Rechtbank Oost-Brabant, 05-10-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4157, C/01/376770 / HA ZA 21-809
Rechtbank Oost-Brabant, 05-10-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4157, C/01/376770 / HA ZA 21-809
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2022
- Datum publicatie
- 11 oktober 2022
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2022:4157
- Zaaknummer
- C/01/376770 / HA ZA 21-809
Inhoudsindicatie
De Cubaanse overheid heeft aan een joint venture van eiseres en een Cubaanse rechtspersoon een exclusiviteitsrecht verleend voor onder meer de productie, distributie en verkoop van bier en heeft deze exclusiviteit na enige jaren weer ingetrokken. Gedaagde heeft vervolgens in Cuba het recht verkregen voor de productie, distributie en verkoop van bier. Eiseres vordert een verklaring voor recht dat gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld door te profiteren van de schending van het exclusiviteitsrecht van eiseres. Eiseres stelt daartoe dat de Cubaanse overheid onrechtmatig heeft gehandeld door het exclusiviteitsrecht in te trekken en dat gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld door in dit gat te springen. In het incident stelt eiseres in het incident dat de rechtbank niet bevoegd is om over de vordering te oordelen omdat er sprake is van immuniteit van jurisdictie ten aanzien van de Republiek Cuba.
De rechtbank acht zich niet bevoegd van de vordering kennis te nemen vanwege de staatsimmuniteit van Cuba. Ook als de Republiek Cuba zelf geen partij is in de procedure dient de rechtbank te beoordelen of staatsimmuniteit aan kennisneming van de vordering in de weg staat. Er is ten aanzien van de gestelde onrechtmatige daad van de Cubaanse overheid, die mede aan de vordering ten grondslag is gelegd, sprake van overheidshandelen. Het beroep op immuniteit van jurisdictie gaat niet op als er sprake is van handelen van de Cubaanse overheid op gelijke voet als een particulier. Het is aan verweerder in het incident om gemotiveerd te stellen en bij betwisting te bewijzen dat er van die uitzondering sprake is.( Acta iure gestionis). Verweerder in het incident heeft niet aan die gemotiveerde stelplicht voldaan.
Uitspraak
vonnis
Civiel Recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer / rolnummer: C/01/376770 / HA ZA 21-809
Vonnis in incident van 5 oktober 2022
in de zaak van:
de rechtspersoon naar buitenlands recht
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Canada ,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaten: mrs. J.D. Drok en A.M. Bruggink te Amsterdam,
tegen
1. de naamloze vennootschap
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Nederland ,
2. de vennootschap naar Spaans recht
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Spanje ,
gedaagden in de hoofdzaak,
eiseressen in het incident,
advocaat: mr. D.A.M.H.W. Strik te Amsterdam.
Partijen zullen hierna enerzijds [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] en anderzijds [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] genoemd worden.
Inleiding
Deze zaak gaat, kort gezegd, over de (vermeende) rechten van partijen ten aanzien van de Cubaanse biermarkt die door de overheid van de Republiek Cuba wordt gereguleerd.
Eerst aan de orde is de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd is om van het geschil tussen partijen kennis te nemen. De zaak kent immers internationale aspecten en bovendien hebben [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] als exceptief verweer (onder meer) aangevoerd dat er sprake is van immuniteit van jurisdictie van de Republiek Cuba, zodat de rechtbank zich onbevoegd zou moeten verklaren. In dit vonnis komt de rechtbank tot de conclusie dat dit verweer doel treft. De rechtbank verklaart zich om die reden onbevoegd om in de hoofdzaak kennis te nemen van het geschil tussen partijen. Daarmee komt met dit vonnis een einde aan de procedure.
