Home

Rechtbank Oost-Brabant, 25-07-2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:4398, 01/997016-13

Rechtbank Oost-Brabant, 25-07-2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:4398, 01/997016-13

Gegevens

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
25 juli 2019
Datum publicatie
25 juli 2019
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2019:4398
Zaaknummer
01/997016-13

Inhoudsindicatie

Verdachte wordt vrijgesproken van feitelijk leidinggeven aan c.q. medeplegen van mestfraude, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. De rechtbank verwerpt de verweren tot nietigheid van de dagvaarding en de onbevoegdheid van de rechtbank.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Parketnummer: 01/997016-13

[verdachte]

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Team strafrecht

Parketnummer: 01/997016-13

Datum uitspraak: 25 juli 2019

Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,

wonende te [adres] .

Dit vonnis is op tegenspraak

gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzittingen van 20, 21, 24, 25 en 27 juni 2019 en 11 juli 2019. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht

.

De tenlastelegging.

De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 9 februari 2017. Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting van 10 oktober 2017 is gewijzigd is aan verdachte ten laste gelegd dat:

1. [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of een (of meer) (rechtsperso(o)n(en), op één of meer tijdstippen in of omstreeks 7 maart 2013 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert, althans in Nederland en/of te België, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (een of meer) (rechts)perso(o)n(en), althans alleen, Opzettelijk gebruik heeft gemaakt of gebruik heeft doen maken van vier, althans een aantal vals(e) of vervalst(e) vervoersbewijzen dierlijke meststoffen (hierna VDM’s) waarop los- en/of laadmeldingen (met vermelding van plaats en/of leverancier en/of mestcode) stonden vermeld, zijnde voornoemde VDM’s een geschrift/geschriften bestemd tot bewijs van enig feit te dienen — als ware dat/die geschriften echt en onvervalst, dan wel dat verdachte(n) opzettelijk zodanig(e) geschrift(en) heeft/hebben afgeleverd en/of voorhanden heeft/hebben gehad, terwijl zij en/of haar medeverdachte(n) wist/wisten en/of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat dit/deze geschrift(en) bestemd was/waren voor zodanig gebruik, bestaande dat gebruiken hierin dat zij en/of haar medeverdachte(n) dit/deze geschrift(en) voorhanden heeft gehad en/of heeft verzonden en heeft doen verzenden aan Dienst Regelingen (thans Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en/of heeft afgeleverd aan opsporingsambtenaren van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat

- op 4 VDM’s (genummerd: [VDM 1] , [VDM 2] , [VDM 3] en [VDM 4] ,) telkens in strijd met de waarheid is vermeld dat er op of omstreeks 7 maart 2013 door [bedrijf 1] . vier vrachten vloeibare mest zouden zijn afgevoerd bij het bedrijf [bedrijfsnaam] , [adres bedrijf 1] te Nederweert en welke zouden zijn afgenomen door [afnemer]

zulks terwijl verdachte tezamen en in vereniging met (een) ander, althans alleen, (telkens) aan deze verboden gedraging(en) feitelijk leiding heeft gegeven en/of daartoe opdracht heeft gegeven;

subsidiair, althans indien liet vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

Hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks 7 maart 2013 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert, althans in Nederland en/of te België, tezamen en in vereniging met [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (een of meer) (rechts)perso(o)n(en) althans alleen, Opzettelijk gebruik heeft gemaakt of gebruik heeft doen maken van vier, althans een aantal vals(e) of vervalst(e) vervoersbewijzen dierlijke meststoffen (hierna VDM’s] waarop los- en/of laadmeldingen (met vermelding van plaats en/of leverancier en/of mestcode) stonden vermeld, zijnde voornoemde VDM’s een geschrift/geschriften bestemd tot bewijs van enig feit te dienen - als ware dat/die geschrift(en) echt en onvervalst, dan wel dat verdachte(n) opzettelijk zodanig(e) geschrift(en) heeft/hebben afgeleverd en/of voorhanden heeft/hebben gehad, terwijl zij en/of haar medeverdachte(n) wist/wisten en/of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat dit/deze geschrift(en) bestemd was/waren voor zodanig gebruik, bestaande dat gebruiken hierin dat zij en/of haar medeverdachte(n) dit/deze geschrift(en) voorhanden heeft gehad en/of heeft verzonden en heeft doen verzenden aan Dienst Regelingen (thans Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en/of heeft afgeleverd aan opsporingsambtenaren van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat

- op 4 VDM’s (genummerd: [VDM 1] , [VDM 2] , [VDM 3] en [VDM 4] ) telkens in strijd met de waarheid is vermeld dat er op of omstreeks 7 maart 2013 door [bedrijf 1] ., vier vrachten vloeibare mest zouden zijn afgevoerd bij het bedrijf [bedrijfsnaam] , [adres bedrijf 1] te Nederweert en welke zouden zijn afgenomen door [afnemer]

2. [bedrijf 1] . en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of een (of meer) (rechts)perso(o)n(en), op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 4 december 2012 tot en met 1 oktober 2014 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert en/of te Nederweert-Eind en/of Oostrum en/of IJsselsteyn, althans in Nederland en/of België en/of Polen en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (een of meer,) (rechts)perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) een ‘Report Vervoersbewijzen dierlijke Meststoffen’ (hierna RVDM), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of doen laten opmaken en/of vervalst en/of doen vervalsen en/of doen laten vervalsen, Immers heeft/hebben zij verdachte en/of haar mededader(s) valselijk en/of in strijd met de waarheid — zakelijk weergegeven — (telkens) (digitaal) gegevens vertrekt of doen/laten verstrekken aan dienst Regelingen (thans rijksdienst voor Ondernemend Nederland) — op grond waarvan door deze Dienst (een) RVDM(‘s,) werd(en,) gegenereerd — terwijl de gegevens op de RVDM betrekking hadden op — onder meer — - het laden van (drijfmest door verdachte(n) bij het bedrijf aan de [adres bedrijf 2] te Nederweert ( [bedrijfsnaam] ) op of omstreeks 7 maart 2013 (RVDM genummerd [VDM 1] , [VDM 2] , [VDM 3] en [VDM 4] ) terwijl er (telkens) in werkelijkheid geen mest en/of drijfmest geladen c. q. gelost werd, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, zulks terwijl verdachte tezamen en in vereniging met (een) ander, althans alleen, (telkens) aan deze verboden gedraging(en) feitelijk leiding heeft gegeven en/of daartoe opdracht heeft gegeven;

subsidiair, althans indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

Hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 4 december 2012 tot en met 1 oktober 2014 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert en/of te Nederweert-Eind en/of Oostrum en/of IJsselsteyn, althans in Nederland en/of België en/of Polen en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met [bedrijf 1] . en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (één of meer) (rechts)perso(o)n (en), althans alleen, (telkens) een ‘Report Vervoersbewijzen dierlijke Meststoffen’ (hierna RVDM), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of doen laten opmaken en/of vervalst en/of doen vervalsen en/of doen laten vervalsen, Immers heeft/hebben zij verdachte en/of haar mededader(s) valselijk en/of in strijd met de waarheid — zakelijk weergegeven — (telkens) (digitaal) gegevens vertrekt of doen/laten verstrekken aan dienst Regelingen (thans rijksdienst voor Ondernemend Nederland) — op grond waarvan door deze Dienst (een) RVDM(‘s) werd(en) gegenereerd — terwijl de gegevens op de RVDM betrekking hadden op — onder meer — het laden van (drijfmest door verdachte(n) bij het bedrijf aan de [adres bedrijf 2] te Nederweert ( [bedrijfsnaam] ) op of omstreeks 7 maart 2013 (RVDM genummerd [VDM 1] , [VDM 2] , [VDM 3] en [VDM 4] )

terwijl er (telkens) in werkelijkheid geen mest en/of drijfmest geladen c.q. gelost werd, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken;

3. [bedrijf 1] . en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of een (of meer) (rechts)perso(o)n(en) op één of meer tijdstippen in of omstreeks 4 december 2012 tot en met 1 oktober 2014 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert, althans in Nederland en/of te België, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (een of meer) (rechts)perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) van een voorwerp, te weten een of meer (grote) hoeveelhe(i)d(en) (drijf- en/of vaste) mest, althans dierlijke meststoffen, de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of heeft/hebben verhuld, danweI heeft/hebben verborgen of verhuld wie de rechthebbende op het/de voorwerp(en) was/waren en/of het voorhanden heeft/hebben gehad van deze (hoeveelheden) mest/dierlijke meststoffen, door met betrekking tot die hoeveelheden mest:

-

(fictieve) laad- en losmeldingen en/of vervoershandelingen te verrichten en/ofte laten/doen verrichten en/of te registreren en/of te laten/doen registreren (op VDM’s en/of weegbonnen en/of via/door (valse) (digitale) AGR/GPS meldingen bij Dienst Regelingen (thans Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)) en/of

-

door het doen/laten opslaan van hoeveelheden mest in (een) — niet daarvoor geschikt(e) en/of toereikend(e) - (mest) opslag(en) en/of

-

door het niet inzichtelijk maken van de werkelijke verplaatsing van die (hoeveelheden) mest en/of

-

door gebruik te maken van valse AGR/GPS laad- en losmeldingen

-

door het manipuleren van (mest)monsters van de niet geladen en/of geloste vrachten mest,

terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist/wisten of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat het voorwerp geheel of gedeeltelijk — onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf zulks terwijl verdachte tezamen en in vereniging met (een) ander, althans alleen, (telkens) aan deze verboden gedraging(en feitelijk leiding heeft gegeven en/of daartoe opdracht heeft gegeven;

subsidiair, althans indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

Hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks 4 december 2012 tot en met 1 oktober 2014 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert, althans in Nederland en/of te België, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en/of [bedrijf 1] . en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of (één of meer) (rechts)perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) van een voorwerp, te weten een of meer (grote) hoeveelhe(i)d(en) (drijf- en/of vaste) mest, althans dierlijke meststoffen, de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of heeft/hebben verhuld, dan wel heeft/hebben verborgen of verhuld wie de rechthebbende op het/de voorwerp(en) was/waren en/of het voorhanden heeft/hebben gehad van deze (hoeveelheden) mest/dierlijke meststoffen, door met betrekking tot die hoeveelheden mest:

-

(fictieve) laad- en losmeldingen en/of vervoershandelingen te verrichten en/of te laten/doen verrichten en/of te registreren en/of te laten/doen registreren (op VDM’s en/of weegbonnen en/of via/door (valse) (digitale) AGR/GFS meldingen bij Dienst Regelingen (thans Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en/of

-

door het doen/laten opslaan van hoeveelheden mest in (een) — niet daarvoor geschikt(e) en/of toereikend(e) - (mest) opslag(en) en/of

-

door het niet inzichtelijk maken van de werkelijke verplaatsing van die (hoeveelheden) mest en/of

-

door gebruik te maken van valse AGR/GPS laad- en losmeldingen

-

door het manipuleren van (mest)monsters van de niet geladen en/of geloste vrachten mest,

terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist/wisten of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat het voorwerp geheel of gedeeltelijk — onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

4. [bedrijf 1] . en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of een (of meer) (rechts)perso(o)n(en), op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 4 december 2012 tot en met 1 oktober 2014 te Someren en/of te Lierop en/of te Nederweert, althans in Nederland en/of te België, heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een samenwerkingsverband tussen hem, verdachte en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 4] en/of een of meer andere (rechts)personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk:

-

het tezamen en in vereniging met een of meer anderen gebruik maken van valse en/of vervalste geschriften als bedoeld in artikel 225 lid 2 wetboek van strafrecht en/of

-

het tezamen en in vereniging met een of meer anderen witwassen van een voorwerp (dierlijke meststoffen) als bedoeld in artikel 420bis lid 1 wetboek van strafrecht,

-

Het tezamen het in vereniging met een ander of andere natuurlijke personen en/of rechtspersonen handelen in strijd met artikel 14, eerste lid van de Meststoffenwet

van welke organisatie verdachte (feitelijk) (mede-)oprichter en/of (feitelijk) (mede)bestuurder was, dan wel aan welke organisatie zij feitelijk leiding heeft gegeven.

De formele voorvragen.

De geldigheid van de dagvaarding.

Op de in de pleitnota omschreven gronden en de daarop gegeven aanvullingen op de zittingen van 20 juni 2019 en 25 juni 2019 heeft de verdediging geconcludeerd dat de dagvaarding van de onder 1 en onder 2 aan verdachte ten laste gelegde feiten op onderdelen en van de onder 3 en onder 4 ten laste gelegde feiten in het geheel nietig moet worden verklaard omdat deze onderdelen van de dagvaarding onvoldoende duidelijk zijn omschreven.

De rechtbank is van oordeel dat de in de tenlastelegging onder 1, onder 2, onder 3 en de onder 4 genoemde gedragingen, gelet op de samenhang die tussen alle aan verdachte ten laste gelegde feiten bestaat, in combinatie bezien met de inhoud van het gehele zaakdossier, voldoende duidelijk en concreet zijn omschreven, zodat verdachte zich heeft kunnen voorbereiden op zijn verdediging. Aan de vereisten van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering is dan ook voldaan.

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, verwerpt de rechtbank het door de verdediging gevoerde verweer strekkende tot [partiële] nietigheid van de dagvaarding. Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is en dat de dagvaarding voldoet aan alle wettelijke eisen.

De bevoegdheid van de rechtbank.

Op de in de pleitnota omschreven gronden en de daarop gegeven aanvulling op de zitting van 25 juni 2019 heeft de verdediging aangevoerd dat de meervoudige economische kamer van de rechtbank onbevoegd is van de aan verdachte ten laste gelegde feiten kennis te nemen. Op de voorliggende tenlastelegging staan immers geen economische delicten. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat dit verweer moet worden verworpen.

Dit verweer is gebaseerd op de volgende vaststaande feiten. Verdachte is bij dagvaarding van 19 februari 2017 gedagvaard te verschijnen ter terechtzitting op 7 juni 2017 van de meervoudige commune strafkamer in deze rechtbank. Uit het proces-verbaal opgemaakt van de behandeling van deze zaak op die zitting blijkt dat de meervoudige commune kamer het onderzoek heeft geschorst. Vervolgens is verdachte opgeroepen te verschijnen voor de zitting op 10 oktober 2017 van de meervoudige commune strafkamer in deze rechtbank. Op die zitting heeft de officier van justitie een vordering tot wijziging van de tenlastelegging gedaan. Deze vordering tot wijziging van de tenlastelegging is voorafgaande aan de zitting van 10 oktober 2017 aan de raadsman van verdachte toegezonden. In die vordering is vermeld dat de officier van justitie de vordering tot wijziging van de tenlastelegging doet ter terechtzitting van de meervoudige economische kamer van deze rechtbank op 10 oktober 2017. Op die zitting heeft de verdediging niet tegen deze laatste vermelding geageerd. Uit het van de zitting van 10 oktober 2017 opgemaakte proces-verbaal blijkt dat de meervoudige commune kamer van de rechtbank het onderzoek wederom heeft geschorst. Vervolgens is verdachte, na een kennisgeving wijziging data zitting, opgeroepen te verschijnen ter terechtzitting van de meervoudige economische kamer van 20 juni 2019. Op die zitting is, zoals opgenomen in het proces-verbaal van de zitting, het onderzoek opnieuw gestart, gebaseerd op de oorspronkelijke dagvaarding van 19 februari 2017 voor de meervoudige commune kamer.

De rechtbank overweegt hierover het volgende. De vermelding dat verdachte is opgeroepen te verschijnen op de zitting van de meervoudige economische kamer van 20 juni 2019 berust op een evidente vergissing. De rechtbank verstaat de oproeping van verdachte dan ook als een oproeping te verschijnen ter terechtzitting van de meervoudige commune kamer van 20 juni 2019. Uit het van de zitting van 10 oktober 2017 opgemaakte proces-verbaal blijkt dat door en namens verdachte niet is geageerd tegen de vermelding op de vordering tot wijziging van de tenlastelegging dat die wijziging ter zitting van de meervoudige economische kamer zou worden gedaan. Hieruit concludeert de rechtbank dat de verdediging er op die zitting ook van uit is gegaan dat de vermelding dat de vordering tot wijziging van de tenlastelegging op de zitting van de meervoudige economische kamer van 10 oktober 2017 wordt gedaan op een vergissing berustte.

De rechtbank verwerpt het door de raadsman gevoerde verweer strekkende tot onbevoegdheid van de meervoudige commune strafkamer van rechtbank om van deze zaak kennis te nemen.

De ontvankelijkheid van de officier van justitie.

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn voor het overige geen omstandigheden gebleken, die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. De officier van justitie kan in de vervolging van verdachte worden ontvangen.

Schorsing der vervolging.

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing der vervolging gebleken.

De bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan.

DE UITSPRAAK