Rechtbank Overijssel, 26-10-2015, ECLI:NL:RBOVE:2015:5790, 08/997001-13
Rechtbank Overijssel, 26-10-2015, ECLI:NL:RBOVE:2015:5790, 08/997001-13
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Overijssel
- Datum uitspraak
- 26 oktober 2015
- Datum publicatie
- 28 januari 2016
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2015:5790
- Zaaknummer
- 08/997001-13
Inhoudsindicatie
Een directeur van een sauna in de gemeente Noorderveld en een pluimveebedrijf in de gemeente Leek is veroordeeld voor de illegale omgang, opslag en afvoer van asbest. De rechtbank Overijssel oordeelt dat hij en de bedrijfsleider van het pluimveebedrijf verantwoordelijk zijn voor de verkeerde verwerking van verontreinigd puin van een afgebrande buitensauna en afgebroken kippenschuren.
De directeur is veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van 2 maanden, met een proeftijd van 3 jaar en een taakstraf van 180 uur. De bedrijfsleider kreeg 1 maand voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en een taakstraf van 120 uur opgelegd. De B.V. van de sauna kreeg een boete van 4.000 euro, het pluimveebedrijf een boete van 20.000 euro.
De mannen zijn als leidinggevende, deels zelfs willens en wetens, tekortgeschoten in de regels rond de omgang van asbest en namen daarmee de risico’s voor mens en milieu op de koop toe. De rechtbank rekent hen dit dan ook zwaar aan. Te meer nu het zich laat aanzien dat de mannen zich hebben laten leiden door financiële motieven ten gunste van de vennootschap(pen). Zie ook ECLI:NL:RBOVE:2015:5791
Uitspraak
Afdeling Strafrecht
Zittingsplaats Almelo
Parketnummer: 08/997001-13
Datum vonnis: 26 oktober 2015
Vonnis op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige economische kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1938 in [geboorteplaats] ,
wonende in [woonplaats] .
1 Het onderzoek op de terechtzitting
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 12 oktober 2015. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. D. van Ieperen en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman
mr. U. van Ophoven, advocaat te Leek, naar voren is gebracht.
2 De tenlastelegging
Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte (na wijziging van de tenlastelegging) dat:
1.
[bedrijf 1] B.V.op één of meer tijdstip(pen) in het jaar 2011 te Zevenhuizen, gemeente Leek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, danwel alleen, opzettelijk een handeling met betrekking tot een afvalstof heeft verricht en/of laten verrichten, te weten het verwijderen en/of laten verwijderen van asbest uit één of meer kippenstal(len) gelegen op een perceel aan de [adres] , terwijl [bedrijf 1] B.V. en/of haar mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs had(den) kunnen weten dat daardoor nadelige
gevolgen voor het milieu ontstonden of konden ontstaan, niet aan haar verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van haar en/of haar mededader(s) konden worden gevergd, teneinde die gevolgen zoveel mogelijk te voorkomen en/of te beperken zulks terwijl hij, verdachte, tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven
en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
2.
[bedrijf 1] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in het jaar 2011 te Zevenhuizen, gemeente Leek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen, als degene(n) die anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf asbest of asbesthoudende product(en) uit een bouwwerk of object heeft/hebben verwijderd, te weten één of meer de(e)l(en) van (een) wand(en) die zich bevond(en) in (een) kippenschu(u)r(en) gelegen op een perceel aan de [adres] , opzettelijk met betrekking tot dat bouwwerk of object niet beschikte(n) over een asbestinventarisatierapport, zulks terwijl hij verdachte, tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
althans, voor zover voor het vorenstaande onder 2 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair, terzake dat
[bedrijf 1] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in het jaar 2011 te Zevenhuizen, gemeente Leek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen, als degene die anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf een bouwwerk of object, te weten één of meer de(e)l(en) van wand(en) die zich bevond(en) in (een) kippenschu(u)r(en) gelegen op een perceel aan de [adres] , geheel of gedeeltelijk heeft afgebroken en/of uit elkaar heeft genomen, opzettelijk, met betrekking tot genoemd bouwwerk of object, danwel het gedeelte daarvan ten aanzien waarvan die handeling werd verricht, niet beschikte over een asbestinventarisatierapport, terwijl zij verdachte en/of haar mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs kon(den) weten dat zich in dat bouwwerk of object asbest en/of asbesthoudend product bevond, zulks terwijl hij, verdachte, tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
3.
[bedrijf 1] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in het jaar 2011 te Zevenhuizen, gemeente Leek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen, het verwijderen van asbest of asbesthoudende producten uit een bouwwerk of object, te weten één of meer de(e)l(en) van (een) wand(en) die zich bevond(en) in (een) kippenschu(u)r(en, gelegen op een perceel aan de [adres] , terwijl de concentratie van asbeststof was ingedeeld in risicoklasse 2 als bedoeld in artikel 4.48 onderscheidenlijk artikel 4.53a van
het Arbeidsomstandighedenbesluit, opzettelijk niet heeft laten verrichten door een bedrijf dat in het bezit was van een certificaat als bedoeld in artikel 4.54d eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit, zulks terwijl hij, verdachte, tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
4.
