Home

Rechtbank Rotterdam, 13-09-2023, ECLI:NL:RBROT:2023:9444, C/10/662402 / KG ZA 23-666

Rechtbank Rotterdam, 13-09-2023, ECLI:NL:RBROT:2023:9444, C/10/662402 / KG ZA 23-666

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
13 september 2023
Datum publicatie
23 oktober 2023
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2023:9444
Zaaknummer
C/10/662402 / KG ZA 23-666

Inhoudsindicatie

Kort geding. Aanbesteding. Deurwaardersdiensten. In geschil is of de aanbestedende dienst de prijzen in de inschrijving terecht als niet-marktconform en onaanvaardbaar hoog heeft aangemerkt en of zij de inschrijving om die reden terzijde kon leggen.

Uitspraak

vonnis

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/662402 / KG ZA 23-666

Vonnis in kort geding van 13 september 2023

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LANDELIJKE ASSOCIATIE VAN GERECHTSDEURWAARDERS B.V. ,

gevestigd te Groningen,

eiseres,

advocaat mr. F.R.H. Kuiper te Hattem,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

STEDIN GROEP SERVICES B.V. ,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde,

advocaat mr. J.W.A. Bergevoet te Leiden.

Partijen worden hierna LAVG en Stedin genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding van 19 juli 2023

-

akte overlegging producties 1 tot en met 15 tevens houdende wijziging van eis van LAVG

-

akte overlegging producties 16 en 17 van LAVG

-

de conclusie van antwoord

-

de brief van 28 augustus 2023 van Stedin met productie A

-

de mondelinge behandeling gehouden op 30 augustus 2023

-

de pleitnota van LAVG

-

de pleitnota van Stedin.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

LAVG is een landelijk opererend deurwaarderskantoor.

2.2.

Stedin is een netbeheerder die opereert in het grootste deel van Zuid-Holland en de provincies Utrecht en Zeeland.

2.3.

Stedin heeft in januari 2023 een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure aangekondigd voor het uitvoeren van (gerechts)deurwaardersdiensten voor incasso & contractloze aansluitingen. De opdracht heeft tot doel het sluiten van raamovereenkomsten met twee dienstverleners voor de duur van vier jaar, met de mogelijkheid van verlenging van in totaal vier jaar, voor het leveren van de volgende diensten:

  1. deurwaardersdiensten voor incasso’s (het innen van openstaande facturen); en

  2. het oplossen van contractloosheid 1 .

De omvang van de totale opdracht is geraamd op gemiddeld € 500.000,00 per jaar, en per dienstverlener gemiddeld € 250.000,00, met een afwijkingsmarge van plus of min 30%.

2.4.

Tot de aanbestedingsdocumentatie behoren onder andere:

 de selectieleidraad deel 1A;

 de gunningsleidraad deel 1B;

 de beoordelingscriteria deel 2, meer in het bijzonder de gunningscriteria deel 2.3 met als bijlage onder 2.3.1. het prijzenblad;

 de aanbestedingsvoorwaarden deel 3;

 het programma van eisen deel 4.1;

 de nota’s van inlichtingen (na twee vragenrondes).

2.5.

In het prijzenblad staat het volgende vermeld:

2.6.

Het gunningscriterium is de economisch meest voordelige inschrijving op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding (weging van 30% voor prijs-70% voor kwaliteit).

In de aanbestedingsstukken staat vermeld dat de inschrijving met de laagste prijs het maximumaantal punten krijgt. De overige inschrijvingen krijgen een mindere score gerelateerd aan in welke mate de prijs van de laagste prijs afwijkt, met een minimum van nul punten. De aangeboden prijzen moeten, ook in vergelijking en verhouding tot elkaar, reëel, marktconform, niet-symbolisch en niet-manipulatief zijn.

2.7.

Na de selectiefase heeft Stedin vijf gegadigden uitgenodigd om een inschrijving in te dienen, wat deze vijf gegadigden tijdig hebben gedaan. LAVG is in de selectiefase als tweede geëindigd. Tot de inschrijvers in de gunningsfase behoren LAVG en in elk geval twee van de drie zittende dienstverleners van Stedin: Bosveld Gerechtsdeurwaarders en Incasso’s B.V. en Syncasso Nederland B.V. (hierna: Bosveld en Syncasso).

2.8.

De opdracht is voorlopig gegund aan Bosveld (geëindigd op de eerste plaats) en Syncasso (geëindigd op de tweede plaats) als de twee economisch meest voordelige inschrijvingen. De inschrijving van LAVG is ongeldig verklaard.

2.9.

In de voorlopige gunningsbeslissing van 30 juni 2023 (hierna: de gunningsbeslissing), met één bijlage, staat, voor zover relevant, het volgende vermeld:

“(...)

Stedin heeft de ontvangen inschrijvingen eerst beoordeeld op vormvereisten, volledigheid en het voldoen aan de gestelde eisen.

Bij de beoordeling van uw inschrijving op het gunningscriterium prijs hebben wij geconstateerd dat de totaalprijs van uw inschrijving ongeveer dubbel zo hoog is als de gemiddelde totaalprijs van de andere inschrijvers. Ook meerdere van uw dossierprijzen zijn een veelvoud van de dossierprijzen van de andere inschrijvers en in vergelijking met de raming van Stedin.

Op basis van deze constateringen zijn wij van oordeel dat uw inschrijving niet voldoet aan het voorschrift in paragraaf 6.9 van de Aanbestedingsvoorwaarden dat alle prijzen marktconform moeten zijn, hetgeen reden is voor ongeldigverklaring, alsook dat uw totaalprijs onaanvaardbaar hoog is, hetgeen eveneens reden is om uw onderneming niet voor gunning in aanmerking te laten komen.

Daarnaast hebben wij vastgesteld dat uw inschrijving bij de beoordeling op de gunningscriteria prijs en kwaliteit samen onvoldoende zou hebben gescoord om aangemerkt te kunnen worden als een van de twee economisch meest voordelige inschrijvingen (EMVI).

Bosveld (...) en Syncasso (...) hebben de inschrijvingen ingediend die zijn aangemerkt als de economisch meest voordelige inschrijving en komen daarmee voor gunning van de opdracht in aanmerking. In vergelijking met uw inschrijving hebben Bosveld en Syncasso een beduidend beter resultaat gehaald op prijs, en een vergelijkbaar resultaat op kwaliteit.

Ter informatie treft u in de bijlage een nadere motivering van de beoordeling van uw inschrijving op de gunningscriteria.

(...)”

2.10.

In de bijlage 1 bij de gunningsbeslissing (‘Toelichting op de puntentelling’), staat het volgende vermeld:

2.11.

LAVG heeft via het aanbestedingsplatform Mercell bij bericht van 5 juli 2023 vragen gesteld over de beoordeling van de prijzen die zij en de andere inschrijvers hebben ingediend. In dat bericht staat, voor zover relevant, het volgende:

“Wij hebben kennisgenomen van de gunningsbeslissing van 30 juni 2023 en hebben hier een aantal vragen over. Vriendelijk wil ik u verzoeken zo spoedig mogelijk antwoord te geven op deze vragen. Wij willen namelijk voorkomen dat wij door te lang wachten in tijdsnood komen om een kort geding aanhangig te maken. Dit is nu niet zondermeer onze intentie, tegelijkertijd zijn er wel grote vragen over de uitslag van de aanbesteding en de stelling dat ons ingediende prijs onaanvaardbaar hoog zou zijn. Onze vragen luiden als volgt:

1. Het valt ons op dat wij voor het onderdeel 'Prijs' een score hebben behaald van nul. Dit is rekenkundig niet mogelijk wanneer wordt gekeken naar het gehanteerde model. Vriendelijk willen wij Stedin hierbij dan ook verzoeken een juiste berekening voor het onderdeel 'Prijs' aan ons kenbaar te maken. Enkel op die manier kunnen wij ons vergelijken met andere inschrijvers en dit is een essentiële vereiste voor een gunningsbeslissing.

2. U stelt dat onze prijs niet marktconform zou zijn. Kunt u aangeven waarop u dit baseert? Het enkele feit dat wij een hogere dossierprijs hebben ingediend dan andere inschrijvers is onvoldoende voor deze constatering.

3. U verwijst in de gunningsbeslissing naar de raming van Stedin. Kunt u gemotiveerd aangeven waar deze raming op is gebaseerd? Daarbij verzoeken wij u met name in uw antwoord aan te geven of bij deze raming ook rekening is gehouden met de opbrengst van dossiers die wel tot incasso leiden.

4. Uit de gunningsbeslissing leiden wij af dat de winnende inschrijvers met prijzen hebben ingeschreven die factoren lager ligt dan onze prijzen. Kan Stedin gemotiveerd aangeven op welke wijze Stedin heeft geverifieerd dat deze prijzen reëel (dus vanuit kostenperspectief te verantwoorden) en marktconform zijn? Kan Stedin daarbij eveneens bevestigen dat Stedin onderzocht heeft dat er geen sprake is van een manipulatieve inschrijving?

5. Op welke manier heeft Stedin uitgesloten dat de winnende inschrijvingen de prijzen die zij hebben gehanteerd mede hebben gehanteerd vanwege de te verwachten opbrengsten uit dossiers die wel tot succesvolle incasso leiden?

(...)”.

2.12.

Stedin heeft op 7 juli 2023 gereageerd op het onder 2.11 bedoelde bericht van LAVG. In de reactie van Stedin staat, voor zover relevant, het volgende vermeld:

“(...) Hieronder zet Stedin de antwoorden uiteen op de door u gestelde vragen.

1. In deel 2.3. (Gunningscriteria) treft u onder hoofdstuk 3 'Gunningscriterium Prijs' aan. In deze paragraaf staat uitgewerkt op welke manier de prijs wordt beoordeeld. Ook staat de formule in deze paragraaf weergegeven: " De score op de 'Prijs' wordt als volgt vastgesteld. De Inschrijving met de laagste prijs per berekeningsgrondslag krijgt het maximum aantal punten. De overige Inschrijvingen krijgen een score gerelateerd aan in welke mate de prijs van de laagste prijs afwijkt met een minimum van 0 punten ".

