Home

Rechtbank Overijssel, 08-10-2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:5600, 321061 FT RK 24/619

Rechtbank Overijssel, 08-10-2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:5600, 321061 FT RK 24/619

Gegevens

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
8 oktober 2024
Datum publicatie
28 oktober 2024
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2024:5600
Zaaknummer
321061 FT RK 24/619

Inhoudsindicatie

WHOA: Rechtbank wijst verzoek tot homologatie af en wijst observator aan als herstructureringsdeskundige.

Uitspraak

vonnis

Team Insolventie – meervoudige kamer

Verzoek tot homologatie van een onderhands akkoord ex artikel 383 Fw

rekestnummer: 321061 FT RK 24/619

uitspraakdatum: 8 oktober 2024

Vonnis op het ingekomen verzoekschrift ex artikel 383 lid 1 Faillissementswet (Fw) en op het ingekomen verzoekschrift ex artikel 383 lid 8 Fw in de besloten akkoordprocedure buiten faillissement, van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[verzoekster] B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats] ,

hierna te noemen: [verzoekster] ,

advocaten: mrs. F. el Houzi en C. Dursun te Rotterdam.

1 Kern van de beslissing

1.1.

In dit vonnis wijst de rechtbank het verzoek tot homologatie van het door [verzoekster] aan haar schuldeisers aangeboden akkoord af, trekt de rechtbank de aanstelling van mr. J.C.M. Silvius als observator in en wijst zij aansluitend mr. J.C.M. Silvius aan tot herstructureringsdeskundige.

1.2.

[verzoekster] heeft onvoldoende aangevoerd om een stemtermijn van acht dagen te rechtvaardigen. Het akkoord geeft daarnaast onvoldoende informatie, met name met betrekking tot: het bedrag van de schuld aan Rabobank, de reden voor het kiezen van het herstructureringsplan van [verzoekster] boven een alternatieve voorstel van Medtec en het feit dat de verdeling van de reorganisatiewaarde onder schuldeisers niet in lijn is met de wettelijke rangorde. De rechtbank vindt dat dit gebrek aan informatie waarschijnlijk invloed zou hebben gehad op de stembeslissingen van de schuldeisers. De rechtbank heeft twijfels over de haalbaarheid van het herstructureringsplan van [verzoekster] , met name gelet op het alternatieve voorstel van Medtec. [verzoekster] heeft de potentiële impact van het beëindigen van het partnerschap met Medtec en de onzekerheden met betrekking tot zijn toekomstige plannen niet voldoende aangepakt.

2 De procedure

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende processtukken:

- het verzoekschrift homologatie akkoord ex artikel 383 lid 1 Fw, met bijlagen, van [verzoekster] , ingekomen op 17 september 2024;

- de beschikking van deze rechtbank van 19 september 2024 tot aanstelling van mr. Silvius als observator, en de daarin genoemde stukken;

- de beschikking dagbepaling van de rechtbank van 20 september 2024;

- de zienswijze van de observator van 3 oktober 2024;

- het afwijzingsverzoek ex artikel 383 lid 8 Fw, tevens zienswijze ex artikel 384 lid 7 Fw, tevens verzoek aanwijzing herstructureringsdeskundige ex artikel 380 lid 2 Fw, met bijlagen, van de zijde van Medtec, van 4 oktober 2024;

- de door de rechtbank bij [verzoekster] opgevraagde kredietdocumentatie betreffende Rabobank.

2.2.

De verzoeken zijn op 8 oktober 2024 in raadkamer behandeld en nader toegelicht. Daarbij zijn door middel van een videoverbinding verschenen:

van de zijde van [verzoekster] :

- de heer [naam 1] , bestuurder;

- de heer [naam 2] , R.R.F.A.

- mr. F. El Houzi, voornoemd;

- mr. C. Dursun, voornoemd;

van de zijde van de schuldeisers/aandeelhouders: - de heer [naam 3] , namens de besloten vennootschappen [bedrijf 1] B.V. en Pinpoint Advisory Services B.V.;- mevrouw [naam 4] , namens de besloten vennootschap [bedrijf 2] B.V.;- de heer [naam 5] , gemachtigde van de schuldeisers/aandeelhouders;

van de zijde van de Medtec

- de heer [naam 6] ;- de heer [naam 7] ;

- de heer [naam 8] ;- mr. T. Elseman, advocaat te Amsterdam- de heer M. Steur (tolk);

- mevrouw E. Steur (tolk)

van de zijde van de Belastingdienst - mr. [naam 9] ;- mevrouw [naam 10] ;

van de zijde van Rabobank: - de heer [naam 11] ;- de heer [naam 12] of [naam 13] ;

van de zijde van Oost.nl: - mevrouw [naam 14] ; - mevrouw [naam 15] ;

van de zijde van Trots Holding B.V.: - mevrouw [naam 16] ;- de heer [naam 17] ;

van de zijde van de obligatiehouders: - de heer [naam 18] , namens de stichting obligatiehoudersbelangen en de obligatiehouders van de NPEX-financiering;

de observator:

- mr. J.C.M. Silvius, voornoemd, in gezelschap van zijn kantoorgenoten mr. A. Ben Daoued en mr. P. Schildknecht.

