Rechtbank Oost-Brabant, 16-03-2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:1614, C/01/353451 / KG ZA 19-768
Rechtbank Oost-Brabant, 16-03-2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:1614, C/01/353451 / KG ZA 19-768
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 maart 2020
- Datum publicatie
- 19 maart 2020
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2020:1614
- Zaaknummer
- C/01/353451 / KG ZA 19-768
Inhoudsindicatie
Aanbesteding. Terechte uitsluiting? Resterend belang bij beoordeling
Uitspraak
vonnis
Civiel Recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rolnummer: C/01/353451 / KG ZA 19-768
Vonnis in kort geding van 16 maart 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres] ,
gevestigd te [woonplaats 1] ,
eiseres
advocaat mr. W.P.G. Verstappen te Eindhoven,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ENEXIS NETBEHEER B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ENEXIS PERSONEEL B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
gedaagden
advocaten mr. drs. F.J.J. Cornelissen en mr. I. Neddaoui-Docter te Arnhem.
in welke zaak is tussengekomen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [tussengekomen partij] ,
gevestigd te [woonplaats 2] ,
advocaat mr. S.B. Groenwold te Den Haag.
Eiseres zal hierna [eiseres] worden genoemd. Gedaagden worden Enexis c.s. genoemd. De tussenkomende partij zal [A] worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 9 december 2019 met producties, genummerd 1 tot en met 25;
- -
-
de brief van mr. Groenewold van 21 januari 2020, houdende incidentele conclusie tot primair tussenkomst en subsidiair voeging;
- -
-
de brief van mr. Cornelissen van 4 februari 2020, houdende conclusie van antwoord;
- -
-
de brief van mr. Cornelissen van 6 februari 2020 met producties, genummerd A tot en met E;
- -
-
de brief van mr. Verstappen van 7 februari 2020 met producties, genummerd 26 tot en met 30;
- -
-
de mondelinge behandeling ter zitting van 10 februari 2020;
- -
-
de pleitnota van mr. Verstappen;
- -
-
de pleitnota van mrs. F.J.J. Cornelissen en I. Neddaoui-Doctor;
- -
-
de pleitnota van mr. Groenwold;
[eiseres] en Enexis c.s. hebben aangegeven geen bezwaar te hebben tegen inwilliging van het (primaire) verzoek tot tussenkomst van [A] . De voorzieningenrechter heeft ter zitting op het incident tot tussenkomst beslist en [A] als tussenkomende partij toegelaten in dit kort geding. [A] heeft als partij aan wie Enexis c.s. voornemens is de opdracht te gunnen immers een eigen belang bij het tussen [eiseres] en Enexis c.s. aanhangige kort geding waarvan de inzet gevormd wordt door het voornemen om de opdracht aan [A] te gunnen. Daarnaast heeft [A] er belang bij om in dit geding onafhankelijk van Enexis c.s. te kunnen opereren, mede vanwege haar eigen vordering jegens Enexis c.s. uit hoofde van haar rechten als deelnemer aan de door Enexis c.s. uitgeschreven aanbestedingsprocedure.
Mr. Cornelissen heeft bezwaar gemaakt tegen de door mr. Verstappen op 7 februari 2020 om 14.35 uur toegezonden aanvullende producties, genummerd 26 tot en met 30. Mr. Cornelissen heeft gesteld dat de aanvullende stukken, gelet op het bepaalde in het procesreglement eerder hadden moeten worden ingediend en dat hij thans niet op deze stukken kan reageren omdat hij zich daarop niet heeft kunnen voorbereiden. Ingevolge artikel 6.2 van het Procesreglement kort gedingen rechtbanken handel/familie dienen stukken zo spoedig mogelijk te worden ingediend en worden stukken die binnen 24 uur (één werkdag) vóór de terechtzitting worden ingediend, in beginsel buiten beschouwing gelaten.
Mr. Verstappen heeft echter gemotiveerd naar voren gebracht dat hij de producties 29 en 30 niet eerder in het geding had kunnen brengen omdat hij deze uitsluitend in het geding heeft gebracht als reactie op de door mr. Cornelissen op 6 februari 2020 toegestuurde producties A tot en met E en deze stukken direct raken aan één van de aan [eiseres] tegengeworpen gronden om haar van deelname uit te sluiten.
De voorzieningenrechter heeft geconstateerd dat de dagvaarding al op 9 december 2019 is betekend en dat de indiening door mr. Cornelissen op 6 december 2020 om 01.52 uur ingebrachte producties gelet hierop als rijkelijk laat kan worden bestempeld, te meer indien daarbij in ogenschouw wordt genomen dat die stukken, gezien hun inhoud, zonder enig bezwaar op een eerder tijdstip (beantwoordend aan de norm ‘zo spoedig mogelijk’) hadden kunnen worden ingediend.
De voorzieningenrechter heeft gelet hierop het toelaatbaar geoordeeld dat de producties 29 en 30 van de zijde van [eiseres] – ondanks de ontijdige toezending - worden toegelaten. In verband met de eisen van hoor en wederhoor zijn mrs. Cornelissen en Groenwold tot 14 februari 2020 te 17.00 uur in de gelegenheid gesteld zich bij akte nader over deze twee producties uit te laten. Voor het alsnog toelaten van de ontijdig ingediende producties 26, 27 en 28 heeft mr. Verstappen geen valide reden gegeven. Deze producties heeft de voorzieningenrechter dan ook geweigerd.
Mr. Cornelissen heeft bij brief van 14 februari 2020 gereageerd, middels een akte uitlating producties.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
[eiseres] exploiteert een onderneming die zich bezig houdt met verhuren van stroomvoorzieningen in binnen- en buitenland. Zij ontwikkelt en bouwt aggregaten en beschikt over eigen transportmiddelen. De enig bestuurder van [eiseres] is [B] die op haar beurt bestuurd wordt door Beheermaatschappij [eiseres] . Deze laatste vennootschap tenslotte wordt bestuurd door [naam 1] en [naam 2] . Zij zijn gezamenlijk bevoegd. Laatstgenoemden zijn dus de indirecte bestuurders van [eiseres] .
Enexis c.s. is een onafhankelijke netbeheerder en is verantwoordelijk voor de aanleg, het onderhoud en het beheer van de transport- en distributienetten voor elektriciteit en gas.
[A] is gespecialiseerd in de verhuur van aggregaten voor tijdelijke noodstroominstallaties en synchrone netovernames.
[eiseres] en Enexis c.s. doen ruim 15 jaar zaken met elkaar. [eiseres] levert en plaatst op verzoek van Enexis c.s. noodstroomaggregaten en zorgt voor permanente beschikbaarheid van synchroon-aggregaten, die binnen 2,5 uur na het ontvangen van een daartoe strekkend verzoek op de beoogde bestemming moeten zijn.
Enexis c.s. heeft op 1 februari 2020 een Europese openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd met als doel het afsluiten van een raamovereenkomst met betrekking tot het leveren van Noodstroom Aggregaten in de gebieden (i) Limburg, (ii) Brabant of (iii) Noord Nederland. Op de aanbesteding is van toepassing de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012). Als gunningscriterium is gehanteerd de economisch meest voordelige inschrijving.
In het aanbestedingsdocument (productie 1 bij de dagvaarding) zijn onder meer de volgende inschrijfvoorwaarden en -eisen opgenomen.
7 INSCHRIJFVOORW: Uniform Europees Aanbestedingsdocument
De Inschrijver, elke Combinant (indien sprake is van een Combinatie) en elke Onderaannemer (indien hiervan sprake is voor het voldoen aan de technische bekwaamheid) voegt, op straffe van uitsluiting, een volledig ingevuld en door de juiste persoon ondertekend Uniform Europees Aanbestedingsdocument toe.
(...)