Home

Rechtbank Rotterdam, 27-09-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7539, C/10/533760 / KG ZA 17-946

Rechtbank Rotterdam, 27-09-2017, ECLI:NL:RBROT:2017:7539, C/10/533760 / KG ZA 17-946

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
27 september 2017
Datum publicatie
4 oktober 2017
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2017:7539
Zaaknummer
C/10/533760 / KG ZA 17-946

Inhoudsindicatie

Aanbesteding WMO gemeente Rotterdam over beoordeling subgunningscriterium inschrijvingen percelen 5 en 6.

vorderingen afgewezen. Het door Humanitas gestelde is onvoldoende om aan te nemen dat de gegeven waarderingen voor de percelen 5 en 6, op subgunningscriterium 1 ‘Goed werkgeverschap en personeel’ niet deugen.

Uitspraak

vonnis

Team Handel

zaaknummer / rolnummer: C/10/533760 / KG ZA 17-946

Vonnis in kort geding van 27 september 2017

in de zaak van

de stichting

STICHTING HUMANITAS,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres,

advocaten mrs. G. Verberne en P.W. Juttmann,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE ROTTERDAM,

zetelend te Rotterdam,

gedaagde,

advocaten mrs. L.M. Engels en J.N.E. Weyne.

Partijen zullen hierna Humanitas en Gemeente Rotterdam genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding

-

de producties van Humanitas

-

de producties van Gemeente Rotterdam

-

de mondelinge behandeling op 13 september 2017

-

de pleitnota van Humanitas

-

de pleitnota van Gemeente Rotterdam.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Gemeente Rotterdam heeft een Europese openbare aanbestedingsprocedure geïnitieerd voor de opdracht ‘De beste Aanbieders Wmo arrangementen Gemeente Rotterdam’ (projectnummer 1-326-16).

Gunningscriterium is de economisch meest voordelige inschrijving (EMVI), waarbij prijs en kwaliteit de twee bepalende criteria zijn.

2.2.

De aanbestede opdracht is onderverdeeld in zes percelen:

Perceel 1: Ouderen en Somatiek

Perceel 2: Lichamelijk Beperkten

Perceel 3: Verstandelijk beperkten extramuraal

Perceel 4: Verstandelijk beperkten intramuraal

Perceel 5: (O)GGZ extramuraal

Perceel 6: (O)GGZ intramuraal

2.3.

Er is per perceel een beschrijvend document opgesteld. In de beschrijvend documenten is opgenomen:

“(...)

1. Inleiding

Noot: Omwille van de leesbaarheid is ervoor gekozen om per perceel een beschrijvend document op te stellen. Hoofdstuk 1,3 en 4 zijn in de beschrijvende documenten per perceel identiek.

(...) ”

2.4.

De beschrijvend documenten ter zake perceel 5 en 6 bevatten beide de bepaling:

“5.9 Rangschikking en gunning

Op basis van de totaalscore op de subgunningscriteria wordt bepaald welke Inschrijvers de economisch meest voordelige Inschrijvingen hebben gedaan. Alle aanbieders die op de genoemde kwalitatieve subgunningcriteria minimaal de beoordeling van een 3 hebben gehaald krijgen van Aanbestedende dienst een voorlopige gunning voor de raamovereenkomst."

2.5.

De beschrijvend documenten ter zake perceel 5 en 6 luiden voorts, voor zover van belang, als volgt:

“5.4 Gunningscriterium

(...)

De Aanbestedende Dienst hanteert de volgende subgunningscriteria.

Subgunningcriteria Weging

1. Goed werkgeverschap en personeel 20 %

2. Integrale levering en samenwerking 80 %

TOTAAL 100%

5.5

Subgunningcriterium Goed werkgeverschap en personeel (20 %)

5.5.1

Inleiding subgunningcriterium Goed werkgeverschap en personeel

De Gemeente ziet het als gezamenlijke opgave om binnen de keten van jeugdhulp, Wmo 2015 en welzijn een optimale bijdrage te leveren aan de continuïteit van de zorg en ondersteuning. De Gemeente vindt het belangrijk dat er goed gekwalificeerde medewerkers in de Wmo werken. Het investeren in de ontwikkeling van werknemers en in duurzame inzetbaarheid is daarmee onlosmakelijk verbonden.

De Gemeente wil in het kader van goed werkgeverschap inzicht krijgen hoe de markt van aanbieders hun beleid omtrent in-, door- en uitstroom van personeel vorm gaat geven, welke ontwikkelingen zij de komende periode op dit gebied verwachten en hoe zij daarmee omgaan.

Een goed in-, door- en uitstroom beleid heeft als doel voldoende gekwalificeerd personeel te

behouden voor de sector, zowel nu als straks. Het beleid is gericht op goed werkgeverschap en heeft een sociaal karakter.

5.5.2

Vormvereisten subgunningcriterium Goed werkgeverschap en personeel

U wordt gevraagd hiervoor een Plan van Aanpak aan te leveren hoe u “goed werkgeverschap en personeel” dit voor deze opdracht gaat realiseren, waarin minimaal de volgende elementen worden opgenomen:

• Uw (toekomstige) beleid om de kwaliteit en capaciteit van uw personeelsbestand, in het

kader van deze opdracht, te borgen

• Uw (toekomstige) beleid op respectievelijk instroom, doorstroom en uitstroom toegespitst op deze opdracht. Beschrijf daarbij de instrumenten welke u van plan bent in te gaan zetten om uw beleid te verwezenlijken.

• Geef aan op welke wijze u met uw personeelsbeleid invulling geeft aan de thema’s benoemd in het Rotterdamse Zorgpact.

(...)

5.5.3

Beoordelingsaspecten Goed werkgeverschap en personeel

Bij de beoordeling van het plan van aanpak neemt Gemeente de volgende beoordelingsaspecten in acht, die gezien hun onderlinge verhouding geen weging kennen.

1. De wijze waarop er vorm wordt gegeven aan het hebben en houden van goed

gekwalificeerde medewerkers in het kader van deze opdracht.

2. De mate waarin medewerkers zich kunnen en zullen ontwikkelen in het kader van deze

opdracht.

3. De mate waarin het plan van aanpak blijk geeft van een goed werkgeverschap en aansluit bij de thema’s uit het Rotterdams Zorg pact.

5.5.4

Beoordelingsrichtlijn Goed werkgeverschap en personeel

Naarmate de kwalitatieve aspecten van het plan van aanpak beter zijn, wordt het plan van aanpak beter beoordeeld. De beoordeling van de opgenomen kwalitatieve aspecten vindt plaats op een schaal van 1 t/m 5. Voor ieder kwalitatief aspect wordt een score van 1, 2, 3, 4 of 5 gegeven. De score wordt door de beoordelingscommissie (zie paragraaf 5.8) in consensus wordt vastgesteld.

Richtlijn Rapportcijfer

Uitmuntend : uit de door de Inschrijver verstrekte informatie 5

blijkt dat volledig aan het doel van de Aanbestedende Dienst

wordt beantwoord zoals beschreven in § 1.11.5 en § 5.5.1

van dit Beschrijvend Document.

Goed: uit de door de Inschrijver verstrekte informatie blijkt 4

dat grotendeels aan het doel van de Aanbestedende Dienst

wordt beantwoord zoals beschreven in § 1.11.5 en § 5.5.1

van dit Beschrijvend Document.

Voldoende (...) 3

Onvoldoende (...) 2

Slecht (...) 1

(...)”

2.6.

Humanitas heeft op de aanbesteding ingeschreven voor de percelen 1, 2, 5 en 6.

2.7.

Bij brief van 4 augustus 2017 heeft Gemeente Rotterdam bericht dat Humanitas voor perceel 6 niet voor gunning in aanmerking komt, omdat op subgunningscriterium 1 ‘goed werkgeverschap en Personeel’ een 2 was gescoord.

2.8.

Bij brief van 9 augustus 2017 heeft Gemeente Rotterdam bericht dat Gemeente Rotterdam voor perceel 5 niet voor gunning in aanmerking komt, omdat op subgunningscriterium 1 ‘goed werkgeverschap en Personeel’ een 2 was gescoord.

2.9.

Bij brief van 14 augustus 2017 heeft Humanitas Gemeente Rotterdam bericht het niet eens te zijn met de gunningsbeslissing.

In haar brief schrijft Humanitas, kort gezegd, dat zij uit de aanbestedingsstukken niet heeft afgeleid dat Gemeente Rotterdam verlangde dat het plan ‘Goed werkgeverschap en Personeel’ werd afgestemd op het perceel waarop werd ingeschreven en dat, voor zover dat wel nodig was, het toekennen van een score 2 een te zware sanctie is op het ontbreken van een dergelijke afstemming.

2.10.

Op 18 augustus 2017 heeft Gemeente Rotterdam aan Humanitas bericht geen aanleiding te zien tot het aanpassen van haar beslissingen.

3 Het geschil

3.1.

Humanitas vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

1. De Gemeente te gebieden met betrekking tot de opdracht voor dienstverlening in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015:

a. het gunningsvoornemen aangaande Humanitas d.d. 9 augustus 2017 inzake perceel 5;

b. haar gunningsvoornemen aangaande Humanitas d.d. 4 augustus 2017 inzake perceel 6

in te trekken;

2. De Gemeente te gebieden aan Humanitas ten aanzien van perceel 5 en perceel 6 een nieuw gunningsvoornemen bekend te maken met inachtneming van hetgeen de voorzieningenrechter heeft overwogen in het vonnis;

Alsmede:

Primair

3. de Gemeente te gebieden de beoordeling te herzien en aan Humanitas alsnog een score van minimaal 3 (Voldoende) toe te kennen op:

a. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 5;

b. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 6.

Subsidiair

4. de Gemeente te gebieden over te gaan tot herbeoordeling door een nieuw in te stellen

beoordelingscommissie (niet bestaande uit leden die lid waren van de oorspronkelijke beoordelingscommissie) van de inschrijving van Humanitas op:

a. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 5;

b. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 6.

Meer subsidiair

5. de Gemeente te gebieden over te gaan tot herbeoordeling van de inschrijving van Humanitas op:

a. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 5;

b. het subgunningscriterium Goed werkgeverschap en personeel op perceel 6.

Nog meer subsidiair

6. de Gemeente te gebieden over te gaan tot heraanbesteding van perceel 5 en perceel 6 van de opdracht voor dienstverlening in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;

Alsmede:

7. iedere (andere) voorziening te treffen die de voorzieningenrechter juist acht om aan de in deze dagvaarding beschreven belangen van eiseres tegemoet te komen;

8. gedaagde te veroordelen in de kosten van dit geding, vermeerderd met de nakosten;

9. een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 100.000,00, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen bedrag, per dag of per dagdeel dat gedaagde in gebreke blijft bij de naleving van het vonnis.

3.2.

Gemeente Rotterdam voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing