Rechtbank Overijssel, 21-01-2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:219, 276078 FT RK 22/19
Rechtbank Overijssel, 21-01-2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:219, 276078 FT RK 22/19
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Overijssel
- Datum uitspraak
- 21 januari 2022
- Datum publicatie
- 27 januari 2022
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2022:219
- Formele relaties
- Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBOVE:2021:4948
- Zaaknummer
- 276078 FT RK 22/19
Inhoudsindicatie
Art. 87 Fw. Verlenging verzekerde bewaring i.v.m. bij herhaling niet voldoen aan de inlichtingenplicht.
Uitspraak
Team Toezicht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: 276078 FT RK 22/19
Faillissementsnummer: F.08/20/38
datum beschikking: 21 januari 2022
Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, meervoudige kamer voor burgerlijke zaken.
Gelet op het vonnis van deze rechtbank van 10 december 2019 waarbij in staat van faillissement is verklaard:
geboren [1962] te [geboorteplaats],
wonende te [plaats], [adres],
met benoeming van mr. A.H. Margadant, lid dezer rechtbank, tot rechter-commissaris, en met aanstelling van mr. S. Volk, advocaat te Enschede, tot curator.
Gezien de beschikking van deze rechtbank van 26 oktober 2021 waarbij mr. N.J.H. Leferink, advocaat te Enschede tot medecurator is aangesteld.
Het procesverloop
Bij beschikking van 8 juni 2021 heeft de rechtbank bevolen dat [X] in verzekerde bewaring zal worden gesteld. Dat bevel is op 24 september 2021 ten uitvoer gelegd.
Bij beschikking van 14 oktober 2021 heeft deze rechtbank het verzoek van [X] tot primair ontslag uit de bewaring, subsidiair schorsing van de bewaring afgewezen en eveneens een verzoek van de curator tot verlenging van de bewaring afgewezen.
Bij beschikking van 21 oktober 2021 heeft deze rechtbank de termijn gedurende welke het bevel tot in verzekerde bewaringstelling van [X] van kracht is met dertig dagen verlengd.
Bij beschikking van 10 november 2021 heeft deze rechtbank een door [X] ingediend verzoek tot opheffing dan wel schorsing van de bewaring afgewezen en [X] niet ontvankelijk verklaard in zijn subsidiaire verzoek tot opheffing van de bewaring zodra een nieuwe termijn van de bewaring aanvangt.
Bij beschikking van 22 november 2021 heeft deze rechtbank de termijn gedurende welke het bevel tot in verzekerde bewaringstelling van [X] van kracht is opnieuw met dertig dagen verlengd en een verzoek van [X] tot opheffing dan wel schorsing van de bewaring afgewezen.
Bij beschikking van 9 december 2021 heeft deze rechtbank een door [X] ingediend verzoek tot opheffing dan wel schorsing van de bewaring afgewezen.
Bij beschikking van 21 december 2021 heeft deze rechtbank de termijn gedurende welke het bevel tot in verzekerde bewaringstelling van [X] van kracht is wederom met dertig dagen verlengd en een verzoek van [X] tot opheffing dan wel schorsing van de bewaring afgewezen.
Bij verzoekschrift van 13 januari 2022 hebben de curatoren verzocht om de termijn gedurende hetwelk het bevel tot in verzekerde bewaringstelling van [X] van kracht is met dertig dagen te verlengen.
De rechter-commissaris heeft haar standpunt ten aanzien van dat verzoek schriftelijk op 17 januari 2022 kenbaar gemaakt.
Op 18 januari 2022 is het verzoek ter zitting met gesloten deuren behandeld en zijn de curatoren en [X], bijgestaan door mr. M.M.A.J. Goris, advocaat te Rotterdam, gehoord.
Van hetgeen ter zitting is verhandeld zijn door de griffier aantekeningen gemaakt.
Het verzoek van de curatoren.
De curatoren hebben verzocht om de termijn gedurende welke het bevel tot in verzekerde bewaringstelling van [X] van kracht is, met dertig dagen te verlengen. De curatoren hebben aan dat verzoek ten grondslag gelegd dat het overgrote deel van de informatie en documenten die [X] moet aanleveren en waarover reeds in het faillissementsverhoor van 28 september 2021 is gesproken nog altijd niet is aangeleverd. De curatoren zijn nog immer van mening dat [X], ook ten aanzien van de na het verhoor opgekomen vragen, vaag, onvolledig en vaak ook tegenstrijdig antwoordt. De informatie die hij verstrekt is in de regel summier, niet of moeilijk verifieerbaar en vaak in strijd met de waarheid, althans in ieder geval in strijd met de bevindingen van anderen.
Daarnaast is aangevoerd dat door [X] louter reactief wordt gereageerd op vragen die de curatoren hem stellen aan de hand van de stukken die zij van de familie van [X] hebben ontvangen. De curatoren hebben het vermoeden dat er nog (veel) meer kwesties spelen. Het is aan [X] om – op eigen initiatief – daar openheid over te verschaffen.
Tijdens de vorige zitting is door de curatoren voorgesteld om de verschillende digitale gegevens aan [X] beschikbaar te stellen. Vanwege technische moeilijkheden binnen de penitentiaire inrichting is aan dat nog niet mogelijk gebleken. Het ligt in de lijn der verwachting dat dit eerdaags is opgelost. Een medewerker van de penitentiaire inrichting heeft aan de curatoren medegedeeld dat aan [X] een laptop beschikbaar kan worden gesteld. Met die laptop kan [X] in zijn cel dagelijks vanaf het einde van de middag tot de volgende ochtend aan de slag. Hierdoor krijgt [X] veel meer dan voorheen de beschikking over gegevens en bestanden die relevant kunnen zijn voor de opheldering van een aantal vragen.
Het door de curatoren bij eerdere verzoeken ingenomen standpunt dat [X], ook zonder te kunnen beschikken over de digitale bestanden veel meer informatie moet kunnen verstrekken dan hij tot nu toe heeft verstrekt, is door de curatoren gehandhaafd.
Het standpunt van de rechter-commissaris
Op 17 januari 2022 heeft de rechter-commissaris schriftelijk haar standpunt kenbaar gemaakt. De rechter-commissaris is van mening dat [X] nog altijd niet voldoet aan de op hem rustende inlichtingenplicht. De vragenlijst van 28 september 2021 is nog altijd niet volledig beantwoord. Vragen die sindsdien zijn opgekomen bij de curatoren worden eveneens niet, althans niet volledig beantwoord. De antwoorden die [X] geeft op de vragen van de curatoren zijn nog altijd vaag, tegenstrijdig, onvolledig en niet verifieerbaar. De curatoren trachten de verlangde informatie op andere wijze te bemachtigen en hebben daartoe de telefoon van [X] ingenomen, echter heeft [X] de benodigde toegangscode nog steeds niet aan de curatoren verstrekt.
De rechter-commissaris is van mening dat nu de gronden voor de verzekerde bewaring onverkort aanwezig zijn en [X], terwijl hij meer kan en moet verklaren, onvoldoende meewerkt, verlenging van de bewaring opportuun, proportioneel en gerechtvaardigd is.