Home

Rechtbank Overijssel, 21-12-2018, ECLI:NL:RBOVE:2018:4956, 08-994542-15 (P)

Rechtbank Overijssel, 21-12-2018, ECLI:NL:RBOVE:2018:4956, 08-994542-15 (P)

Gegevens

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
21 december 2018
Datum publicatie
21 december 2018
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2018:4956
Zaaknummer
08-994542-15 (P)

Inhoudsindicatie

De rechtbank Overijssel veroordeelt een ingenieurs- en adviesbureau tot een voorwaardelijke geldboete van 5000 euro met een proeftijd van 2 jaar voor overtreding van de Wet milieubeheer. Zie ook:

ECLI:NL:RBOVE:2018:4963

ECLI:NL:RBOVE:2018:4964

Uitspraak

Team Strafrecht

Meervoudige economische kamer

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer 08-994542-15 (P)

Datum vonnis: 21 december 2018

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,,

gevestigd aan de [adres 1] .

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 7 juni 2018 en 13 december 2018.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. D. van Ieperen en van hetgeen namens verdachte, ter terechtzitting vertegenwoordigd door W.R. Meijer, en de raadsman mr. W.J.Th. Bustin, advocaat te Veendam, naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, na wijziging van de tenlastelegging van 7 juni 2018, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

feit 1: al dan niet samen met anderen een (deel van een) perceel opzettelijk zonder vergunning heeft ontgrond, dan wel heeft toegelaten dat werd ontgrond;

feit 2: al dan niet samen met een ander opzettelijk bedrijfsmatig handelingen met afvalstoffen heeft verricht, terwijl zij wist of kon weten dat daardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of konden ontstaan, dan wel

dat zij al dan niet samen met een ander handelingen heeft verricht, waarvan zij wist of kon vermoeden dat daardoor de bodem kon worden verontreinigd of aangetast, en opzettelijk niet alle maatregelen heeft genomen om de verontreiniging of aantasting te voorkomen of de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

1

zij in of omstreeks de periode van 02 jun 2014 tot en met 05 aug 2014 te Midwolda, gemeente Oldambt, tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen, een (deel van een) perceel grond, kadastraal bekend onder gemeente Midwolda, sectie [nummer 1] , (het gemeentelijk depot), opzettelijk zonder vergunning heeft ontgrond, dan wel als gebruiker van genoemd perceel heeft toegelaten dat werd ontgrond, immers heeft/hebben zij verdachte en/of haar mededader(s) toen, daar,(telkens) opzettelijk zonder vergunning in totaal (ongeveer) 16.000 m3, althans meer dan 10.000 m3 bodemmateriaal, te weten zand, geput/afgegraven, en/of doen putten/afgraven en/of zulks heeft/hebben toegelaten, uit voornoemd perceel, en/of was dat zand in depot gezet en/of naar elders afgevoerd;

2

zij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 02 juni 2014 tot en met 05 augustus 2014, althans van 23 juli 2014 tot en met 4 augustus 2014 te Midwolda, gemeente Oldambt, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, danwel alleen, opzettelijk in strijd met artikel 10.1 lid 3 van de Wet milieubeheer bedrijfsmatig en/of in een omvang en/of op een wijze alsof deze bedrijfsmatig was, één of meer handeling(en) met betrekking tot afvalstoffen heeft verricht,

terwijl daardoor naar zij en/of haar mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs had(den) kunnen weten, nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of konden onstaan, immers heeft zij, verdachte, en/of haar mededader(s) toen,daar (telkens) (beton)puin en/of mest laten storten en/of gestort in een zandput die was gelegen op het gemeentelijk depot, kadastraal bekend gemeente Midwolda, sectie [nummer 1] ;

althans, voor zover voor het vorenstaande geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat

zij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 02 juni 2014 tot en met 05 augustus 2014, althans van 23 juli 2014 tot en met 4 augustus 2014 te Midwolda, gemeente Oldambt, tezamen en in vereniging met een ander of anderen danwel alleen, op of in de bodem (een) handeling(en) heeft verricht, te weten het (laten) storten van (beton)puin en/of mest in een zandput die was gelegen op het gemeentelijk depot, kadastraal bekend gemeente Midwolda, sectie [nummer 1] , terwijl zij en/of haar mededader(s) wist(en) althans redelijkerwijs had kunnen vermoeden, dat door die handeling(en) de bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast, en opzettelijk niet aan haar verplichting heeft voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van haar en/of haar mededader(s) konden/kunnen worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of aantasting te voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed, de verontreiniging of de aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken

en zoveel mogelijk ongedaan te maken.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De bewijsoverwegingen

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

6 De strafbaarheid van verdachte

7 De op te leggen straf of maatregel

8 De toegepaste wettelijke voorschriften

9 De beslissing