Home

Rechtbank Rotterdam, 31-08-2023, ECLI:NL:RBROT:2023:8237, ROT 22/176 en ROT 22/3638

Rechtbank Rotterdam, 31-08-2023, ECLI:NL:RBROT:2023:8237, ROT 22/176 en ROT 22/3638

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
31 augustus 2023
Datum publicatie
8 september 2023
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2023:8237
Zaaknummer
ROT 22/176 en ROT 22/3638

Inhoudsindicatie

BC MK, boete aan trustkantoor wegens overtreding van art. 16 Wwft (ongebruikelijke transactie niet onverwijld gemeld aan FIU). Overtreding is ernstig en verwijtbaar. De rechtbank heeft na weging van alle feiten en omstandigheden wel aanleiding gezien tot (verdere) matiging van de boete op grond van de passendheidstoets van het boetetoemetingsbeleid van DNB. Tevens matiging vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummers: ROT 22/176 en ROT 22/3638

[eiseres 1] , gevestigd te [plaats 1] , eiseres 1

[eiseres 2] , gevestigd te [plaats 2] , eiseres 2, tezamen eiseressen

(gemachtigden: mr. G.P. Roth en mr. P. Smith),

en

De Nederlandsche Bank N.V., verweerster (DNB)

(gemachtigden: mr. C. de Rond en mr. W.J. Poot).

Inleiding

1. DNB heeft met de beslissing van 14 juni 2021 eiseres 1 een bestuurlijke boete opgelegd van € 100.000,- wegens overtreding van artikel 16, eerste lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (Wwft) (boetebesluit).

2. Met de beslissing van 16 juni 2021 heeft DNB besloten tot openbaarmaking van het boetebesluit (publicatiebesluit 1).

3. Tegen het boetebesluit heeft eiseres 1 bezwaar gemaakt. Tegen het publicatiebesluit 1 hebben eiseressen bezwaar gemaakt.

4. Bij uitspraak van 3 november 2021 (ECLI:NL:RBROT:2021:10943) heeft de voorzieningenrechter het door eiseressen ingediende verzoek om voorlopige voorziening om het publicatiebesluit 1 op te schorten tot de beslissing op bezwaar afgewezen.

5. Met de beslissing van 7 december 2021 (het bestreden besluit) heeft DNB het bezwaar van eiseres 1 ongegrond en het bezwaar van eiseres 2 niet-ontvankelijk verklaard. Tegen dit besluit hebben eiseressen beroep ingesteld (ROT 22/176).

6. Op 23 juni 2022 heeft DNB besloten tot openbaarmaking van het bestreden besluit (publicatiebesluit 2).

7. Tegen publicatiebesluit 2 hebben eiseressen bezwaar gemaakt en, na instemming van DNB, rechtstreeks beroep ingesteld (ROT 22/3638).

8. DNB heeft op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.

9. De rechtbank heeft de beroepen op 8 juni 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen de gemachtigden van eiseressen, vergezeld door [naam 1] , [naam 2] en [naam 3] en de gemachtigden van DNB, vergezeld door [naam 4] , [naam 5] en [naam 6] , allen werkzaam bij DNB.

Feiten en totstandkoming van het besluit

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving