Home

Rechtbank Oost-Brabant, 24-08-2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:4608, 371926 / KG ZA 21-363

Rechtbank Oost-Brabant, 24-08-2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:4608, 371926 / KG ZA 21-363

Gegevens

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
24 augustus 2021
Datum publicatie
30 augustus 2021
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2021:4608
Formele relaties
Zaaknummer
371926 / KG ZA 21-363

Inhoudsindicatie

Kort geding. Aanbesteding op het terrein van maatschappelijke ondersteuning. Heeft de Gemeente de prijzen zorgvuldig bepaald? De vorderingen van een potentiële inschrijver worden afgewezen

Uitspraak

vonnis

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/371926 / KG ZA 21-363

Vonnis in kort geding van 24 augustus 2021

in de zaak van

de stichting

STICHTING GGZE,

gevestigd te Eindhoven,

eiseres,

advocaten mrs. A. Stellingwerff Beintema en Y.A. Maasdam te Rijswijk Zh,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE EINDHOVEN,

zetelend te Eindhoven,

gedaagde,

advocaten mrs. F.J.J. Cornelissen en L. Bras te Arnhem.

Partijen zullen hierna GGZE en de Gemeente genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop blijkt uit:

-

de dagvaarding van 17 juni 2021;

-

de akte van de zijde van GGZE met producties 1 tot en met 31;

-

de akte van de zijde van GGZE met producties 32 tot en met 34;

- de conclusie van antwoord van de zijde van de Gemeente met producties A tot en met S;

- de mondelinge behandeling van 5 augustus 2021;

-

de pleitnota van mr. Stellingwerff Beintema namens GGZE;

-

de pleitnota van mr. Bras namens de Gemeente.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

GGZE is een GGZ-instelling en zij biedt zorg en ondersteuning aan kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen met psychische klachten.

2.2.

De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (de Wmo 2015). In dit kader heeft de Gemeente de inkoop van de zorg op het gebied van de Wmo 2015 bestuurlijk aanbesteed.

2.3.

Op 1 januari 2015 heeft de Gemeente de overeenkomst ‘Overeenkomst BA ondersteuning Jeugd, WMO, Beschermd Wonen en Maatschappelijke deelname en werk’ met GGZE gesloten. Bij brief van 17 juni 2020 is deze overeenkomst verlengd tot en met 31 december 2021.

2.4.

Voor de Wmo-ondersteuning voor de jaren 2022 tot en met 2025 (en optioneel tot en met 2029) is de Gemeente op 16 april 2021 gestart met de inkoop en daartoe heeft zij een vereenvoudigde aanbestedingsprocedure (hierna: de aanbesteding) gestart.

2.5.

De aanbesteding is onderverdeeld in vijf percelen, waarop kan worden ingeschreven. Op de percelen 1 (Wmo Begeleiding) en 3 (Maatwerkvoorziening Dagbesteding GGZ) wenst GGZE in te schrijven.

2.6.

Bij de gunningscriteria zijn enkel kwaliteitscriteria opgenomen. Voor wat betreft de prijzen, zijn in de aanbesteding de tarieven van de prijzen per product vastgesteld. Bij inschrijving, dienen de inschrijvers met die tarieven akkoord te gaan.

2.7.

Op 1 juni 2021 heeft onderzoeksbureau [A] een rapport uitgebracht ten aanzien van de door de Gemeente vastgestelde tarieven.

2.8.

Op 8 juni 2021 heeft GGZE een klacht ingediend bij het klachtenmeldpunt van de Gemeente met betrekking tot de aanbesteding.

2.9.

GGZE heeft de Gemeente op 8 en 11 juni 2021 verzocht om de aanbestedingsprocedure op te schorten totdat de klacht door het klachtenmeldpunt is afgehandeld. Daartoe was de Gemeente niet bereid.

2.10.

De Gemeente heeft na ontvangst van de dagvaarding ter inleiding van dit kort geding besloten tot opschorting van de aanbestedingsprocedure tot in elk geval 10 werkdagen na ontvangst van dit vonnis.

3 Het geschil

3.1.

GGZE vordert bij vonnis in kort geding voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

( I) de Gemeente te verbieden op basis van de onderhavige aanbestedingsprocedure

‘Maatschappelijke ondersteuning vanaf 2022 (Wmo)’ overeenkomsten te sluiten voor de percelen 1 en 3;

-

II) de Gemeente te gebieden om binnen 30 dagen na de datum van dit vonnis, deugdelijk onderzoek te (laten) doen naar de kostprijselementen die zijn genoemd in artikel 5.4 lid 3 Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 voor wat betreft de in de percelen 1 en 3 omschreven producten, een en ander met in achtneming van dit vonnis;

-

III) de Gemeente te gebieden op basis daarvan per in de percelen 1 en 3 omschreven product een reëel tarief vast te stellen, een en ander met inachtneming van het in deze te wijzen vonnis;

-

IV) de Gemeente te gebieden aan potentiële inschrijvers inzichtelijk te maken hoe zij onderzoek heeft gedaan of laten doen naar de relevante kostprijselementen en dat zij op basis daarvan de betreffende reële tarieven heeft vastgesteld;

-

V) de Gemeente te gebieden potentiële inschrijvers na het geven van de onder (iv) genoemde transparantie een redelijke termijn van minimaal 30 dagen, te gunnen om in te schrijven op de onderhavige aanbesteding voor wat betreft de percelen 1 en 3, voor zover de Gemeente de opdracht nog altijd wenst te gunnen;

-

VI) de Gemeente te veroordelen tot betaling van de proceskosten en nakosten aan GGzE, te vermeerderen met de wettelijke rente, daarover vanaf de vijftiende dag na dagtekening van het vonnis wettelijke rente is verschuldigd.

3.2.

GGZE legt daaraan het volgende ten grondslag.

GGZE heeft geconstateerd dat de door de Gemeente vastgestelde tarieven niet toereikend en niet reëel zijn voor de te leveren diensten. De Gemeente heeft er geen rekening mee gehouden dat het leveren van GGZ-zorg hogere kosten met zich meebrengt. De Gemeente heeft ten onrechte de CAO VVT toegepast in plaats van de CAO GGZ. In de vragenronde heeft GGZE dit aan de orde gesteld. In de tweede Nota van Inlichtingen van 11 juni 2021 blijkt dat ook andere aanbieders zich er niet in kunnen vinden.

Doordat de Gemeente op een onzorgvuldige wijze tarieven heeft vastgesteld, handelt zij in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

3.3.

De Gemeente voert verweer.

De Gemeente heeft ten behoeve van de aanbesteding reële tarieven vastgesteld voor de Wmo-ondersteuning die zij voor beide percelen wenst in te kopen. De bezwaren van GGZE treffen geen doel, omdat het in casu gaat om generieke ondersteuning en niet om GGZ-zorg die ingekocht wordt. De Gemeente heeft voorzien in een uitgebreide toelichting op haar tarieven. Zij heeft namelijk gebruik gemaakt van alle relevante kostprijselementen zoals genoemd in haar eigen verordening en het uitvoeringsbesluit van de Wmo. De Gemeente heeft toegelicht dat zij de tarieven voor 2022 zorgvuldig heeft vastgesteld. Zij heeft daarvoor de volgende bronnen gebruikt: - de grondslagen voor de tarieven van 2020/2021;

-

meerdere Fysieke Overlegtafels met de aanbieders;

-

Benchmark Care van [A] ;

-

CAO VVT;

-

Vakliteratuur over de gebruikelijke opslagen voor winst en risico.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing