Rechtbank Oost-Brabant, 16-12-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:5482, 22/1882 T
Rechtbank Oost-Brabant, 16-12-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:5482, 22/1882 T
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 december 2022
- Datum publicatie
- 17 mei 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2022:5482
- Zaaknummer
- 22/1882 T
Inhoudsindicatie
De rechtbank is er niet van overtuigd dat de door de gemeentelijke regelgever voorgeschreven heffingsmaatstaf niet leidt tot een onredelijke en willekeurige belastingheffing die de wetgever niet voor ogen kan hebben gehad. Zo is niet duidelijk waarop het gehanteerde normbedrag is gebaseerd. De rechtbank twijfelt er door de stellingen van eiseres verder aan of het normbedrag voor champignonkwekerijen in dit geval passend is voor de berekening van de bouwkosten. De heffingsambtenaar wordt in de gelegenheid gesteld het gebrek te herstellen. Er volgt een tussenuitspraak
Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Bestuursrecht
zaaknummer: SHE 22/1882 T
[eiseres] B.V., uit [vestigingsplaats] , eiseres
(gemachtigden: mr. P.J.M. Boomaars en [naam] ),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Gemert-Bakel (de heffingsambtenaar)
(gemachtigden: mr. P. Fermont en E. van den Kerkhof).
Inleiding
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen een aanslag leges ter hoogte van € 33.340,90. Dit bedrag is in rekening gebracht voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de bouw van vier champignoncellen en kantoorruimte en het verplaatsen van een reeds vergunde verpakkingshal.
De heffingsambtenaar heeft op 3 juni 2019 uitspraak gedaan op de bezwaren van eiseres tegen de aanslag leges. Nadat de heffingsambtenaar deze uitspraak op bezwaar had ingetrokken, heeft eiseres het daartegen gerichte beroep bij de rechtbank ingetrokken. Daarna heeft de heffingsambtenaar op 31 december 2019 een tweede uitspraak op bezwaar gedaan. De rechtbank heeft eiseres vervolgens niet-ontvankelijk verklaard in haar beroep tegen de tweede uitspraak op bezwaar. Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft de uitspraak van de rechtbank vernietigd.1 Het gerechtshof heeft geoordeeld dat eiseres ontvankelijk is in haar beroep bij de rechtbank en dat de rechtbank alsnog een inhoudelijke beslissing moet nemen over het beroep van eiseres tegen de eerste uitspraak op bezwaar.
De rechtbank heeft dit beroep op 13 oktober 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigden van eiseres, de heer [naam] , directeur van eiseres, en de gemachtigden van de heffingsambtenaar.