Home

Rechtbank Oost-Brabant, 23-12-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:5674, 21/2249

Rechtbank Oost-Brabant, 23-12-2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:5674, 21/2249

Gegevens

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
23 december 2022
Datum publicatie
16 januari 2023
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2022:5674
Zaaknummer
21/2249

Inhoudsindicatie

Wet WOZ. Waardering wijk-/buurtcentrum. Voldoende rekening gehouden met afnemend grensnut. Restwaardes voldoende aannemelijk gemaakt. Vastgestelde waarde is aannemelijk geworden. Beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Bestuursrecht

zaaknummer: SHE 21/2249

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 december 2022 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: [gemachtigde] ),

en

de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant (de heffingsambtenaar)

(gemachtigde: [gemachtigde] ).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de hoogte van de WOZ1-waarde van het object aan de [adres] .

1.1.

De heffingsambtenaar heeft de WOZ-waarde met de beschikking van 24 februari 2021 vastgesteld op € 487.000. De waarde is vastgesteld op waardepeildatum 1 januari 2020 en geldt voor het kalenderjaar 2021. Met deze waardevaststelling is aan eiseres ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen voor het jaar 2021 opgelegd.

1.2.

Met de beschikking van 11 maart 2021 heeft de heffingsambtenaar de WOZ-waarde ambtshalve verminderd naar € 463.000 en de aanslag onroerendezaakbelasting overeenkomstig die waarde verminderd.

1.3.

Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de vastgestelde WOZ-waarde.

1.4.

De heffingsambtenaar heeft met de uitspraak op bezwaar van 7 augustus 2021 de waarde gehandhaafd. De heffingsambtenaar heeft daarbij de aanslag onroerendezaakbelastingen gehandhaafd.

1.5.

De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

1.6.

De rechtbank heeft het beroep op 29 november 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: [naam] , kantoorgenoot van de gemachtigde van eiseres, en de gemachtigde van de heffingsambtenaar.

Feiten

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie

Informatie over hoger beroep