Home

Rechtbank Overijssel, 07-04-2021, ECLI:NL:RBOVE:2021:1506, C/08/262365 / KG ZA 21-46

Rechtbank Overijssel, 07-04-2021, ECLI:NL:RBOVE:2021:1506, C/08/262365 / KG ZA 21-46

Gegevens

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
7 april 2021
Datum publicatie
12 april 2021
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2021:1506
Zaaknummer
C/08/262365 / KG ZA 21-46

Inhoudsindicatie

Gedaagde heeft beeldmateriaal (foto’s en filmpjes) op social media geplaatst van het minderjarige zoontje van eiseres. Dit is in strijd met de wettelijke bepalingen daaromtrent (AVG en Uitvoeringswet AVG). Voor het plaatsen van foto’s van minderjarigen die de leeftijd van zestien jaren nog niet hebben bereikt, is toestemming van de wettelijk vertegenwoordiger vereist. Eiseres heeft geen toestemming gegeven aan gedaagde om beeldmateriaal te plaatsen. Het beeldmateriaal moet verwijderd worden.

Uitspraak

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer / rolnummer : C/08/262365 / KG ZA 21-46

Vonnis in kort geding van 7 april 2021

in de zaak van

[eiseres] ,

wonende te [woonplaats] ,

eisende partij, hierna te noemen [eiseres] ,

advocaat: mr. B.A.M. Oude Breuil te Enschede,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,verschenen in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 2 maart 2021 met producties,- de akte wijziging van eis van 22 maart 2021,

- de mondelinge behandeling via skype, gehouden op 24 maart 2021, waarbij [eiseres] is verschenen, bijgestaan door haar advocaat mr. Oude Breuil. Ook [gedaagde] is verschenen. Van de zitting heeft de griffier aantekeningen gemaakt.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiseres] heeft een relatie gehad met de heer [X] . Uit deze relatie is op [geboortedatum] geboren [minderjarige] . [eiseres] en [X] oefenen het gezamenlijke gezag uit over [minderjarige] .

2.2.

Nadat de relatie tussen [eiseres] en [X] eindigde, kreeg [X] een relatie met [gedaagde] . [minderjarige] verbleef toen grotendeels bij [X] , die samenwoonde met [gedaagde] .

2.3.

[X] en [gedaagde] hebben samen ook een kindje. De relatie van [X] en [gedaagde] is inmiddels geëindigd.

2.4.

[minderjarige] heeft zijn hoofdverblijf inmiddels bij [eiseres] en er is een zorgregeling vastgelegd. [eiseres] en [X] hebben gezamenlijk het ouderlijk gezag over [minderjarige] . 2.5. [gedaagde] heeft beeldmateriaal op social media geplaatst van [minderjarige] .

2.6.

Bij brief van 4 februari 2021 hebben [eiseres] en [X] aan [gedaagde] het verzoek gedaan om beeldmateriaal te verwijderen. Voor zover van belang staat er in de brief:‘(...)op uw Facebook pagina staan <foto’s / videobeelden> waarop onze zoon, [minderjarige] te herkennen is.Een <foto / video> waarop onze zoon, [minderjarige] herkenbaar in beeld is, is een persoonsgegeven. In de wet staat dat de persoonsgegevens alleen mogen worden gebruikt als wij als ouders zijnde hier ondubbelzinnig toestemming voor geven.Wij geven geen toestemming voor het plaatsen van deze beelden. Wij zijn van mening dat dit in strijd is met onze zoon, [minderjarige] zijn recht op privacy.wij vragen u daarom alle <foto’s / videobeelden> waarvan [minderjarige] op te herkennen is voor 10 februari 2021 te verwijderen. Indien het beeldmateriaal niet voor de 10 februari 2021 verwijderd zal zijn, zullen wij genoodzaakt zijn juridische stappen te gaan zetten.(...)’.

2.7.

Bij brief van 11 februari 2021 heeft de advocaat van [eiseres] [gedaagde] gesommeerd alsnog uiterlijk 17 februari 2021 het beeldmateriaal te verwijderen, bij gebreke waarvan een gerechtelijke procedure zal worden gestart.

2.8.

[gedaagde] heeft het beeldmateriaal niet verwijderd.

3 Het geschil

De vordering 3.1. [eiseres] vordert na wijziging van eis -samengevat- dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad en uitvoerbaar op de minuut [gedaagde] veroordeelt om binnen acht dagen na betekening van het vonnis al het door of namens haar geplaatste beeldmateriaal van [minderjarige] c.q. waar [minderjarige] mede op is afgebeeld op alle social media of anderszins op internet, in het bijzonder op Facebook, te (laten) verwijderen en daarvan verwijderd te houden, onder verbeurte van een dwangsom van € 50,00 per dag met een maximum tot € 10.000,00, kosten rechtens.

3.2.

[eiseres] legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. In de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegegevensbescherming (hierna: Uitvoeringswet AVG) is bepaald dat voor het plaatsen van foto’s van minderjarigen, die de leeftijd van 16 jaar nog niet hebben bereikt, toestemming van hun wettelijke vertegenwoordigers is vereist. [eiseres] stelt geen toestemming te hebben gegeven voor het plaatsen van beeldmateriaal van [minderjarige] . Het beeldmateriaal moet verwijderd worden. Volgens [eiseres] heeft [X] zich achter haar verzoek geschaard, dit blijkt ook uit de door [eiseres] en [X] ondertekende brief van 4 februari 2021. [gedaagde] handelt onrechtmatig, aldus [eiseres] .

Het verweer

3.3.

[gedaagde] concludeert tot afwijzing van de vordering van [eiseres] . [gedaagde] heeft naar voren gebracht dat zij het vreemd vindt dat dit verzoek komt nu de relatie tussen haar en [X] voorbij is. [gedaagde] en [X] hadden een gezamenlijke Facebook. Ook [X] plaatste daar foto’s op van [minderjarige] , aldus [gedaagde] .

Volgens [gedaagde] heeft [X] nooit gezegd dat hij niet wil dat er foto’s worden geplaatst en staat hij ook niet achter dit verzoek. [gedaagde] en [X] hebben samen ook een kindje, dit is het halfzusje van [minderjarige] . Zij staan ook samen op foto’s. [gedaagde] heeft een band opgebouwd met [minderjarige] en zij kan en wil de herinneringen niet uitwissen. Als het beeldmateriaal van internet af moet, dan plakt zij de foto’s van [minderjarige] wel af, zodat hij niet meer herkenbaar in beeld is.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing