Home

Rechtbank Oost-Brabant, 16-08-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:4028, C/01/378865 / HA ZA 22-66

Rechtbank Oost-Brabant, 16-08-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:4028, C/01/378865 / HA ZA 22-66

Gegevens

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
16 augustus 2023
Datum publicatie
22 augustus 2023
ECLI
ECLI:NL:RBOBR:2023:4028
Zaaknummer
C/01/378865 / HA ZA 22-66

Inhoudsindicatie

Korte samenvatting: Burenrecht. Buren A hebben een garage laten bouwen dicht tegen de erfgrens met buren B. Het dak van deze garage bevindt zich gedeeltelijk over de erfgrens met buren B. Buren B vorderen dat deze overbouw wordt verwijderd. Buren A beroepen zich op misbruik van recht en vorderen in reconventie legalisering van de overbouw op grond van artikel 5:54 BW. Buren B stellen daartegenover dat buren A bewust het dak over de perceelsgrens hebben laten aanbrengen zodat er sprake is van kwade trouw hetgeen meebrengt dat buren A geen aanspraak kunnen maken op legalisering. Aan buren B wordt bewijs opgedragen van het gestelde bewuste handelen van buren A. Beide buren hebben in hun perceel een bodemenergiesysteem laten aanleggen. Buren A stellen het systeem van buren B het doelmatig functioneren van het eerder geïnstalleerde systeem van buren A kan schaden zodat er sprake is van strijd met artikel 3a.7 Besluit lozing buiten inrichtingen (Blbi). Volgens buren A handelen buren B daarmee onrechtmatig. Buren A vorderen aanpassing van het bodemenergiesysteem van buren B. Buren B voeren tot hun verweer aan dat artikel 3a.7 Blbi niet strekt tot bescherming van belangen van buren A en dat de aanleg van hun bodemenergiesysteem niet in strijd is met artikel 3a.7 Blbi. Het verweer van buren B slaagt.

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Zaaknummer: C/01/378865 / HA ZA 22-66

Vonnis van 16 augustus 2023

in de zaak van

1 [eiser 1] ,

te [woonplaats] ,2. [eiseres 2],

te [woonplaats] ,

eisende partijen in conventie,

verwerende partijen in reconventie,

hierna samen te noemen: [eisers] ,

advocaat: mr. R. Janssen te Helmond,

en

de besloten vennootschap DURATHERM NEDERLAND B.V.

te Elburg,

gevoegde partij in reconventie,

hierna te noemen Duratherm,

advocaat: mr. A. Hofman

tegen

1 [gedaagde 1] ,

te [woonplaats] ,2. [gedaagde 2],

te [woonplaats] ,

gedaagde partijen in conventie,

eisende partijen in reconventie,

hierna samen te noemen: [gedaagden] ,

advocaat: mr. S.M.E. Janssen te Helmond.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 15 juni 2022

- de conclusie van antwoord in reconventie van [eisers] met één productie

- de conclusie van antwoord na voeging van Duratherm met producties 1 t/m 5 - het bericht van 27 februari 2023 met productie ‘Aanvullende informatie hoorzitting’ van [eisers]

- de akte indienen producties van [gedaagden] met producties 10 t/m 14

- de akte van Duratherm met producties 6 en 7- het proces-verbaal van descente en mondelinge behandeling van 23 maart 2023.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

3 Het geschil

4 De beoordeling

5 De beslissing