Rechtbank Overijssel, 21-05-2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:3248, C/08/330452 / KG ZA 25-49
Rechtbank Overijssel, 21-05-2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:3248, C/08/330452 / KG ZA 25-49
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Overijssel
- Datum uitspraak
- 21 mei 2025
- Datum publicatie
- 30 mei 2025
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2025:3248
- Zaaknummer
- C/08/330452 / KG ZA 25-49
Inhoudsindicatie
Ter beoordeling ligt voor of de voorlopige gunningsbeslissing waarbij kort gezegd de opdracht voor de realisatie van een kindcentrum in Wijhe is gegund aan Binx stand kan houden, of dat er grond is voor ingrijpen door de voorzieningenrechter in die zin dat de inschrijvingen moeten worden herbeoordeeld, dat heraanbesteding moet plaatsvinden of dat de gunningsbeslissing beter moet worden gemotiveerd. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de voorlopige gunningsbeslissing in stand kan blijven. SMV is niet afgeweken van de voorgeschreven beoordelingsmethodiek en op het (sub)gunningscriterium “risico overdracht” kan, met inachtneming van de beperkte toetsingsruimte, niet worden geconcludeerd dat de beoordeling onbegrijpelijk is. Ook is er geen sprake van een schending van het motiveringsbeginsel. Dit betekent dat de vorderingen van eiseres worden afgewezen.
Uitspraak
Civiel recht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: C/08/330452 / KG ZA 25-49
Vonnis in kort geding van 21 mei 2025
in de zaak van
[eiseres] B.V.,
te [vestigingsplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres] ,
advocaten: mrs. L.E.M. Haverkort en J.P.M. Kooijman,
tegen
STICHTING MAATSCHAPPELIJK VASTGOED,
te Alkmaar,
gedaagde partij,
hierna te noemen: SMV,
advocaat: mr. G.J.F. Voss,
waarin heeft gevorderd als partij te mogen tussenkomen, subsidiair zich te mogen voegen aan de zijde van SMV in de hoofdzaak:
BINX SMARTILITY B.V.
te Groenlo,
hierna te noemen Binx,
advocaten: mrs. M.S. Houweling en B.T. Tonino,
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties,
- de incidentele conclusie houdende vordering tot tussenkomst, subsidiair voeging,
- de conclusie van antwoord met producties van de zijde van SMV, - de mondelinge behandeling van 13 mei 2025, waar partijen (vertegenwoordigd) zijn verschenen, bijgestaan door hun advocaten. Partijen hebben hun standpunten toegelicht, waarbij zij ook gebruik hebben gemaakt van pleitaantekeningen. De griffier heeft tijdens de mondelinge behandeling aantekeningen gemaakt.
Het vonnis is bepaald op vandaag.
2 De beslissing samengevat
Ter beoordeling ligt voor of de voorlopige gunningsbeslissing waarbij kort gezegd de opdracht voor de realisatie van een kindcentrum in Wijhe is gegund aan Binx stand kan houden, of dat er grond is voor ingrijpen door de voorzieningenrechter in die zin dat de inschrijvingen moeten worden herbeoordeeld, dat heraanbesteding moet plaatsvinden of dat de gunningsbeslissing beter moet worden gemotiveerd.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat de voorlopige gunningsbeslissing in stand kan blijven. SMV is niet afgeweken van de voorgeschreven beoordelingsmethodiek en op het (sub)gunningscriterium “risico overdracht” kan, met inachtneming van de beperkte toetsingsruimte, niet worden geconcludeerd dat de beoordeling onbegrijpelijk is. Ook is er geen sprake van een schending van het motiveringsbeginsel. Dit betekent dat de vorderingen van [eiseres] worden afgewezen. De voorzieningenrechter licht zijn beslissingen hierna toe.
3 De feiten
Op 18 juli 2024 heeft SMV een concurrentiegerichte dialoog (via de variant “Engineering & Construct”) op grond van de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012), (nader) uitgewerkt in het Aanbestedings Reglement Werken 2016 (ARW 2016) en de Gids Proportionaliteit 2022, aangekondigd ten behoeve van de opdracht “Nieuwbouw Kindcentrum Wijhe" (hierna ook: de opdracht). De aankondiging is op 8 augustus 2024 bijgewerkt. De opdracht ziet op de realisatie van een geheel nieuw kindcentrum in Wijhe door een zelf ontwikkelende en zelf realiserende aannemer. Het gunningscriterium is economisch meest voordelige inschrijving (EMVI). De (sub)gunningscriteria zijn: prijs, kwaliteit, risico overdracht en teamsamenwerking.
