Rechtbank Rotterdam, 03-07-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:6842, C/10/525826 / KG ZA 17-452
Rechtbank Rotterdam, 03-07-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:6842, C/10/525826 / KG ZA 17-452
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 3 juli 2017
- Datum publicatie
- 14 september 2017
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2017:6842
- Zaaknummer
- C/10/525826 / KG ZA 17-452
Inhoudsindicatie
Geschil na Europese Aanbesteding Gemeente
Uitspraak
vonnis
Team Handel
zaaknummer / rolnummer: C/10/525826 / KG ZA 17-452
Vonnis in kort geding van 3 juli 2017
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ROTTERDAMSE MOBILITEIT CENTRALE RMC B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
eiseres,
advocaat mr. S.C. Brackmann,
tegen
de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE ROTTERDAM,
zetelend te Rotterdam,
gedaagde,
advocaat mr. J.E. Palm,
en met als tussenkomende partij
de besloten vennootschap LOREM FOCUS B.V., handelend onder de naam TREVVEL,
statutair gevestigd te Rotterdam,
eiseres in het incident tot tussenkomst,
advocaten mrs. P.F.C. Heemskerk en J.M.E. Yilmaz.
Partijen zullen hierna RMC, Gemeente Rotterdam en Trevvel genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding
- -
-
de producties van RMC
- -
-
de producties van Gemeente Rotterdam
- -
-
de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging, van Trevvel
- -
-
de producties van Trevvel
- -
-
de mondelinge behandeling op 15 juni 2017
- -
-
de pleitnota van RMC
- -
-
de pleitnota van Gemeente Rotterdam.
- -
-
De pleitnota van Trevvel.
De voorzieningenrechter heeft voorafgaand aan de mondelinge behandeling een fax van Trevvel van 9 juni 2017 ontvangen. Trevvel verzoekt daarin om RMC te gelasten alle producties waarop zij zich in dit kort geding beroept (ook) aan Trevvel te verstrekken. Ter zitting heeft de voorzieningenrechter meegedeeld hierover niet voorafgaand aan de zitting al een beslissing te hebben willen nemen en partijen daarover ter zitting aan het woord te willen laten.
Vervolgens heeft RMC haar producties 19, 20, 21 en 23 ingetrokken, zodat zij geen deel uitmaken van het procesdossier. Van productie 10 heeft RMC een gecensureerde versie aan Trevvel (en de voorzieningenrechter) verstrekt, waaruit, naar zij stelt, bedrijfsvertrouwelijke onderdelen zijn verwijderd. Voor zover het verzoek van Trevvel bij deze stand van zaken nog beoordeling behoeft, mede gelet op de formulering van vordering 3 van Trevvel, zal de voorzieningenrechter hier bij de beoordeling daarvan op ingaan.
RMC heeft ter zitting Gemeente Rotterdam verzocht er bedacht op te zijn dat er, in reactie op haar stellingen en vorderingen, bedrijfsvertrouwelijke informatie aan de orde zou (kunnen) komen in het pleidooi van Gemeente Rotterdam. Gemeente Rotterdam is aan het verzoek tegemoetgekomen door, voorafgaand aan het voordragen daarvan, uit de pleitaantekeningen pagina’s met bedrijfsvertrouwelijke informatie te verwijderen en aan Trevvel een op die manier gecensureerde versie te verstrekken. De verwijderde pleitaantekeningen zijn wel mondeling en samengevat voorgedragen.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Gemeente Rotterdam heeft een Europese aanbestedingsprocedure uitgeschreven voor de opdracht “Integraal klantgericht duurzaam doelgroepenvervoer” volgens de procedure van de concurrentiegerichte dialoog.
Het Gunningscriterium is de economisch meest voordelige inschrijving (EMVI), waarbij de volgende subgunningscriteria en hun weging de uitkomst bepalen:
Subgunningscriteria Weging
1. Strategische macht 18%
2. Kwaliteit, meetbaarheid en afrekenbaarheid dienstverlening 42%
3. Duurzaamheid 24%
4. Social Return on Investment 16%
TOTAAL 100%
De procedure is onderverdeeld in een pré-selectiefase, een dialoogfase, een fase van (definitieve) inschrijving, een fase ter beoordeling van de inschrijvingen en de gunningsfase.
Op 12 februari 2016 hebben vier partijen, waaronder RMC, Connexxion en Trevvel, zich aangemeld voor de pré-selectiefase.
Op 24 maart 2016 zijn deze vier partijen uitgenodigd voor deelname aan de dialoogfase en zijn zij toegelaten voor de inschrijvingsfase.
Op 29 april 2016 is een Dialoogdocument verstrekt door Gemeente Rotterdam en is begonnen met het voeren van dialooggesprekrondes.
Op 8 juni 2016 heeft Gemeente Rotterdam partijen een concept-tekst over de dialoogfase toegestuurd waarin de, op dat moment nog resterende, drie deelnemende partijen aan de dialooggesprekken zijn genoemd.
Op 6 september 2016 is het Dialoogdocument vervangen door een nieuwe versie ‘Dialoogdocument aanbesteding Integraal klantgericht duurzaam doelgroepenvervoer versie 2.0’.
Gemeente Rotterdam heeft Connexxion, RMC en Trevvel op 18 januari 2017 een Uitnodiging tot inschrijving doen toekomen. Op 27 februari 2017 heeft Gemeente Rotterdam een aangepaste versie van de Uitnodiging tot Inschrijving verstrekt.
RMC en Trevvel hebben een inschrijving ingediend. Connexxion heeft niet ingeschreven.
Op 11 april 2017 heeft RMC van Gemeente Rotterdam het bericht ontvangen van het voornemen om tot gunning aan Trevvel over te gaan. In de brief is een tabel opgenomen met de scores van zowel RMC als Trevvel. Bij de brief is een bijlage gevoegd met een inhoudelijke motivering van de scoretoekenning.
RMC heeft bij brief van 20 april 2017 bezwaar gemaakt tegen de voorgenomen gunning aan Trevvel en bij brief van 26 april 2017 verzocht om een (nadere) toelichting op de gunningsbeslissing.
Gemeente Rotterdam heeft bij brief van 25 april 2017 meegedeeld dat zij haar voornemen tot gunning aan Trevvel handhaaft en dat zij in de bezwaren van RMC geen aanleiding ziet om nader te onderzoeken of Trevvel in staat is de overeenkomst na te komen. Bij brief van 28 april 2017 heeft Gemeente Rotterdam RMC meegedeeld dat er geen aanleiding is om de beoordeling en de motivering daarvan te herzien.
3 Het geschil
RMC vordert – bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad –
1. Primair Gemeente Rotterdam te gebieden de gunningsbeslissing d.d. 11 april 2017 in te
trekken en ingetrokken te houden, althans te gebieden daaraan geen (verdere) uitvoering te
geven, alsmede Gemeente Rotterdam te gebieden Trevvel uit te sluiten van de procedure en de opdracht te gunnen aan RMC, als enig overgebleven inschrijver, mits Gemeente Rotterdam de opdracht nog wenst te verstrekken;
2. Subsidiair Gemeente Rotterdam te gebieden de gunningsbeslissing d.d. 11 april 2017 in te
trekken en ingetrokken te houden, althans te gebieden daaraan geen (verdere) uitvoering te
geven, alsmede Gemeente Rotterdam te gebieden tot herbeoordeling over te gaan voor wat betreft de kwalitatieve gunningscriteria, met inachtneming van het te dezen te wijzen vonnis, en op basis daarvan een nieuwe gunningsbeslissing te nemen, mits Gemeente Rotterdam de opdracht nog wenst te verstrekken;
3. Meer subsidiair Gemeente Rotterdam te gebieden de gunningsbeslissing d.d. 11 april 2017 in te trekken en ingetrokken te houden, althans te gebieden daaraan geen (verdere) uitvoering te geven, alsmede Gemeente Rotterdam te gebieden de gebreken in de aanbestedingsprocedure te herstellen door met inachtneming van het ten dezen te wijzen vonnis een nieuwe Uitnodiging tot Inschrijving uit te brengen en de inschrijvers die zijn geselecteerd voor de inschrijffase uit te nodigen om op basis daarvan vragen te stellen en een nieuwe inschrijving in te dienen en hen daartoe een redelijke termijn te geven, waarna Gemeente Rotterdam op basis van de inschrijvingen een nieuwe gunningsbeslissing dient te nemen conform de eisen die de wet daaraan stelt, althans Gemeente Rotterdam te gebieden de aanbestedingsprocedure te staken en de opdracht door middel van een nieuwe aanbestedingsprocedure aan te besteden, een en ander mits Gemeente Rotterdam de opdracht nog wenst te verstrekken;
4. Primair en subsidiair en meer subsidiair Gemeente Rotterdam te veroordelen in de kosten van dit geding, waaronder de nakosten te vermeerderen met de wettelijke rente wanneer niet binnen twee weken na het vonnis aan de proceskostenveroordeling is voldaan.
5. Primair en subsidiair en meer subsidiair: een en ander op straffe van verbeurte van een
dwangsom van € 50.000,- (zegge: vijftigduizend euro), met een maximum van € 5.000.000,- (zegge: vijf miljoen euro).
Gemeente Rotterdam voert verweer.
Trevvel vordert – bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad –
(1) RMC niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen, althans de vorderingen van
RMC af te wijzen;
(2) Gemeente Rotterdam te gebieden RMC van deelname aan de aanbesteding uit te sluiten wegens overtreding van de communicatiebepaling;
(3) Gemeente Rotterdam en RMC te gebieden Trevvel alle producties ter hand te stellen en – dan wel daaronder begrepen – een volledig afschrift van de brief van RMC van 26 april 2017;
(5) de Gemeente te gebieden het gunningsvoornemen van 11 april 2017 om te gunnen aan
Trevvel ongewijzigd te laten en – voor zover de Gemeente de Opdracht nog wenst te
vergeven – over te gaan tot het sluiten van een overeenkomst met Trevvel terzake de
Opdracht welke overeenkomst een ingangsdatum per 1 augustus 2017 dient te hebben;
(6) RMC en Gemeente Rotterdam in de kosten van deze procedure te veroordelen, de nakosten daaronder begrepen, met bepaling dat deze kosten binnen twee weken na dagtekening van het vonnis aan Trevvel zijn voldaan, bij gebreke waarvan RMC en Gemeente Rotterdam zonder nadere aankondiging over die kosten wettelijke rente is verschuldigd.
De in de incidentele conclusie van Trevvel opgenomen vordering (4) heeft Trevvel ter zitting ingetrokken, gelet op de mededeling ter zitting van Gemeente Rotterdam dat Gemeente Rotterdam, afhankelijk van de inhoud van het vonnis, voornemens is snel na het vonnis de opdracht te gunnen, conform de huidige planning voor alle aspecten, met uitzondering van het leerlingenvervoer, waarvoor ingangsdatum zal zijn 1 augustus 2018, maar waarvoor de looptijd wel 7 jaar zal zijn.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.