2018.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.
De tenlastelegging.
De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 7 augustus 2017.
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 31 mei 2017 te ’s-Hertogenbosch ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade van het leven te beroven, die [slachtoffer] met een mes, in elk geval een scherp en/of hard en/of puntig voorwerp, een of meermalen in diens lichaam heeft gestoken en/of gesneden en/of met een stuk hout, in elk geval een hard en/of zwaar voorwerp, een of meermalen op/tegen diens hoofd heeft geslagen en/of zijn, verdachtes, arm om de hals van die [slachtoffer] heeft gedaan, althans gelegd, in elk geval een armverwurging heeft aangelegd, en/of (daarbij/vervolgens) gedurende enige tijd de hals van die [slachtoffer] heeft dicht gedrukt en/of dicht gedrukt gehouden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
Subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of
zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 31 mei 2017 te ’s-Hertogenbosch aan [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een geperforeerde long en/of een gaatje in het middenrif en/of letsel in de buikstreek en/of een of meer steekwonden in de rug en/of hoofdletsel, heeft toegebracht door die [slachtoffer] met een mes, in elk geval een scherp en/of hard en/of puntig voorwerp, een of meermalen in diens lichaam te steken en/of te snijden en/of met een stuk hout, in elk geval een hard en/of zwaar voorwerp, een of meermalen op/tegen diens hoofd te slaan;
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.