Home

Rechtbank Rotterdam, 31-08-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7233, 10/994599-14 (A) en 10/994609-15 (B) (Promis)

Rechtbank Rotterdam, 31-08-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7233, 10/994599-14 (A) en 10/994609-15 (B) (Promis)

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
31 augustus 2017
Datum publicatie
21 september 2017
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2017:7233
Zaaknummer
10/994599-14 (A) en 10/994609-15 (B) (Promis)
Relevante informatie
Wet milieubeheer [Tekst geldig vanaf 01-01-2025 tot 01-01-2026], Wet milieubeheer [Tekst geldig vanaf 01-01-2025 tot 01-01-2026] art. 17.2

Inhoudsindicatie

Ongewoon voorval, uitstoot schadelijke stoffen, wet milieubeheer, strafbare rechtspersoon

Uitspraak

VONNIS

Parketnummers: 10/994599-14 (A) en 10/994609-15 (B) (Promis)

Datum uitspraak: 31 augustus 2017

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige economische kamer, in de strafzaak tegen

[naam verdachte rechtspersoon] ,

gevestigd te [vestigingsadres verdachte rechtspersoon] , [vestigingsplaats verdachte rechtspersoon] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 17 augustus 2017.

De rechtbank heeft de zaken, die bij afzonderlijke dagvaardingen onder de bovenvermelde parketnummers zijn aangebracht, gevoegd. Deze zaken worden hierna als respectievelijk zaak A en zaak B aangeduid.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. L.W. Boogert en van wat door [naam statutair directeur] , statutair directeur van [naam verdachte rechtspersoon] , en door de raadsman mr. J. Barensen naar voren is gebracht.

2 Tenlastelegging

2.1

Aan verdachte is – kort gezegd – na wijziging ter terechtzitting, ten laste gelegd dat zij zich heeft schuldig gemaakt aan

Ten aanzien van zaak A:

  1. het op 3 maart 2013 te Rotterdam opzettelijk niet melden van een ongewoon voorval waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of dreigden te ontstaan;

  2. het op 25 maart 2013 te Rotterdam opzettelijk niet melden van een ongewoon voorval waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of dreigden te ontstaan;

  3. het op 4 november 2013 te Rotterdam opzettelijk niet melden van een ongewoon voorval waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of dreigden te ontstaan;

  4. het op 11 december 2013 te Rotterdam opzettelijk niet melden van een ongewoon voorval waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden of dreigden te ontstaan;

Ten aanzien van zaak B:

1. het in de periode van 1 januari 2012 tot 31 december 2012 handelen in strijd met voorschriften 3.3 en/of 3.7 van de omgevingsvergunning door in deze periode in meerdere maanden teveel zwaveldioxiden en fluor en fluorverbindingen uit te stoten (rookgasreinigingsinstallatie 5).

2. het in de periode van 1 januari 2012 tot 31 maart 2013 handelen in strijd met voorschriften 3.48 en/of 3.50 van de omgevingsvergunning door in deze periode in meerdere maanden teveel zwaveldioxiden en fluor en fluorverbindingen uit te stoten (rookgasreinigingsinstallatie 6).

3. het in de periode van 1 januari 2012 tot 31 maart 2013 handelen in strijd met voorschriften 3.60 en/of 3.62 van de omgevingsvergunning door in deze periode in meerdere maanden teveel zwaveldioxiden en fluor en fluorverbindingen uit te stoten (rookgasreinigingsinstallatie 7).

2.2.

De tekst van de integrale tenlastelegging is opgenomen in een bijlage die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.

3 Voorvragen

De dagvaardingen zijn geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 Waardering van het bewijs

5 Bewezenverklaring

6 De strafbaarheid van de feiten

7 De strafbaarheid van verdachte rechtspersoon

8 Motivering van de straffen en maatregelen

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

10 Beslissing