Ten behoeve van de aanmeldfase van de aanbestedingsprocedure heeft SMV een aanmeldingsleidraad opgesteld. Voor de fase van de concurrentiegerichte dialoog is de inschrijvingsleidraad opgesteld. Bij de inschrijvingsleidraad is de “Vraagspecificatie realiserende partij” (hierna: de vraagspecificatie) als bijlage gevoegd. Bij de vraag-specificatie is de ontwikkelings- en realisatieovereenkomst (hierna: de overeenkomst) als bijlage gevoegd.
In de inschrijvingsleidraad is, voor zover van belang, onder paragraaf 8.6 (beoordelingscriteria) bij het onderdeel C “Risico overdracht” het volgende opgenomen:
“Gegadigden geven een weergave van de door hen over te nemen risico’s conform paragraaf 5.81 van de vraagspecificatie en de wijze waarop hier vorm aan wordt gegeven. Vanaf de ondertekening van de overeenkomst draagt de geselecteerde marktpartij de volgende risico’s:
-
De prijsrisico’s;
-
De uitwerkingsrisico’s;
-
De constructieve risico’s;
-
De uitvoeringsrisico’s;
-
De planningsrisico’s;
-
De vergunningsrisico’s (voor zover toerekenbaar aan de marktpartij);
-
De aansprakelijkheidsrisico’s voortvloeiende uit de realisatie van het werk.
Voor de overname van de risico’s en de totale inrichting van dit onderdeel worden punten toegekend, waarbij de meest aansluitende risico overdracht 3 punten verdient en de minst aansprekende 1 punt. De gegadigde met de beste score ontvangt het maximum aantal punten, degene met de minste score ontvangt het laagste puntentotaal.”
Paragraaf 6.8 (Overeenkomst) van de vraagspecificatie luidt als volgt:
“Het werk zal worden gegund middels een risicodragende ontwikkeling- en realisatieovereenkomst op basis van de Uniform Administratieve Voorwaarden voor Geïntegreerde Contractvormen (UAV GC 2005).
Een conceptovereenkomst vormt een bijlage bij de vraagspecificatie.
Vanaf de ondertekening van de overeenkomst draagt de geselecteerde marktpartij de volgende risico’s:
1. De prijsrisico’s;
2. De uitwerkingsrisico’s;
3. De constructieve risico’s;
4. De uitvoeringsrisico’s;
5. De planningsrisico’s;
6. De vergunningsrisico’s (voor zover toerekenbaar aan de marktpartij);
7. De aansprakelijkheidsrisico’s voortvloeiende uit de realisatie van het werk.
Na ondertekening van de ontwikkeling- en realisatieovereenkomst is de geselecteerde marktpartij verantwoordelijk voor het verdere ontwerpproces, de constructieve en installatietechnische uitwerking
van het bouwkundige ontwerp, de vergunningprocedures, de realisatie, de veiligheid, de kwaliteit, de
planning, de coördinatie, de directievoering en de aansluiting op de nutsvoorzieningen.
Bij de contractering wordt rekening gehouden met de huidige bijzondere marktomstandigheden. Indien
nodig wordt voorzien in een crisisbepaling.”
Er hebben zich zeven gegadigden aangemeld voor de opdracht, waaronder [eiseres] en Binx. Na de voorselectie zijn drie marktpartijen uitgenodigd voor deelname aan de concurrentiegerichte dialoog. Van deze drie genodigden trok zich één terug. Ook de vervangende partij trok zich na de start van de dialoogfase terug. De aanbestedings-procedure is daarna gehouden met twee deelnemers, te weten [eiseres] en Binx.
Bij brief van 29 januari 2025 heeft [eiseres] haar inschrijving aan SMV gestuurd. In deze (begeleidende) brief van [eiseres] is het volgende vermeld:
“(...)
Conform uw leidraad bevestigen wij dat deze inschrijving drie kalendermaanden gestand gedaan wordt, gerekend vanaf de inschrijfdatum 30 januari 2025.
Indien onverhoopt vertraging ontstaat bij het verlenen van definitieve gunning, bieden we aan om de meest voordelige indexering (BDB of RWU) toe te laten voor een periode van maximaal 6 maanden nadat 3 maanden gestanddoening zijn verstreken. (...)”
Bij brief van 28 februari 2025 heeft SMV aan [eiseres] meegedeeld dat zij voornemens is de opdracht te gunnen aan Binx (hierna ook: het gunningsvoornemen). Hierin staat, voor zover van belang, onder meer, het volgende vermeld:
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
Bij e-mailbericht van 5 maart 2025 heeft [eiseres] SMV om nadere informatie gevraagd. Op 6 maart 2025 heeft SMV op dit verzoek gereageerd.
Bij brief van 12 maart 2025 heeft de advocaat van [eiseres] haar bezwaren tegen het gunningsvoornemen uiteengezet. Daarop heeft SMV bij brief van 14 maart 2025 aan [eiseres] gereageerd. Vervolgens hebben de advocaten van [eiseres] en SMV nog met elkaar gecorrespondeerd.