Home

Rechtbank Rotterdam, 06-07-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:5029, ROT 16/565

Rechtbank Rotterdam, 06-07-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:5029, ROT 16/565

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
6 juli 2017
Datum publicatie
8 januari 2018
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2017:5029
Zaaknummer
ROT 16/565

Inhoudsindicatie

Beroep bestuurlijke boete; graafwerkzaamheden verricht; eiseres heeft in strijd met de WION gehandeld; boete terecht opgelegd; wegens overschrijding redelijke termijn is de hoogte van de boete verminderd.

Uitspraak

Team Bestuursrecht 1

zaaknummer: ROT 16/565

gemachtigde: mr. S.J.H. van der Kant,

en

gemachtigde: R.A. Huiskens.

Procesverloop

Bij besluit van 14 april 2015 (het primaire besluit) heeft verweerder aan eiseres een bestuurlijke boete opgelegd ter hoogte van € 10.000,- in verband met een gestelde overtreding van artikel 2, tweede en derde lid, onder a, van de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (WION).

Bij besluit van 15 december 2015 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het beroep is, gevoegd met de procedure met zaaknummer ROT 16/5636, op 8 mei 2017 ter zitting behandeld. Eiseres heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde, bijgestaan door [persoon 1] , [persoon 2] en [persoon 3] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, bijgestaan door

mr. E. Boxman.

Na afloop van de zitting zijn de gevoegde zaken op grond van artikel 8:14 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) weer gesplitst. Als gevolg daarvan wordt in beide zaken afzonderlijk uitspraak gedaan.

Overwegingen

Juridisch kader

1. Op grond van artikel 1, eerste lid, van de WION - voor zover hier van belang - wordt in deze wet en de daarop berustende bepalingen verstaan onder:

c. graafwerkzaamheden: het mechanisch verrichten van werkzaamheden in de ondergrond;

d. graaflocatie: de locatie waar graafwerkzaamheden worden verricht;

(...)

f. opdrachtgever: degene die opdracht geeft tot het uitvoeren van een werk waarbij graafwerkzaamheden worden verricht;

g. grondroerder: degene onder wiens verantwoordelijkheid of leiding graafwerkzaamheden worden verricht;

h. beheerder: degene die als natuurlijk persoon handelende in de uitoefening van een beroep of een bedrijf dan wel als een rechtspersoon een net beheert;

(...)

m. graafmelding: de melding aan de Dienst voor het kadaster en de openbare registers (de Dienst) van voorgenomen graafwerkzaamheden, bedoeld in artikel 8, eerste lid;

n. graafpolygoon: de weergave door een grondroerder van het gebied, waarbinnen de graaflocatie zich bevindt.

Op grond van artikel 2, tweede lid, van de WION verricht de grondroerder de graafwerkzaamheden op zorgvuldige wijze.

Het derde lid bepaalt dat ter uitvoering van het tweede lid de grondroerder ten minste zorgt dat:

a. vóór aanvang van de graafwerkzaamheden een graafmelding is gedaan,

b. onderzoek is verricht naar de precieze ligging van onderdelen van netten op de graaflocatie, en

c. op de graaflocatie de van de Dienst ontvangen gebiedsinformatie aanwezig is.

Op grond van artikel 8, eerste lid, van de WION meldt een grondroerder het voornemen tot het verrichten van graafwerkzaamheden aan de Dienst ten hoogste twintig werkdagen voorafgaande aan de aanvang van die graafwerkzaamheden.

Op grond van artikel 26, eerste lid, van de WION - voor zover hier van belang - kan de minister, ingeval van overtreding van artikel 2, een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 450.000,-.

Feiten

Het bestreden besluit

Beslissing

Rechtsmiddel