Rechtbank Oost-Brabant, 09-08-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:4013, 22/1890
Rechtbank Oost-Brabant, 09-08-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:4013, 22/1890
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 9 augustus 2023
- Datum publicatie
- 7 september 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2023:4013
- Zaaknummer
- 22/1890
Inhoudsindicatie
Naheffingsaanslag parkeerbelasting. De heffingsambtenaar is niet geslaagd in zijn bewijslast dat de aanslag terecht is opgelegd. Niet aannemelijk is geworden dat eiseres een redelijke termijn is gegund om de parkeerapparatuur in werking te stellen. Tegenover de door eiseres geschetste gang van zaken heeft de heffingsambtenaar slechts een idee gezet hoe het anders zou kunnen zijn gegaan. Het dossier biedt geen aanknopingspunt voor de veronderstelling van de heffingsambtenaar dat eiseres op de komst van parkeerhandhavers heeft geanticipeerd en daardoor te laat parkeergeld zou hebben betaald. Beroep gegrond
Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Bestuursrecht
zaaknummer: SHE 22/1890
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres,
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant, de heffingsambtenaar
(gemachtigde: mr. A.J. Griethuysen).
Zitting
De rechtbank heeft het beroep van eiseres op 9 augustus 2023 op zitting behandeld. Hierbij was eiseres aanwezig. De heffingsambtenaar werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten en vervolgens uitspraak gedaan.