[bedrijf 1] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in het jaar 2011 te Zevenhuizen, gemeente Leek, als werkgever, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, danwel alleen, opzettelijk handelingen heeft verricht en/of nagelaten in strijd met de Arbeidsomstandighedenwet en/of de daarop rustende bepalingen, immers heeft zij opzettelijk in strijd met artikel 4.1b lid 1 van het Arbeidsomstandighedenbesluit niet gezorgd voor doeltreffende bescherming van de gezondheid en veiligheid van de werknemer(s) [werknemer 1] en/of [werknemer 2] die werden of konden worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen, te weten asbest, en/of in strijd met artikel 4.54a lid 1 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, niet voldaan aan de verplichting, in het kader van de beoordeling bedoeld in artikel 4.2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, de aanwezigheid van asbest en/of asbesthoudende producten volledig te inventariseren voordat werd aangevangen met
- -
-
Het verwijderen van asbest en/of asbesthoudende producten, te weten één of meer de(l)en) van (een) wand(en) die zich bevonden in (een) kippenschu(u)r(en) gelegen op een perceel aan de [adres] en/of
- -
-
Het geheel of gedeeltelijk afbreken of uit elkaar nemen van een bouwwerk en/of object, te weten een kippenschu(u)(en) gelegen op een perceel aan de [adres] ) (niet zijnde een grondwerk) waarin asbest of asbesthoudende producten is/was verwerkt,
terwijl daardoor, naar zij wist of redelijkerwijs moest weten, levensgevaar of ernstige schade aan de gezondheid van voornoemde werknemer(s) ontstond of te verwachten was, zulks terwijl hij, verdachte tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
5.
[bedrijf 1] B.V op één of meer tijdstip(pen) in de periode 01 januari 2011 tot en met 1 juni 2013 te Zevenhuizen, gemeente Leek tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen opzettelijk op of in de bodem een handeling als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet bodembescherming heeft verricht en/of laten verrichten te weten het in de bodem brengen en/of laten brengen van asbest terwijl [bedrijf 1] B.V. en/of haar mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) kunnen vermoeden, dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast, en opzettelijk niet aan haar verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van haar en/of haar mededader(s) kond(en) worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of
aantasting te voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed, de verontreiniging of de aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken, zulks terwijl hij, verdachte tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
6.
[bedrijf 1] B.V. en/of [bedrijf 2] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 13 januari 2013 tot en met 1 juni 2013, te Zevenhuizen, gemeente Leek tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen opzettelijk op of in de bodem een handeling als bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet bodembescherming heeft verricht en/of laten verrichten te weten het in de bodem brengen en/of laten brengen van (verontreinigd) puin, terwijl [bedrijf 1] B.V. en/of [bedrijf 2] B.V.en/of haar mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) kunnen vermoeden, dat door die handeling de bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast, en opzettelijk niet aan haar verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen
die redelijkerwijs van haar en/of haar mededader(s) kond(en) worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of aantasting te voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed, de verontreiniging of de aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken, zulks terwijl hij, verdachte tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven;
althans, voor zover voor het vorenstaande onder 6 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair, terzake dat
[bedrijf 1] B.V. en/of [bedrijf 2] B.V. op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 13 januari 2013 tot en met 1 juni 2013 te Zevenhuizen, gemeente Leek, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, danwel alleen, opzettelijk een handeling met betrekking tot een afvalstof heeft verricht en/of laten verrichten, te weten het in de bodem brengen en/of laten brengen van (verontreinigd) puin, terwijl zij en/of haar mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs had(den) kunnen weten dat daardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of konden ontstaan, niet aan haar
verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van haar en/of haar mededader(s) konden worden gevergd, teneinde die gevolgen zoveel mogelijk te voorkomen en/of te beperken, zulks terwijl hij, verdachte tot vorenomschreven feit opdracht heeft gegeven en/of aan die gedraging feitelijk leiding heeft gegeven.
De rechtbank merkt op dat op de vordering wijziging tenlastelegging d.d. 12 oktober 2015 een foutief parketnummer staat vermeld, te weten 08/950406-14. Omdat verdachte en zijn raadsman ter zitting kennis hebben genomen van bedoelde vordering en daarmee hebben ingestemd, vat de rechtbank dit op als een kennelijke verschrijving en leest hier verbeterd parketnummer 08/997001-13. De verdachte is door deze verbetering niet in zijn verdediging geschaad.
3 De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de feiten 1, 2 primair, 3, 4, 5 en 6 primair wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vier maanden met een proeftijd van drie jaar, alsmede tot een taakstraf voor de duur van 240 uur, bij niet verrichten te vervangen door 120 dagen hechtenis en met aftrek van voorarrest.