Uw Inschrijfprijs lag (veel) hoger waardoor er sprake was van een negatieve score (-313 punten). Zoals hierboven beschreven wordt er dan een minimum van 0 punten toegekend.

2. De uitgevraagde dienstverlening is niet nieuw voor Stedin. Stedin weet wat er nu aan haar diverse opdrachtnemers afgerekend wordt voor de gevraagde dienstverlening. Hierbij is ook gekeken naar de prijzen van de afgelopen vier (4) jaar.

Daarnaast hebben wij de inschrijfprijzen van de andere inschrijvers meegenomen in de beoordeling op marktconformiteit. In totaal hebben vijf marktpartijen een inschrijving ingediend, hetgeen naar onze mening een goede maatstaf geeft voor de marktconformiteit van de ingediende prijzen. Zoals aangegeven in de gunningsbeslissing van 30 juni, is de totaalprijs van uw inschrijving ongeveer dubbel zo hoog is als de gemiddelde totaalprijs van de andere inschrijvers en zijn ook meerdere van uw dossierprijzen een veelvoud hoger dan de dossierprijzen van de andere inschrijvers.

Op basis hiervan hebben wij vastgesteld dat door LAVG ingediende prijzen niet overeenstemmen met hetgeen in de markt gebruikelijk is voor opdrachten van een soortgelijke aard en omvang, en daarom niet marktconform zijn.

3. Stedin heeft in de Selectieleidraad haar raming van € 500.000,- per jaar kenbaar gemaakt. Deze raming komt voort uit de huidige en de te verwachte dossiers die overgedragen zullen worden aan een gerechtsdeurwaarder en de geraamde dossierprijzen. Met deze raming is geen rekening gehouden met de opbrengst van dossiers die tot incasso leiden.

4. Deze vraag sluit nauw aan bij de door u gestelde vraag onder punt 2. Wij hebben ook de door de winnende inschrijvers ingediende prijzen getoetst op reële en marktconforme prijzen en of sprake zou kunnen zijn van manipulatieve inschrijvingen. De marktconformiteit is getoetst met kennis van de huidige prijzen, ervaringen uit het verleden en de nieuw ingediende prijzen door de vijf geselecteerde partijen. Geconstateerd is dat de prijzen van de twee winnende inschrijvers, en ook die van de andere afgevallen inschrijvers, daarmee in lijn liggen en daarom marktconform zijn. Ook de ingediende dossierprijzen zijn niet dermate laag of afwijkend dat deze naar onze beoordeling vanuit kostenperspectief niet te verantwoorden zouden zijn of dat daarmee de beoordelingssystematiek zou (kunnen) worden gemanipuleerd. Van niet-reële prijzen of een manipulatieve inschrijving van de begunstigde inschrijvers is daarom geen sprake.

5. In het prijzenblad zijn prijzen opgevraagd voor non-incasso dossiers, zodat de opbrengsten uit incasso dossiers hier geen onderdeel van uitmaken. Voor wat betreft de opbrengsten uit dossiers die wel tot succesvolle incasso leiden, heeft Stedin in de aanbestedingsprocedure partijen geselecteerd die ervaring hebben met bulkportefeuilles en met soortgelijke opdrachtgevers (netbeheerder, energie- of waterbedrijf) en heeft Stedin alle inschrijvers gelijke informatie verstrekt, zodat inschrijvers zo nodig een eigen inschatting/analyse van de verwachten kosten zouden kunnen maken.

(...)”.

3 Het geschil

3.1.

LAVG vordert, na eerst vermeerdering en vervolgens vermindering van eis, om bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

primair :

1. Stedin te gebieden de gunningsbeslissing in te trekken, en de inschrijving van LAVG alsnog geldig te verklaren, de inschrijving van de beoogd winnaars en de inschrijvingen van Bosveld, Inkassier en Syncasso, die inhoudelijke kennis hebben van de door Stedin aanbestede werkzaamheden, ongeldig te verklaren en met inachtneming hiervan een nieuwe gunningbeslissing te nemen;

subsidiair :

2. Stedin te gebieden de gunningsbeslissing in te trekken, en met inachtneming van het door de voorzieningenrechter te wijzen vonnis een hernieuwde gunningsbeslissing te nemen;

meer subsidiair:

3. Stedin te gebieden de aanbestedingsprocedure te staken en gestaakt te houden en haar te gebieden tot heraanbesteding over te gaan, zo zij de opdracht nog wil gunnen;

uiterst subsidiair :

4. de voorzieningen te treffen die de voorzieningenrechter geraden acht;

in alle gevallen :

5. Stedin te veroordelen in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met de nakosten en wettelijke rente.

3.2.

Stedin voert verweer. Zij concludeert tot afwijzing van de vorderingen van LAVG, met veroordeling van LAVG in de proces- en nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing