Rechtbank Overijssel, 19-05-2014, ECLI:NL:RBOVE:2014:2682, Awb 13/2815
Rechtbank Overijssel, 19-05-2014, ECLI:NL:RBOVE:2014:2682, Awb 13/2815
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Overijssel
- Datum uitspraak
- 19 mei 2014
- Datum publicatie
- 23 oktober 2014
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2014:2682
- Zaaknummer
- Awb 13/2815
- Relevante informatie
- Gemeentewet [Tekst geldig vanaf 12-02-2025 tot 01-01-2026] art. 229
Inhoudsindicatie
Aan gastouderbureau opgelegde legesaanslag voor het in behandeling nemen van een verzoek tot registratie van de gastouder in het LRKP; beroep ongegrond.
Uitspraak
Bestuursrecht
Zittingsplaats Zwolle
Registratienummer: Awb 13/2815
uitspraak van de meervoudige belastingkamer in het geschil tussen
[eiseres] B.V.,
gevestigd te Bladel, eiseres,gemachtigde: D.S.C. Jansen,
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Hellendoorn,
verweerder.
13/2815
1 Ontstaan en loop van het geding
Bij besluit van 10 april 2013 heeft verweerder aan eiseres een legesaanslag opgelegd ter hoogte van € 220,- voor het in behandeling nemen van het verzoek tot registratie van
[naam]in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (LRKP).
Bij besluit van 25 november 2013 heeft verweerder het hiertegen door eiseres ingediende bezwaar ongegrond verklaard.
Tegen dit besluit heeft eiseres beroep ingesteld.
Verweerder heeft verweer gevoerd.
Het beroep is behandeld ter zitting van 13 juni 2014. Namens eiseres is verschenen haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door H. Harting-Ekkel,
C.G. Motshagen en J. Dokter.
De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek ter zitting gesloten.
2 De feiten
Eiseres voert een gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wko). Ingevolge dit artikel is een gastouderbureau een organisatie die gastouderopvang tot stand brengt en begeleidt en door tussenkomst van wie de betaling van ouders aan gastouders geschiedt. Artikel 1.45, tweede lid, van de Wko brengt mee dat de houder van een gastouderbureau een aanvraag tot inschrijving indient voor degene die door zijn tussenkomst voornemens is gastouderopvang te bieden. Op 9 april 2013 heeft eiseres in haar hoedanigheid als houder van een gastouderbureau namens
[naam]bij de gemeente Hellendoorn een aanvraag ingediend voor het bieden van kinderopvang. Voor het in behandeling nemen van deze aanvraag heeft verweerder op grond van de Verordening op de heffing en invordering van leges 2013 van de gemeente Hellendoorn (hierna: de Verordening) aan eiseres een legesaanslag opgelegd ter hoogte van
€ 220,-.
3 Het geschil
In geschil is de vraag of verweerder aan eiseres terecht een legesaanslag heeft opgelegd ter hoogte van € 220,- voor het in behandeling nemen van het verzoek tot registratie van
[naam]in het LRKP.
Eiseres stelt zich op het standpunt dat bij het in behandeling nemen van een aanvraag tot inschrijving van een gastouder in het LRKP meer het algemeen belang vooropstaat dan het individuele belang dat een gastouderbureau daarbij heeft. Deze handeling is volgens haar daarom meer gelegen in de sfeer van de publieke taakuitoefening door de gemeente. Om die reden kan het in behandeling nemen van een dergelijke aanvraag volgens eiseres niet worden aangemerkt als een dienst in de zin van artikel 229, eerste lid, onder b, van de Gemeentewet en mogen voor die handeling geen leges worden geheven. Daarnaast is eiseres van mening dat de Verordening onverbindend dient te worden verklaard.
Verweerder stelt zich op het standpunt dat de legesaanslag op grond van de Verordening terecht is opgelegd. Tevens is hij van mening dat er geen aanleiding is om de Verordening onverbindend te verklaren.