Rechtbank Rotterdam, 26-11-2024, ECLI:NL:RBROT:2024:11757, ROT 23/3491
Rechtbank Rotterdam, 26-11-2024, ECLI:NL:RBROT:2024:11757, ROT 23/3491
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 26 november 2024
- Datum publicatie
- 28 november 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:11757
- Zaaknummer
- ROT 23/3491
Inhoudsindicatie
In 2022 heeft de AFM geconstateerd dat zij in het verleden begrote kosten voor doorlopend toezicht ten onrechte niet of niet volledig bij eiseres in rekening heeft gebracht. Zij heeft met terugwerkende kracht heffingen opgelegd. Conclusie is dat de AFM niet bevoegd was de naheffingsbesluiten te nemen. Beroep voor zover gericht tegen de naheffingen van de jaren 2019 tot en met 2021 is gegrond.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Zittingsplaats Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/3491
FlatexDEGIRO Bank AG, uit Frankfurt Am Main, eiseres
(gemachtigde: mr. G.P. Roth),
en
Stichting Autoriteit Financiële Markten, AFM
(gemachtigden: mr. A.J. de Heer en mr. W.J. Poot).
Inleiding
1. De AFM heeft op 21 oktober 2022 bij vijf afzonderlijke besluiten aan eiseres heffingen opgelegd voor de bijdrage in de kosten voor doorlopend toezicht voor de heffingsjaren 2017 tot en met 2021 (naheffingsbesluiten).
Bij bestreden besluit van 20 april 2023 heeft de AFM het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.
De AFM heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
Bij wijzigingsbesluit van 23 september 2024 (wijzigingsbesluit) heeft de AFM de bij besluiten van 21 oktober 2022 opgelegde heffingen over de jaren 2017 en 2018 ingetrokken en aangegeven dat zij de betaalde heffingen over deze jaren zal crediteren aan eiseres.
De rechtbank heeft het beroep op 24 september 2024 gelijktijdig met zaak ROT 23/5238 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigden van de AFM, vergezeld door [naam] . Na sluiting van het onderzoek ter zitting zijn de zaken gesplitst voor het doen van uitspraak.