Rechtbank Oost-Brabant, 24-02-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:797, 22/172
Rechtbank Oost-Brabant, 24-02-2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:797, 22/172
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Oost-Brabant
- Datum uitspraak
- 24 februari 2023
- Datum publicatie
- 14 maart 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2023:797
- Zaaknummer
- 22/172
Inhoudsindicatie
Watersysteemheffing gebouwd. Rechtbank constateert ambtshalve dat er te vroeg uitspraak op bezwaar is gedaan, omdat de WOZ-waarde nog niet onherroepelijk vaststaat. Beroep gegrond. Proceskostenvergoeding gematigd, omdat eiseres (die beroep instelde tegen de WOZ-waarde) dit zelf en eerder naar voren had kunnen brengen waardoor de zaak (als kennelijk gegrond) buiten zitting had kunnen worden afgedaan. Verzoek om immateriële schadevergoeding afgewezen. De rechtbank geeft verder de Hoge Raad in overweging om zijn rechtspraak m.b.t. het niet kunnen intrekken van een eenmaal gedane uitspraak op bezwaar (vgl. ECLI:NL:HR:2012:BT1516) nog eens tegen het licht te houden.
Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Bestuursrecht
zaaknummer: SHE 22/172
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant, de heffingsambtenaar
(gemachtigde: mr. A.J. van Griethuysen).
Zitting
De rechtbank heeft het beroep van eiser op 24 februari 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van de heffingsambtenaar deelgenomen.
De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten en vervolgens uitspraak gedaan.