Rechtbank Rotterdam, 06-09-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:6976, C/10/508785 / HA ZA 16-847
Rechtbank Rotterdam, 06-09-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:6976, C/10/508785 / HA ZA 16-847
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 6 september 2017
- Datum publicatie
- 8 september 2017
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2017:6976
- Zaaknummer
- C/10/508785 / HA ZA 16-847
- Relevante informatie
- Auteurswet [Tekst geldig vanaf 04-02-2025], Auteurswet [Tekst geldig vanaf 04-02-2025] art. 21, Auteurswet [Tekst geldig vanaf 04-02-2025] art. 45, Wet bescherming persoonsgegevens [Tekst geldig vanaf 25-05-2018] [Regeling ingetrokken per 2018-05-25], Wet bescherming persoonsgegevens [Tekst geldig vanaf 25-05-2018] [Regeling ingetrokken per 2018-05-25] art. 8
Inhoudsindicatie
Portretrecht (art. 21 Auteurswet). Toepasselijkheid filmregeling (art. 45a e.v. Auteurswet). Wet bescherming persoonsgegevens (art. 8 onder a).
Uitspraak
vonnis
Team haven en handel
zaaknummer / rolnummer: C/10/508785 / HA ZA 16-847
Vonnis van 6 september 2017
in de zaak van
[eiser] ,
wonende te [woonplaats] ,
eiser,
advocaat mr. N. Groeneveld,
tegen
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. K.A. van Voorst.
Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 18 augustus 2016, met producties;
- -
-
de conclusie van antwoord, met producties;
- -
-
het tussenvonnis (de brief) van 1 maart 2017, waarbij een comparitie van partijen is bepaald;
- -
-
de brief van mr. Groeneveld van 3 mei 2017, waarbij een USB-stick en productie 2 (die bij dagvaarding ontbrak) in het geding zijn gebracht;
- -
-
het proces-verbaal van de comparitie van partijen, gehouden op 24 mei 2017;
- -
-
de brief van mr. Groeneveld van 27 juni 2017, waarin een opmerking over het proces-verbaal is gemaakt.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van de in het geding gebrachte producties, staat tussen partijen - voor zover van belang - het volgende vast.
[eiser] heeft in de periode van 2010 tot en met 2012 onder de naam “Apnormaal” deelgenomen aan door [gedaagde] georganiseerde “Punch Out Battles”. Dit zijn rapbattles waarbij de deelnemers proberen elkaar verbaal belachelijk te maken door middel van vooraf geschreven en ingestudeerde teksten.
In e-mailberichten aan [gedaagde] heeft [eiser] onder meer het volgende geschreven:
- op 26 augustus 2010: “(...) Apnormaal is een 18-jarige Mc uit Haarlem die bekend staat als iemand die geen blad voor de mond neemt. (...)
Hij heeft door de jaren heen onder andere in het voorprogramma van Appa, Jiggy Dje, Darryl & Sjaak en Winne & Feis gestaan. Veel shows en battles hebben ervoor gezorgd dat al aardig wat mensen hem kennen. Met als hoogtepunt de punch out battle die ook te vinden is op 101barz en inmiddels 46.000 views heeft. Nu is Apnormaal hongerig dan ooit en werkt hij keihard aan zijn muziek om een platencontract te verdienen. (...)”
- -
-
op 5 oktober 2010: “(...) Ik wil de laatste kans grijpen om een plek te verdienen in de POB-leugue. Ik had al meegedaan bij de try-outs onder de naam Apnormaal. Ik vind dat ik een plek verdien in de leugue en ik zal nog wel een keer laten zien waarom. (...)”
- -
-
op 21 december 2010: “(...) Ik (Apnormaal) wil het graag opnemen tegen insayno bij het volgende event. (...)”
- -
-
op 4 augustus 2012: “(...) Hier spreekt Apnormaal, ik ben zeker bereid om nog te battlen alleen wil ik er even tussen uit. (...)”
Van de door [gedaagde] georganiseerde “Punch Out Battles” zijn video-opnames gemaakt. Acht video’s van “Punch Out Battles” waaraan [gedaagde] heeft deelgenomen zijn openbaar gemaakt en geüpload op YouTube.
Bij e-mailbericht van 21 november 2014 aan [gedaagde] heeft [eiser] verzocht de acht hiervoor bedoelde video’s van YouTube te verwijderen. In de e-mail is onder meer het volgende vermeld:
“(...) Door mijn voorbeeldfunctie en religieuze principes heb ik ervoor gekozen om al mijn materiaal van internet te verwijderen. Met ‘alle’ bedoel ik de muziek en video’s die ik er zelf op heb gezet. Helaas circuleren er nog vele video’s en nummer die door andere op youtube zijn gezet. Een aantal van die video’s zijn punchoutbattles. Ik zou deze battles, die geüpload zijn via het kanaal van zwarejongens, graag verwijderd zien worden. Ik doe daarin namelijk veel dingen waar ik nu niet meer achter sta, en die ik ook niet kan maken gezien mijn rol als (toekomstig) hulpverlener. Ook is het iets wat mijn geloof afkeurt, dus wil ik de ogen van andere ook tegen dat gevloek/gescheld beschermen. (...)”
Bij e-mailbericht van 15 december 2015 heeft [gedaagde] medegedeeld vier van de acht video’s (de video’s met minder dan 100.000 views) te zullen verwijderen.
De volgende vier video’s staan nog online:
- -
-
“Apnormaal vs. Il Duce”, geüpload op 20 april 2010;
- -
-
“Lijpe Mocro vs. Apnormaal”, geüpload op 30 oktober 2011;
- -
-
“Foo & Apnormaal vs. Veasum & Jason Bourne”, geüpload op 11 februari 2012;
- -
-
“Apnormaal vs. Kaascouse”, geüpload op 15 juni 2012.
Deze vier video’s hebben op 9 juli 2016 gezamenlijk 1.332.161 views gegenereerd.
3 Het geschil
[eiser] heeft gevorderd om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
-
primair te verklaren voor recht dat [gedaagde] het auteursrecht, portretrecht van [eiser] heeft geschonden door het plaatsen, zonder toestemming, van videobeelden op YouTube c.q. internet, gemaakt tijdens deelname aan rapbattles en [gedaagde] te veroordelen tot betaling aan [eiser] van een boete ter hoogte van de vierde categorie overeenkomstig artikel 35 Auteurswet (Aw), binnen veertien dagen na betekening van het te wijzen vonnis;
-
subsidiair te verklaren voor recht dat [gedaagde] in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) heeft gehandeld door zonder toestemming persoonsgegevens van [eiser] te verzamelen en te verwerken;
-
[gedaagde] te veroordelen om binnen 48 uur na betekening van het te wijzen vonnis de in de dagvaarding bedoelde video’s van YouTube te verwijderen en verwijderd te houden;
-
[gedaagde] te verbieden om in de toekomst deze video’s en video’s waarop [eiser] te zien is via een ander medium openbaar te maken;
-
[gedaagde] te veroordelen in de kosten van de procedure.
Aan zijn vordering heeft [eiser] - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang - ten grondslag gelegd dat zijn portretrecht is geschonden door de handelwijze van [gedaagde] . [eiser] stelt een redelijk belang te hebben zich te verzetten tegen publicatie en openbaarmaking van de beelden, nu hij daarvoor geen toestemming heeft gegeven (ook niet impliciet) en zijn privacy wordt geschonden. Volgens [eiser] handelt [gedaagde] onrechtmatig jegens hem, nu [gedaagde] de beelden op internet laat staan voor reclamedoeleinden en om inkomsten te genereren via de verkregen views, terwijl [eiser] voor beide doeleinden nimmer toestemming heeft gegeven. Daarnaast handelt [gedaagde] in strijd met (artikel 8 onder a van) de Wet bescherming persoonsgegevens, nu hij zich als organisatie bezighoudt met het verzamelen en verwerken van persoonsgegevens en er geen sprake is van ondubbelzinnige toestemming van de betrokkene, aldus [eiser] .
[gedaagde] heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen de vordering en geconcludeerd tot afwijzing ervan, met veroordeling van [eiser] in de proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv van € 750,00, zijnde 50 % van de totale proceskosten.
Daartoe heeft [gedaagde] - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang - primair aangevoerd dat [eiser] op grond van artikel 45d Aw wordt geacht zijn rechten om de video’s openbaar te maken en te verveelvoudigen te hebben overgedragen aan [gedaagde] . Subsidiair heeft [gedaagde] aangevoerd dat sprake is geweest van meerpartijenovereenkomsten met de andere deelnemers van de battles, die niet (eenzijdig) door [eiser] kunnen worden opgezegd, dat de opnames in opdracht althans met toestemming van [eiser] zijn gemaakt en gepubliceerd en dat het belang van [gedaagde] - het terugverdienen van de door hem gemaakte (productie)kosten van de video’s - dient te prevaleren boven het door [eiser] gestelde belang.
Op de stellingen van partijen zal, voor zover van belang, hierna nader worden ingegaan.