2.3.

De verzoeken zijn ter zitting nader toegelicht, vragen van de rechtbank zijn beantwoord en inlichtingen werden verstrekt.

2.4.

Ter zitting heeft de rechtbank mondeling uitspraak gedaan en medegedeeld dat deze beslissing in een zogenaamd kop-/staartvonnis zal worden vastgelegd, waarin uitsluitend de beslissing is opgenomen. In dit vonnis is tevens de motivering opgenomen.

3 De feiten

3.1.

[verzoekster] is een onderneming die de [product] heeft ontwikkeld en verkoopt. De [product] is een technologie voor het nauwkeurig plaatsen van referentiepunten voor radiotherapie. Deze referentiepunten stellen radiolaboranten in staat om de röntgenstralen voor kankerbestrijding precies te richten op de te bestralen gebieden.

3.2.

De juridische structuur van [verzoekster] kan als volgt worden weergegeven.

[afbeelding]

3.3.

Het bestuur van [verzoekster] werd tot en met 19 juli 2024 gevormd door [bedrijf 1] en [bedrijf 2] . Per 20 juli 2024 is de heer [naam 1] (“ [naam 1] ”) enig bestuurder.

Achtergronden van de financiële problemen

3.4.

Op 20 april 2018 zijn [verzoekster] en Medtec een Marketing and Distribution Agreement overeengekomen (de “Distributieovereenkomst”). Medtec is op basis van de Distributieovereenkomst de wereldwijde exclusieve distributeur van de producten van [verzoekster] , behalve voor Nederland en Kroatië.

3.5.

In de eerste maanden van 2023 blijft de verkoop van de [product] achter op de prognoses. De slechte prestaties zijn medio 2023 aanleiding voor het treffen van enkele herstructuringsmaatregelen, waaronder het aantrekken van aanvullende financiering. Deze financiering werd verkregen van een nieuwe aandeelhouder en via de NPEX. [verzoekster] is daarnaast in onderhandeling getreden met Medtec over vernieuwing van de Distributieovereenkomst. [verzoekster] heeft met Medtec gesproken over het loslaten van de exclusiviteit van Medtec voor Europa, maar medio maart 2024 blijkt Medtec daartoe niet bereid. Eind maart 2024 komt het bestuur van [verzoekster] tot de conclusie dat er zonder sanering van de huidige schuldenlast geen nieuwe financiering aan te trekken is.

3.6.

Op 28 maart 2024 heeft [verzoekster] een startverklaring bij deze rechtbank gedeponeerd en is zij begonnen met een WHOA-procedure.

Het akkoord

3.7.

[verzoekster] heeft op 28 augustus 2024 een akkoord aangeboden aan haar schuldeisers. Dit akkoord voorziet ook in de beëindiging van de Distributieovereenkomst. [verzoekster] verwacht omzetgroei te kunnen realiseren door zelf de distributie ter hand te nemen, in samenwerking met Europese partners.

3.8.

[verzoekster] wenst met het akkoord daarnaast te komen tot een sanering van haar op 8 augustus 2024 bestaande schuldenlast. De in het akkoord betrokken schulden zijn onderverdeeld in klassen.

Klasse

Vorderingen (€)

Uitkering (€)

Gescecureerde Schuldeiser (Rabobank)

55.530,00

55.530,00 (100%)

MKB-Schuldeiser

127.962,93

31.990,73 (25%)

Preferente Schuldeiser

26.669,40

11.734,54 (44%)

Concurrente Schuldeiser

2.208.296,15

485.825,15 (22%)

Specifiek Achtergestelde

Schuldeiser

1.071.621,34

€ 0 (0%)

Algeheel Achtergestelde

Schuldeiser

2.237.023,00

€ 0 (0%)

Aandeelhouder

Alle aandelen worden ingetrokken.

3.9.

[verzoekster] heeft de vorderingen van schuldeisers die essentieel zijn voor het voortbestaan van de onderneming buiten het akkoord gehouden. Het betreft een totaalbedrag van € 458.697,49. Een deel van deze schuldeisers heeft buiten het akkoord om ingestemd met een renteloze bevriezing van hun vorderingen voor een periode van maximaal twee jaar. [bedrijf 2] en [bedrijf 1] ontvangen onder het akkoord een eenmalige betaling van respectievelijk € 40.000,00 en € 10.000,00 excl. BTW.

3.10.

Voor de aanbieding van het akkoord wordt een nieuwe financiering aangetrokken voor een totaalbedrag van € 1,3 miljoen. De nieuwe financiers zullen leningen verstrekken voor een totaalbedrag van € 400.000,00. Het restant van de financiering wordt verstrekt door het uitgeven van nieuwe aandelen. Een gedeelte van deze nieuwe financiering van € 520.409,00 is bedoeld voor de versterking van het werkkapitaal van [verzoekster] .

3.11.

[verzoekster] heeft laten berekenen dat de waarde van haar onderneming in geval van een faillissement ligt tussen € 5.910,00 en € 55.530,00. De liquidatiewaarde van de inventaris van [verzoekster] is door Nederlands Taxatie- en Adviesbureau B.V. (“NTAB”) begroot op € 5.910,00. Daarnaast heeft [verzoekster] een zevental octrooien in verband met de [product] . NTAB heeft een opinie afgegeven over de liquidatiewaarde van deze octrooien, namelijk tussen de € 0,00 en € 50.000,00. De activa van [verzoekster] zijn aan Rabobank verpand. Rabobank kan zich als separatist verhalen op de volledige opbrengst van de activa.

3.12.

De reorganisatiewaarde van de onderneming van [verzoekster] is begroot op een bedrag van € 931.000,00. De reorganisatiewaarde is bepaald op basis van een multiple van de EBITDA in 2026.

De gevolgen voor schuldeisers

3.13.

Op basis van het akkoord wordt aan schuldeisers een bedrag uitgekeerd van € 585.080,42. De schuldeisers die buiten het akkoord worden gehouden, ontvangen € 144.511,00. [bedrijf 2] en [bedrijf 1] ontvangen samen € 50.000,00.

3.14.

Rabobank maakt aanspraak op zekerheden en is op basis hiervan ingedeeld in de klasse van Gesecureerde Schuldeisers met een vorderingsrecht van € 55.530,00 (zie punt 3.8). Rabobank is voor het ongesecureerde deel van haar vordering ingedeeld in de klasse van Concurrente Schuldeisers voor een bedrag ad € 406.396,54. De Specifieke Achtergestelde Schuldeisers (ad € 1.071.621,34) hebben hun vordering achtergesteld ten opzichte van uitsluitend Rabobank. Op basis hiervan komt Rabobank in het akkoord mede op voor de vorderingsrechten van de Specifieke Achtergestelde Schuldeisers in de klasse van Concurrente Schuldeisers. Rabobank komt in deze klasse daarnaast op voor de vordering van Pinpoint Advisory Services (ad € 116.830,00), omdat deze vordering aan Rabobank werd verpand. Rabobank is verder voor een bedrag van € 117.000,00 ingedeeld in de klasse van Achtergestelde Schuldeisers. Samenvattend betekent het akkoord voor Rabobank het volgende:

Omschrijving

Toegelaten vordering

Uitkering (%)

Uitkering (€)

Gesecureerd deel Rabobank

€ 55.530,00

100%

€ 55.530,00

Concurrente deel Rabobank

€ 406.396,54

22%

€ 89.407,24

Pinpoint

€ 116.830,00

22%

€ 25.702,60

Specifieke achterstelling

€ 1.071.621,34

22%

€ 235.756,69

Achtergesteld Rabobank

€ 117.000,00

0%

€ 0,00

Totaal

€ 406.396,53

3.15.

Medtec heeft een vordering van € 571.199,64. Zij is voor dit bedrag toegelaten tot de klasse van Concurrente Schuldeisers en ontvangt onder het akkoord een bedrag van € 125.663,92. De vordering tot betaling van schadevergoeding in verband met de beëindiging van de Distributieovereenkomst is in het akkoord bepaald op € 0,00.

Stemming

3.16.

[verzoekster] heeft een stemtermijn gehanteerd van acht dagen. Schuldeisers konden vanaf 28 augustus 2024 tot uiterlijk 5 september 2024 om 23:59 uur hun stem uitbrengen. Rabobank en de Belastingdienst hebben voor het akkoord gestemd. De klassen van MKB-schuldeisers, algeheel achtergestelde schuldeisers en aandeelhouders hebben voor het akkoord gestemd. De klasse van specifiek achtergestelde schuldeisers heeft tegen het akkoord gestemd. Ook Medtec heeft tegen het akkoord gestemd.

3.17.

De klasse van Concurrente Schuldeisers heeft blijkens het stemverslag voor het akkoord gestemd. Zonder de stem van Rabobank, die op meerdere vorderingen een stemrecht heeft uitgeoefend (zie punt 3.15.), zou de klasse van Concurrente Schuldeisers tegen hebben gestemd.

4 De standpunten van partijen

5 De beoordeling

6 De beslissing