1 De procedure
De procedure blijkt uit:
- de inleidende dagvaarding van 30 augustus 2021 met (10) producties, in zowel de Nederlandse taal als de Spaanse taal, en het certificaat van betekening in het buitenland;
- de incidentele conclusie houdende een vordering tot zekerheidsstelling ex artikel 224 Rv, exceptieve verweren tot onbevoegdverklaring ex artikel 11 Rv, een verzoek tot het gelasten van een mondelinge behandeling en een verzoek tot het gelasten van een regiezitting met (10) producties;
- de conclusie van antwoord in het incident tot zekerheidsstelling ex 224 Rv en exceptie tot onbevoegdheid ex 11 Rv met producties (12-13);
- de akte houdende overlegging producties (11-16) van [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] ;
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling, gehouden op 10 augustus 2022, met daaraan aangehecht de spreekaantekeningen van [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] en de pleitnotities van [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] ;
- de brief van 23 augustus 2022 van mr. Strik met opmerkingen op het proces-verbaal;
- de brief van 1 september 2022 van mr. Drok met opmerkingen op het proces-verbaal en tevens een reactie op voornoemde brief van 23 augustus 2022 van mr. Strik;
Vervolgens is vonnis bepaald in het incident.
2 De feiten
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] is een Canadese onderneming die deel uitmaakt van het Anheuser-Busch InBev-concern (AB InBev). In de bierbranche is AB InBev wereldwijd marktleider. In Nederland is zij vooral bekend van de merken Hertog Jan, Dommelsch, Jupiler, Leffe, Hoegaarden, Budweiser, Beck’s en Corona.
In 1997 heeft [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] met Corporacion Alimentaria S.A. (hierna: Coralsa) een joint venture opgericht onder de naam Cerveceria Bucanero S.A. (hierna: Bucanero). Hiervoor is toestemming verleend door het Uitvoerend Comité van de Raad van Ministers van de Republiek Cuba. [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] en Coralsa hebben ieder een aandelenbelang van 50% in Bucanero. Bucanero houdt zich bezig met de productie, marketing, distributie en verkoop van bier op de Cubaanse markt.
Bij overeenkomst nr. 4330 van 27 februari 2002 van het Uitvoerend Comité van de Raad van Ministers van de Republiek Cuba is aan Bucanero het exclusieve recht verleend om 30 jaar bier te produceren, distribueren en verkopen.
Bij overeenkomst nr. 8002 van 5 oktober 2016 van het Uitvoerend Comité van de Raad van Ministers van de Republiek Cuba is voorzien in een wijziging van de aan Bucanero toegekende exclusiviteit in een voorwaardelijk recht van eerste optie voor [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] om een nieuwe brouwerij te ontwikkelen in ZED Mariel, Cuba.
Bij overeenkomst nr. 8557 van 16 februari 2019 van het Uitvoerend Comité van de Raad van Ministers van de Republiek Cuba zijn de hiervoor genoemde overeenkomst nr. 8002 en daarmee het exclusiviteitsrecht evenals het voorkeursrecht van Bucanero respectievelijk [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] ingetrokken.
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] heeft bij request van 15 februari 2021 een arbitrageprocedure aanhangig gemaakt bij het International Court of Arbitration van de International Chamber of Commerce tegen haar joint-venture-partner Coralsa.
ten aanzien van [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] :
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] maken deel uit van de [A] groep die zich richt op de productie en verkoop van (alcoholvrij) bier en frisdrank. In Nederland is zij vooral bekend van de merken: Bavaria, Swinckels, 8.6, La Trappe en Palm. [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] is opgericht op 16 december 2019. [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] heeft een aandelenbelang van 100% in [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] .
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] en de Cubaanse vennootschap [B] S.A. (hierna: [B] ) hebben in 2020 de Cubaanse vennootschap Cerveceria Cubana S.A. (hierna: Cubana) opgericht. [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] houdt 60% van de aandelen in Cubana.
Cubana is een bierbrouwerij gaan ontwikkelen in ZED Mariel, Cuba.
3 De vordering en het verweer
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] vordert, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
-
te verklaren voor recht dat [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] ieder afzonderlijk dan wel gezamenlijk een onrechtmatige daad plegen jegens [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] door te profiteren van de schending van [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] 's exclusiviteitsrecht althans voorkeursrecht;
-
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] te bevelen met onmiddellijke ingang na betekening van het in deze te wijzen vonnis, iedere activiteit te staken en gestaakt te houden die het exclusiviteitsrecht althans voorkeursrecht van Bucanero in Cuba schendt. Zulks op straffe van verbeurte van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van € 25.000,- en € 25.000,- voor iedere dag of gedeelte dat zij het bevel geheel of gedeeltelijk niet nakomen;
-
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] te veroordelen van vergoeding aan [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] van de door haar geleden en nog te lijden schade ten gevolge van de door [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] gepleegde onrechtmatige daad, een en ander op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening;
-
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] te veroordelen de ongerechtvaardigde verrijking aan [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] terug te betalen;
-
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] te veroordelen in de redelijke en evenredige proceskosten en andere kosten die eiseres heeft gemaakt, zoals bepaald in artikel 237 lid 1 Rv, althans zodanige kosten als de rechter passend acht, alsmede de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW met bepaling dat deze kosten binnen veertien (14) dagen na de datum van het vonnis moeten worden betaald, bij gebreke waarvan [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] in verzuim zullen zijn.
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] hebben hun rechten om verweer te voeren voorbehouden.
in het incident:
[gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] hebben gevorderd bij (provisionele) beschikking, steeds voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. Incident tot zekerheidsstelling ex artikel 224 Rv
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] te veroordelen tot het stellen van zekerheid ten behoeve van ieder der gedaagden in dit incident op grond van artikel 224 Rv voor elk een bedrag van € 147.348,08, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, door middel van:
Primair: het stellen van een deugdelijke bankgarantie afgegeven door een in Nederland gevestigde bank, waarbij de bankgarantie een looptijd dient te hebben tot ten minste een maand nadat de einduitspraak in de hoofdzaak van de onderhavige procedure onherroepelijk is geworden en waarop direct een beroep kan worden gedaan indien een proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard of anderszins voor executie vatbaar is, waarbij deze zekerheid dient te worden gesteld binnen vier weken na de in dit incident te wijzen beschikking, op straffe van niet-ontvankelijkheid van [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] in de bodemprocedure;
Subsidiair : het storten van het bedrag op een te openen escrow rekening bij een in Nederland gevestigde bank, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen vorm van zekerheid, waarop direct een beroep kan worden gedaan indien een proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard of anderszins voor executie vatbaar is en waarbij de zekerheid dient te worden gesteld binnen vier weken na het in dit incident te wijzen beschikking, op straffe van niet ontvankelijkheid van [eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] in de bodemprocedure;
II. Bevoegdheidsexceptie ex artikel 11 Rv
Primair: zich onbevoegd te verklaren kennis te nemen van vorderingen tegen [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] voor zover deze zien op de vermeende (on)rechtmatigheid en wanprestatie gepleegd door de Republiek van Cuba en het gestelde voortduren van het exclusiviteitsrecht van Bucanero wegens immuniteit van jurisdictie van de Republiek Cuba;
Subsidiair: zich onbevoegd te verklaren kennis te nemen van vorderingen tegen [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] ;
III. Verzoek mondelinge behandeling en regiezitting
te gelasten dat ter inhoudelijke behandeling van de door [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 1] en [gedaagde in hoofdzaak, eiseres in incident 2] ingestelde incidenten en excepties een mondelinge behandeling met pleidooi plaatsvindt en dat gedurende diezelfde mondelinge behandeling een regiezitting plaatsvindt;
IV. In alle incidenten en excepties
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] te veroordelen in de kosten van alle incidenten en excepties.
[eiseres in hoofdzaak, verweerster in incident] voert verweer.
Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover van belang voor de beoordeling, worden ingegaan.