Home

Rechtbank Rotterdam, 10-04-2019, ECLI:NL:RBROT:2019:4499, C/10/543241 / HA ZA 18-74

Rechtbank Rotterdam, 10-04-2019, ECLI:NL:RBROT:2019:4499, C/10/543241 / HA ZA 18-74

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
10 april 2019
Datum publicatie
4 juni 2019
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2019:4499
Zaaknummer
C/10/543241 / HA ZA 18-74

Inhoudsindicatie

Overdracht van aandeel; omzetting N.V. naar B.V.

Uitspraak

vonnis

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/543241 / HA ZA 18-74

Vonnis van 10 april 2019

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats eiser] ,

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

advocaat mr. R.D. Rischen te Rotterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ROTTERDAMSE TAXI CENTRALE RTC B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. B.J. Tideman te 's-Gravenhage.

Partijen zullen hierna [eiser] en RTC genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam, van 1 december 2017 waarbij de zaak is verwezen naar de rol van team handel [en haven] van deze rechtbank en de daarin genoemde processtukken;

-

de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende conclusie van eis in reconventie van 7 maart 2018, met producties;

-

de brief van 4 april 2018 van de rechtbank, waarin partijen zijn opgeroepen voor een comparitie van partijen;

-

de akte vermeerdering van eis in conventie tevens conclusie van antwoord in reconventie, met producties;

-

de akte overlegging producties gedateerd 17 juli 2018 van de zijde van RTC, met productie 21;

-

het proces-verbaal van de op 17 juli 2018 gehouden comparitie van partijen;

-

het faxbericht van 1 augustus 2018 van mr. Rischen met een opmerking naar aanleiding van het proces-verbaal van de comparitie van partijen;

-

de akte uitlating omtrent vermeerdering van eis van 1 augustus 2018 van de zijde van RTC;

-

de antwoordakte van 15 augustus 2018 van de zijde van [eiser] .

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Taxi Telefooncentrale TTC N.V. (hierna: TTC) is in 1970 opgericht. TTC heeft haar naam in 1989 gewijzigd in Rotterdamse Taxi Centrale RTC N.V. (hierna aangeduid als RTC N.V. of als RTC).

2.2.

[eiser] is sinds 1985 als taxichauffeur aangesloten bij TTC/RTC. Het aandeel in RTC met (aandeelbewijs)nummer [aandeelnummer 1] staat op naam van zijn onderneming [bedrijf eiser] .

2.3.

[naam 1] (hierna: [naam 1] ) was als taxichauffeur aangesloten bij TTC. Het aandeel in TTC met nummer [aandeelnummer 2] (hierna: aandeel [aandeelnummer 2] ), ter grootte van NLG 500,00, was in 1989 op zijn naam gesteld.

2.4.

In 1991 zijn de statuten van RTC gewijzigd.

2.5.

Bij akte van 19 november 1998 zijn de statuten van RTC opnieuw gewijzigd. De gewijzigde statuten bevatten onder meer de volgende bepaling:

‘[...]

Artikel 5

[...]

6. Aandeelhouder kunnen slechts zijn:

a. zij, aan wie door de daartoe bevoegde overheid een bedrijfsvergunning is verleend voor het verrichten van beroepspersonenvervoer, of zij die door een mede door de vennootschap gehouden bedrijfsvergunning in staat worden gesteld een vervoerbedrijf uit te oefenen; [...]

[...]

d. natuurlijke personen, vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid en rechtspersonen die lid zijn van de in Rotterdam gevestigde vereniging Vereniging Goede Raad;

[...]

Blokkeringsregeling

Artikel 11.

1.Overdracht van aandelen in de vennootschap - daaronder niet begrepen overdracht door de vennootschap van door haar verworven aandelen in haar eigen kapitaal - behoeft, wil zij geldig zijn, de goedkeuring van de raad van commissarissen.

2. Een aandeelhouder, die één of meer aandelen wil overdragen, geeft daarvan kennis aan de raad van bestuur, onder opgave van aantal en aanduidingen van de aandelen, waarover het gaat en van de personen, aan wie hij wil overdragen, welke kennisgeving geldt als het verzoek om de goedkeuring van de raad van commissarissen. Elk van de gegadigden dient te voldoen aan de vereisten, neergelegd in artikel 5 lid 6. Uit de kennisgeving dienst onomstotelijk te blijken, dat aan het bepaalde in de vorige zin is voldaan, bij gebreke waarvan de kennisgeving wordt geacht niet te zijn geschied.

3. De raad van bestuur draagt zorg voor de totstandkoming van een vergadering van de raad van commissarissen ten einde omtrent het verzoek te besluiten. Indien niet binnen acht weken na ontvangst van het verzoek door de raad van commissarissen op dat verzoek is beslist, geldt de goedkeuring als verleend op het tijdstip van het verstrijken van de in deze zin gestelde termijn.

[...]’

2.6.

Bij brief van 31 mei 2002 (productie 4 bij conclusie van antwoord in conventie tevens houdende conclusie van eis in reconventie) heeft [naam 1] aan RTC als volgt bericht.

‘[...]

Betreft: overschrijven aandeel nr: a [aandeelnummer 2]

Mijne Heren,

Hierbij verklaar ik dat ik mijn aandeel met bijbehorend exploitatierecht overgedragen heb aan de heer [eiser] [...] in [woonplaats eiser] .

[...]’

2.7.

Bij brief van 5 juni 2002 (productie 5 bij dagvaarding) heeft (de raad van bestuur van) RTC aan [naam 1] als volgt bericht.

‘[...]

Wij delen U mede, dat U destijds het TTC-aandeel aan de n.v. te koop had dienen aan te bieden. Ook had U het TTC-aandeel aan de Rotterdamse Taxi Centrale RTC N.V., welke de rechtsopvolger is van de Taxi Telefoon Centrale TTC N.V., te koop kunnen aanbieden. De heer [eiser] kan alsnog het TTC-aandeel aan de Rotterdamse Taxi Centrale RTC N.V. te koop aanbieden, waardoor wij de heer [eiser] de nominale waarde t.w. Hl. 500,--/€ 226,89 zullen uitkeren.

Voorts delen wij U mede, dat destijds het exploitatierecht van een vergunning niet gekoppeld was aan een aandeel. Ten tijde van de Taxi Telefoon Centrale TTC N.V. waren er zowel vergunninghouders met als zonder aandeel.

[..]’

2.8.

In het verslag van de algemene vergadering van aandeelhouders van de Rotterdamse Taxi Centrale RTC N.V. d.d. 1 oktober 2013 (productie 35 van de zijde van [eiser] ) is op pagina 7 onder meer opgenomen:

‘De heer [naam 2] begint met RTC Franchise B.V. Onder de materiële vaste activa vallen spullen als aanschaf computers maar ook tweedehands auto’s, dit heeft te maken met het feit dat een aantal ondernemers failliet ging en een aantal werknemers zijn gaan franchisen bij RTC Franchise. Er zijn 8 voertuigen gekocht; dit is niet gebruikelijk, normaal gesproken wordt geleased. Onder vorderingen wordt verstaan de franchise van vergunningen die geïnd wordt bij de ondernemers, één maal per maand of kwartaal. Dit gebeurt niet helemaal zelf door de RTC Franchise want er hangen een aantal VoF’jes onder met daarbij procuratiehouders. De reden hiervan is dat een aantal chauffeurs niet bevoegd is zelfstandig een taxionderneming te voeren (vakbekwaamheid). RTC Franchise stuurt een factuur naar een VoF, onder de V0F hangen zo’n 20 ondernemers. De VoF heeft contact met de ondernemers en haalt het geld binnen en zorgt dat de franchise betaald wordt. De franchise vergoeding is € 90 en een stuk administratiekosten van € 35 per week. De € 35 is ter dekking van alle

kosten en € 90 wordt doorgestort naar de franchise houder. Vroeger waren er mensen binnen de Goede Raad, [bedrijf] en [naam 3] die dit werk deden. Nu regelt de RTC Franchise al die zaken. Aan het eind van het jaar worden nog facturen gemaakt die nog niet betaald zijn (vorderingen) aan de andere kant zie je kort lopende schulden staan voor ongeveer hetzelfde bedrag. Liquide middelen was niet bijzonder veel. Eigen vermogen heeft te maken met resultaten die de afgelopen jaren geboekt zijn, In 2011 was er een winst van € 11.197 (over 3 maanden) en dit jaar € 91.536 na belasting. Dit wordt direct toegevoegd aan de overige reserve. Lang lopende schulden is een stukje lening gekoppeld aan auto’s en kort lopende schulden zijn nog betalingen die gedaan moeten worden aan de franchisegevers. We gaan over naar de winst- en verliesrekening. In de verkorte versie is niet de omzet zichtbaar. Voor 2011 was die ongeveer € 44.000, er waren toen nog geen echte activiteiten. In

2012 was dit ruim 1,6 miljoen; dit is alles wat de franchisenemers betalen. Een stuk daarvan wordt doorbetaald aan franchisegevers daarnaast zijn er kosten voor auto’s, daarna houdt je een bruto marge over. Hiervan worden betaald loonkosten (€ 349.999), hieronder valt beloning van bestuurders, in 2011 was dit 0 omdat er geen omzet was, vroegen zij geen vergoeding. De vergoeding In 2012 was € 216.000 voor 5 bestuurders. (deel dit door 5 en dan door 12 dan weet je de vergoeding per maand per bestuurder). De € 133.000 overige loonkosten, er stond één persoon op de loonlijst van RTC Franchise en de overige mensen waren in 2012 nog in dienst bij [bedrijf] en voerden werkzaamheden uit voor de Franchise (boekhouding e.d.) die werden vanuit [bedrijf]

doorbelast aan RTC Franchise. Inmiddels zijn deze mensen per april 2013 in dienst genomen bij RTC Franchise omdat alle vergunningen daar ondergebracht zijn met het werk wat daaruit voortvloeit. Afschrijvingen zijn op de materiële vaste activa, in overige bedrijfskosten zit de huur van het pand, toen [adres 1] € 60.000 per jaar, dit was inclusief energie, water, telefoon, internet, inrichting, koffie etc. nu ligt dit beduidend lager aan de [adres 2] maar daar komen alle kosten nog bij. Er zit ook een post in van €17.000 oninbare kosten bij mensen die franchisen. Dit is een punt van zorg; in 2013 is dit bedrag aanmerkelijk hoger. Rentelasten heeft met financiering te maken. Uiteindelijk blijft over € 114.000. Nog niet genoemd RTC Franchise verfranchised 28 uitbreidingsvergunningen waarvan 20 volledig ingezet è € 90 maal 48 weken en 8 maal € 50; dit is ongeveer € 100.000.’

2.9.

Bij brief van 6 februari 2014 (productie 7 bij dagvaarding) heeft [eiser] RTC als volgt bericht.

‘[...]

Betreft: TTC-aandeel [aandeelnummer 2]

Beste heren,

Ik ben sinds voorjaar 2002 in het bezit van aandeel [aandeelnummer 2] van de TTC.

Graag wil ik dit aandeel op mijn bedrijfsnaam bijgeschreven zien in het aandelenregister van de RTC.

Een kopie van het aandeel heb ik bij deze brief gevoegd. Alsmede uw brief van 5 juni 2002 aan [naam 1] waaruit blijkt dat bij u bekend is dat ik de eigenaar ben van dit aandeel.

[...]’

2.10.

Bij brief van 13 februari 2014 (productie 8 bij dagvaarding) heeft RTC aan [eiser] als volgt bericht.

‘[...]

Met referte aan uw schrijven van 6 februari 2014 inzake aandeel TTC op naam van [naam 1] , delen wij u mede, dat de N.V. dit aandeel wil inkopen tegen het nominale bedrag van € 226,89.

Zodra u het aandeel inlevert op het secretariaat zullen wij voor overboeking van bovengenoemd bedrag zorgdragen

[...]’

2.11.

Bij brief van 16 februari 2014 (productie 9 bij dagvaarding) heeft [eiser] aan RTC als volgt bericht.

‘[...]

Ik heb uw brief van 13 februari jl. ontvangen.

Wellicht dat voor u niet duidelijk was dat mijn verzoek alleen strekte tot het op mijn naam bijschrijven van betreffend aandeel. Dit had al 12 jaar geleden na de bekendmaking van de overdracht van aandeel [aandeelnummer 2] moeten gebeuren in 2002. Echter, u bent hiertoe in gebreke gebleven. Ik verzoek u dan ook, nogmaals, zo spoedig mogelijk mijn rechtspositie te herstellen en het genoemde aandeel als per 31-5-2002 op mijn naam in het aandelenregister te vermelden, of met een dergelijke vermelding in het nu geldende aandelenregister te vermelden.

Wellicht ter overvloede benadruk ik dat ik niet bereid ben om het aandeel aan u te verkopen.

[...]’

2.12.

Bij brief van 10 oktober 2015 (productie 19 bij dagvaarding) heeft [eiser] aan RTC als volgt bericht.

‘[...]

Verzoek

Ik verzoek u om mij (vanaf 1 juni 2002) als aandeelhouder van aandeel [aandeelnummer 2] TTC in het aandeelhoudersregister te vermelden en mij alle rechten toe te kennen die aan dit aandeelhouderschap gekoppeld zijn. Indien in de plaats van de TTC aandeelbewijzen aan toonder, in verband met de naamsverandering in RTC, nieuwe aandeelbewijzen zijn uitgegeven, verzoek ik u om ook aan mij een nieuw aandeelbewijs te verstrekken dat materieel gezien ziet op het aandeel [aandeelnummer 2] TTC.

Daarnaast verzoek ik om het leveringsgebrek van onderhavig aandeel mee te nemen in de (grootschalige) reparatie-actie van de RTC, om de gebrekkige levering van de andere gebrekkig geleverde aandelen - door het ontbreken van een notariële akte van levering - te repareren / te helen.

[...]’

2.13.

In de periode vanaf 1998 zijn diverse RTC-aandelen overgedragen, waarbij geen rechtsgeldige levering heeft plaatsgevonden, omdat een notariële akte ontbrak. In navolging van partijen zal de rechtbank hierna degenen aan wie de aandelen zonder notariële akte zijn overgedragen als economisch eigenaar aanduiden.

2.14.

De in 2.13 genoemde situatie werd onwenselijk geacht en om die reden heeft RTC in 2017 aan haar aandeelhouders een reparatie van die situatie (hierna: de reparatie) voorgesteld.

2.15.

In de notulen van de algemene vergadering van aandeelhouders van RTC gehouden op 21 maart 2017 (productie 30 bij dagvaarding) is op pagina 2 onder meer opgenomen:

‘[...]

De heer [naam 4] (w370) vraagt aan de notaris, kunnen er oude ondernemers die hiervan horen naar voren komen met de gedachte dat er iets te halen valt. De notaris stelt dat dit niet uit te sluiten is en de directie zal zich daarover moeten buigen als de situatie zich voordoet. Hij benadrukt nogmaals dat deze situatie is om de reguliere aandeelhouder tegemoet te komen, die niet aan de eis heeft voldaan van de notariële akte. [naam 4] vraagt of na het passeren oude ondernemers geen rechten meer kunnen claimen. Dat is niet zo, maar de situatie is dan wel helder, [naam 6] legt uit dat wanneer iemand bij de omwisseling komt en meent oude rechten te hebben, dan moet die kwestie behandeld worden. Na dit proces is iedereen die op een normale manier in het bezit is van een aandeel ook onbetwist aandeelhouder in dezelfde vennootschap als nu, alleen in een andere gedaante een B.V.

