Rechtbank Rotterdam, 24-10-2018, ECLI:NL:RBROT:2018:8874, C/10/545560 / HA RK 18-191
Rechtbank Rotterdam, 24-10-2018, ECLI:NL:RBROT:2018:8874, C/10/545560 / HA RK 18-191
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 24 oktober 2018
- Datum publicatie
- 30 oktober 2018
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2018:8874
- Zaaknummer
- C/10/545560 / HA RK 18-191
Inhoudsindicatie
Deelgeschil. Partijen bevinden zich in buitengerechtelijke (onderhandelings)fase. Om die reden heeft verzekeraar geen onverkort recht van inzage in expertiserapport. Onvoldoende waarborgen. Voldoende dat medisch adviseur verzekeraar rapport kan inzien.
Uitspraak
beschikking
Team handel en haven
zaaknummer / rekestnummer: C/10/545560 / HA RK 18-191
Beschikking van 24 oktober 2018
in de zaak van
[verzoekster] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster,
advocaat mr. W.H.M.J. Pelckmans te Venray,
tegen
de naamloze vennootschap naar buitenlands recht ALLIANZ BENELUX N.V.,
gevestigd te Brussel,
verweerster,
advocaat mr. K.M. Volker te Amsterdam.
Verzoekster zal hierna worden aangeduid als [verzoekster] en verweerder als Allianz.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
het verzoekschrift van 23 februari 2018, met 15 producties,
- -
-
het verweerschrift, zonder producties,
- -
-
de mondelinge behandeling van 28 juni 2018, waarbij namens [verzoekster] pleitnotities zijn overgelegd.
De beschikking is bepaald op heden.
2 De feiten
Op 15 juni 2012 is [verzoekster] het slachtoffer geworden van een aanrijding. Bij het ongeval is [verzoekster] , terwijl zij op haar fiets zat, geschept door een autobusje waarna zij ongeveer 10 meter werd meegesleurd. Hierdoor heeft [verzoekster] (ernstig) letsel opgelopen. Aansprakelijkheid is door London Verzekeringen, althans Allianz, als WAM-verzekeraar van het autobusje op 2 juli 2012 erkend.
Allianz heeft een schaderegelaar ingeschakeld om de kwestie namens haar te regelen.
Over de aard en de ernst van de klachten en beperkingen die [verzoekster] ondervindt als gevolg van dit ongeval bestaat tussen partijen geen overeenstemming. Om die reden zijn partijen overeengekomen dat een orthopedische expertise zal plaatsvinden. Buiten discussie staan de persoon van de deskundige ( [deskundige] ) en de vraagstelling die aan de deskundige zal worden voorgelegd (IWMD-vraagstelling).
3 Het deelgeschil
[verzoekster] verzoekt de rechtbank te beslissen over een tussen partijen bestaand deelgeschil ex artikel 1019w-1019cc Rv. [verzoekster] verzoekt – samengevat – dat de rechtbank Allianz beveelt haar medewerking te verlenen aan het reeds overeengekomen expertisetraject zonder dat daarbij op voorhand de verplichting aan [verzoekster] wordt opgelegd om het conceptrapport en/of het definitieve rapport onverkort te delen met de door Allianz ingeschakelde schaderegelaar. Verder verzoekt [verzoekster] dat Allianz in de kosten van deze procedure wordt veroordeeld.
Aan het verzochte legt [verzoekster] het volgende ten grondslag. Het enkele feit dat een verzekerde van Allianz onoplettend heeft gereden en [verzoekster] daardoor ernstig letsel heeft berokkend betekent nog niet, dat [verzoekster] haar volledige medische doopceel zonder meer en ten behoeve van iedereen hoeft te lichten. [verzoekster] wordt daardoor aangetast in de eerbieding van haar persoonlijke levenssfeer (art. 10 GW, art. 8 EVRM, art. 16 IVBPR). Voor de beoordeling van deze casus niet-relevante medische informatie doet verder voor Allianz en haar schaderegelaar niet ter zake en komt daarnaast bij personen en organisaties terecht waarvoor geen wettelijk afdwingbaar beroepsgeheim geldt. [verzoekster] heeft haar volledige medewerking gegeven door haar huisartsendossier aan de medisch adviseur van Allianz te verstrekken. Dat het expertiserapport uitsluitend aan de medisch adviseur van Allianz wordt verstrekt moet dan ook voldoende zijn.
De conclusie van Allianz strekt tot afwijzing van het verzochte, zonder begroting en/of toekenning van de kosten. Ter onderbouwing hiervan voert zij het volgende aan. Het expertiserapport is te zien als een medisch advies, niet als medische (bron)informatie. Om die reden heeft ook (de schadebehandelaar van) Allianz recht op inzage in het rapport. De beginselen van hoor en wederhoor en recht op een eerlijk proces vergen ook dat Allianz inzage krijgt in het rapport. De privacy van [verzoekster] is voldoende beschermd door het inzage- en blokkeringsrecht zoals neergelegd in art. 7:464 BW. Nu de orthopeed zich dient te houden aan de eisen van die de Richtlijn Medisch Specialistische Rapportage stelt zal hij in zijn rapport niet aan medische informatie, die voor deze kwestie niet relevant is, refereren. Ook in rechte zou Allianz, in het kader van de regels die omtrent een voorlopig deskundigenbericht gelden, recht hebben op inzage en Allianz ziet niet in waarom dit buiten rechte anders zou zijn.
Tevens doet Allianz een tegenverzoek en verzoekt de rechtbank [verzoekster] te bevelen mee te werken aan het deskundigenonderzoek in die zin dat, als zij geen gebruik maakt van haar blokkeringsrecht, zowel het concept- als het definitieve rapport van orthopeed [deskundige] (ook) aan (de schaderegelaar van) Allianz zal worden verstrekt.
Op de stellingen van partijen wordt voor zover relevant hierna ingegaan.