Ter aanvulling legt de notaris uit dat in de nieuwe statuten kwaliteitseisen zijn gesteld en als iemand zo boven komt drijven, voldoet diegene niet aan de kwaliteitseis, zoals bijvoorbeeld het hebben van een aansluitingsovereenkomst.’

en

‘[...]

[naam 5] meldt dat de heer [eiser] zelf zo’n aandeel heeft dat hij heeft overgenomen van een oud RTC ondernemer. [naam 5] heeft de situatie laten onderzoeken, maar de meningen zijn niet eensgezind. Hij heeft geadviseerd dat de heer [eiser] dan maar naar de rechtbank moet gaan. Als je de rechten hebt, dan gelden ze, maar er is uitgekomen dat je geen recht hebt op exploitatie. [naam 6] lijkt het beter een individueel geval hier niet te bespreken. Deze hele operatie vermindert de rechten van de aandeelhouders niet en dat betekent dat de rechten die de heer [eiser] eventueel wel of niet heeft ook niet veranderen. Na 19 april 2017 zullen wellicht een paar conflict gevallen naar voren komen en die moeten dan opgelost worden.’

2.17.

Ter uitvoering van de reparatie zijn allereerst de statuten van RTC gewijzigd waardoor de aandelen in RTC niet langer aandelen op naam, maar aandelen aan toonder betroffen. In de akte van statutenwijziging van 18 april 2017 is onder andere opgenomen:

‘[...]

Overgangsbepaling

Artikel 29

  1. Een door de vennootschap uitgegeven aandeelbewijs op naam met de opdruk Rotterdamse Taxi Centrale TRC N.V. en de handtekening van een commissaris en/of een bestuurder geldt voortaan als aandeel aan toonder, tenzij dit aandeelbewijs vervallen is door uitgifte van een vervangend aandeelbewijs.

  2. Eventuele andere dan de in lid 1 omschreven aandeelbewijzen kunnen worden omgewisseld in een nieuw aandeelbewijs, mits degeen die het aandeelbewijs ter omwisseling aanbiedt voor dat aandeelbewijs als aandeelhouder is ingeschreven in het aandeelhoudersregister en het aandeelhouderschap niet betwist wordt door de vennootschap.

[...]’

2.18.

Vervolgens zijn op 10 mei 2017 de statuten opnieuw gewijzigd, waarbij RTC is omgezet in de besloten vennootschap Rotterdamse Taxi Centrale RTC B.V. (hierna eveneens als RTC B.V. aangeduid) en de aandelen in RTC opnieuw op naam kwamen. In de statuten is onder meer opgenomen:

‘[...]

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze statuten wordt verstaan onder:

- Aandeelhouders:

de houders van Aandelen;

- Aandelen:

aandelen in het kapitaal van de Vennootschap;

- Aansluitingsovereenkomst vervoerder met Aandeel:

de door de Vennootschap en de Aandeelhouder gesloten overeenkomst welke de Aandeelhouder het recht geeft om deel te nemen aan het door of ten behoeve van de Vennootschap en de met haar onderneming verworven werk.

[...]

Artikel 4b. Aandeelhouders

  1. [...]

  2. Aandeelhouders die willen deelnemen aan het werk dat door of ten behoeve van de Vennootschap en de met haar verworven onderneming wordt verworven dienen tijdig de Aansluitingsovereenkomst vervoerder met Aandeel te ondertekenen en deze overeenkomst na te leven. [...]’

3 Het geschil

3.1.

[eiser] vordert - na wijziging van eis - bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,

‘1a: primair RTC te veroordelen om binnen een week na het wijzen van het vonnis aan [eiser] tegen inlevering van TTC-aandeelbewijs [aandeelnummer 2] ten name van [naam 1] een aandeelbewijs op naam van [eiser] te verstrekken met de opdruk Rotterdamse Taxi Centrale RTC N.V., voorzien van de handtekening van een commissaris en/of bestuurder van RTC en dit aandeelbewijs binnen een week na het wijzen van het vonnis om te zetten in een aandeelbewijs RTC B.V. ten name van [eiser] , alsmede dat aandeel op naam op te nemen in het aandeelhoudersregister van RTC B.V. en om binnen een week na het wijzen van het vonnis met [eiser] een aansluitingsovereenkomst ten aanzien van aandeelbewijs [aandeelnummer 2] aan te gaan

1b: subsidiair RTC te veroordelen om binnen een week na het wijzen van het vonnis aan [eiser] een aandeelbewijs RTC B.V. ten name van [eiser] te verstrekken, alsmede dat aandeel op naam op te nemen in het aandeelhoudersregister van RTC B.V. en om binnen een week na het wijzen van het vonnis met [eiser] een aansluitingsovereenkomst ten aanzien van dat aandeelbewijs aan te gaan,

1c: meer subsidiair RTC te veroordelen om binnen een week na het wijzen van het vonnis aan [eiser] te voldoen een bedrag ad € 35.000,-- terzake de waarde van aandeel [aandeelnummer 2] , te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het nemen van deze conclusie/akte tot aan de dag der algehele voldoening,

alsmede

2: RTC te veroordelen om binnen een week na het wijzen van het vonnis aan [eiser] te voldoen een bedrag ad € 28.250,-- terzake inkomstenderving over de periode 1 maart 2014 tot en met 30 juni 2018, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het nemen van deze conclusie/akte tot aan de dag der algehele voldoening, en om aan [eiser] te voldoen een bedrag van € 125,-- per week, berekend vanaf 1 juli 2018 tot aan de dag dat RTC aan het primair dan wel subsidiair gevorderde heeft voldaan,

alsmede

3: RTC te veroordelen tot het betalen van een dwangsom van € 500,-- althans dat bedrag dat de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren te bepalen, per dag, voor iedere dat dat RTC in gebreke blijft aan de primaire dan wel subsidiaire veroordeling te voldoen

alsmede

4. RTC te veroordelen in de kosten van deze procedure, het salaris van de advocaat van [eiser] daaronder begrepen’.

3.2.

RTC voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen, subsidiair tot toewijzing van de vordering zonder dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, met veroordeling van [eiser] in de kosten van de procedure.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.4.

RTC vordert - voorwaardelijk, indien de vordering in conventie geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen - bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,

‘A. te verklaren voor recht dat aan het TTC-aandeel van [naam 1] en aan het eventueel op grond van de vordering in conventie aan [verweerder] toe te kennen aandeel geen recht op het uitvoeren van door RTC verworven werk verbonden zal zijn;

B. [verweerder] te verbieden om een beroep te doen op een beweerdelijk recht tot het uitvoeren van door RTC verworven werk ten aanzien van het onder A van dit petitum bedoelde aandeel op straffe van dwangsom van EUR 10.000,00 per overtreding, alsmede een bedrag ad EUR 10.000,00 per dag, een gedeelte van een dag daaronder begrepen, dat die overtreding voort duurt;

C. [verweerder] te gebieden om bij een eventuele overdracht van het onder A van dit petitum bedoelde aandeel bij wijze van een kettingbeding met een daaraan gekoppelde contractuele boete van EUR 250.000,00 per overtreding jegens iedere (toekomstige) verkrijger te bedingen dat aan het vorenbedoelde aandeel geen recht op het uitvoeren van door RTC verworven werk verbonden is, alsmede iedere (toekomstige) verkrijger te verbieden een beroep te doen op een beweerdelijk recht tot het uitvoeren van door RTC verworven werk ten aanzien van het vorenbedoelde aandeel;

D. [verweerder] te veroordelen tot betaling aan RTC van een dwangsom van EUR 250.000,00 indien [verweerder] aan het onder C. gevorderde gebod geheel of gedeeltelijk geen gevolg geeft;

E. [verweerder] te veroordelen in de kosten van de procedure in voorwaardelijke reconventie.’

3.5.

[verweerder] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van RTC in de kosten van het geding in reconventie, het salaris van de advocaat van [verweerder] daaronder begrepen.

3.6.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing