Home

Rechtbank Rotterdam, 23-07-2025, ECLI:NL:RBROT:2025:9127, C/10/679138 / HA ZA 24-414

Rechtbank Rotterdam, 23-07-2025, ECLI:NL:RBROT:2025:9127, C/10/679138 / HA ZA 24-414

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
23 juli 2025
Datum publicatie
31 juli 2025
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:9127
Zaaknummer
C/10/679138 / HA ZA 24-414

Inhoudsindicatie

bestuurdersaansprakelijkheid 2:248 BW; schending publicatieplicht en administratieplicht; Ook materieel sprake van onbehoorlijke taakvervulling; overhevelen corporatie opportunities

Uitspraak

vonnis

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/679138 / HA ZA 24-414

Vonnis van 23 juli 2025

in de zaak van

[eiser] in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Comedical B.V.,

kantoorhoudende te [plaats] ,

eiser,

advocaat: mr. G.L. van Weverwijk te Rotterdam,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

COYOSAMO B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

2. de stichting

[stichting A] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

3. [persoon B],

wonende te [woonplaats] ,

4. [persoon C],

wonende te [woonplaats]

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

COYOME B.V.,

gevestigd te Ridderkerk,

6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

COYOWA B.V.,

gevestigd te Ridderkerk,

gedaagden,

advocaat: mr. E.M. Richel te Schiedam.

Eiser zal hierna de curator worden genoemd. Gedaagden zullen afzonderlijk worden aangeduid als Coyosamo, [stichting A] , [persoon B] , [persoon C] , Coyome en Coyowa en gezamenlijk als Coyosamo c.s. Coyosamo, [stichting A] , [persoon B] en [persoon C] worden gezamenlijk aangeduid als de bestuurders.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding van 13 mei 2024,

-

de akte overlegging producties van de curator, met producties 1 tot en met 51,

-

de conclusie van antwoord, met producties 1 tot en met 12,

-

de brief van de rechtbank van 27 september 2024, waarbij partijen zijn opgeroepen voor een mondelinge behandeling,

-

de brief van de rechtbank van 8 januari 2025, waarbij een zittingsagenda aan partijen is gestuurd,

-

de akte overlegging producties en eiswijziging van de curator, met producties 52 tot en met 73,

-

de akte overleggen producties van Coyosamo c.s., met producties 13 tot en met 18,

-

de mondelinge behandeling van 3 februari 2025 en de daarbij overgelegde spreekaantekeningen van de curator en Coyosamo c.s.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[persoon B] en [persoon C] vormen het bestuur van [stichting A] . [stichting A] is de bestuurder en aandeelhouder van Coyosamo, die op haar beurt bestuurder en aandeelhouder is van Comedical B.V. (hierna: Comedical), Coyome en Coyowa.

2.2.

Comedical hield zich (onder meer) bezig met de verkoop van medische apparatuur, specifiek voor pijnbestrijding en neurochirurgie. Zij was distributeur van producten van onder meer Cosman Medical Inc. (hierna: Cosman) en Diros Technologies Inc. (hierna: Diros).

2.3.

Op basis van een overeenkomst van 23 oktober 2008 stelde Coyosamo [persoon B] en [persoon C] ter beschikking aan Comedical voor het verrichten van managementwerkzaamheden. Deze overeenkomst – waarin Comedical is aangeduid als opdrachtgever en Coyosamo als opdrachtnemer – luidt voor zover hier van belang:

“(...)

Artikel 2:

1. Als beheersvergoeding ontvangt opdrachtnemer, ter zake van de door haar vertegenwoordigde manager als zodanig te verrichten werkzaamheden, een vaste vergoeding welke voor het jaar 2008/2009 op jaarbasis word vastgesteld op € 80.000,00.

(...)

6. Telkenjare zal tussen partijen overleg plaatsvinden omtrent aanpassing van de beheersvergoeding (...).

(...)”.

2.4.

Cosman is in 2016 overgenomen door Boston Scientific International B.V. (hierna: BSI). Comedical heeft vervolgens een distributieovereenkomst gesloten met BSI. De meest recente distributieovereenkomst had een looptijd van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2019.

2.5.

De notulen van de bijzondere vergadering van aandeelhouders van Coyosamo van 1 maart 2020 luiden voor zover hier van belang:

“(...)

Op de agenda staat 1 agendapunt:

Het bepalen van de fee voor de dochter B.V. 's. Comedical B.V. (...) over 2020 - 2021 e.v.

(...)

Voor 2020 wordt het fee bedrag voor Comedical [op] € 340.000,-- (...) gesteld (...)”.

2.6.

Comedical en BSI hebben in 2020 onderhandeld over voortzetting van de distributierelatie, maar zij hebben geen overeenstemming bereikt. Toen dat duidelijk werd, heeft BSI aanspraak gemaakt op betaling van een bedrag aan onbetaalde facturen wegens geleverde producten van $ 817.506,95 en € 175.405,84. Bij brief van 3 juli 2020 heeft Comedical zich vervolgens beroepen op verrekening met een tegenvordering van (afgerond) $ 7 miljoen. Bij brief van 12 oktober 2020 heeft (de advocaat van) BSI die tegenvordering afgewezen.

2.7.

De notulen van de bijzondere vergadering van aandeelhouders van Coyosamo van 22 december 2020 luiden voor zover hier van belang:

“(...)

“Per 1 januari 2021 wordt Coyome importeur van de Diros producten. Was Diros in een eerder stadium slechts de vervanger van de Cosman/Boston producten, door de problemen met Boston is Diros de leverancier van deze producten geworden.

Omdat de naam van Comedical BV ernstig besmet is door acties van Boston en doordat Boston Comedical BV verboden heeft de Cosman artikelen te verkopen moeten de bestellingen direct door Coyome BV aan de ziekenhuizen geleverd worden en gefactureerd.

Dhr. [persoon B] gaf aan dat de facturatie niet zomaar naar Coyome BV omgezet kan worden omdat de ziekenhuizen dit administratief niet bol kunnen werken. Hij stelt voor de leveringen door Coyome BV te laten doen en Comedical BV de nota’s te laten uitbrengen. Dit tot dat de omzetting naar Coyome BV met ziekenhuizen geregeld is.

Nieuwe klanten moeten wel direct door Coyome BV worden gefactureerd.

Coyome BV moet dan geen nota's aan Comedical BV sturen, omdat er niet aan Comedical BV geleverd wordt. Comedical maakt zelf de nota's aan de ziekenhuizen vanaf de door Coyome BV verstrekte lijsten.

Comedical fungeert in wezen als administratiekantoor. Zij schrijft de nota’s uit, incasseert deze, draagt de BTW af en maakt de bedragen exclusief de BTW over aan Coyome BV. De kosten die Comedical BV maakt worden door Coyome BV of Coyosamo BV gecompenseerd of verrekend.

Met algemene stemmen gaat de vergadering akkoord met het door dhr. [persoon B] gedane voorstel.

(...)”.

2.8.

De bestuurders hebben uitvoering gegeven aan het onder 2.7 vermelde aandeelhoudersbesluit. Per 1 januari 2021 is Coyome Diros producten gaan importeren en verkopen. Voor bestaande klanten werd er vanuit Comedical gefactureerd. Voor nieuwe klanten werd er vanuit Coyome gefactureerd. Comedical droeg vervolgens de verkoopopbrengst af aan Coyome.

2.9.

De notulen van de bijzondere vergadering van aandeelhouders van Coyosamo van 21 januari 2022 luidt voor zover hier van belang:

“(...)

Op de agenda staat 1 agendapunt:

Het bepalen van de fee voor de dochter B.V. 's. Comedical B.V., Coyome B.V. en Coyowa B.V. over 2022 e.v.

(...) Dus de fee moet nog weer teruggesteld worden voor 2022 op € 340.000,- voor Comedical B.V. (...).

In oktober 2022 bepalen we de fee voor 2023 voor de dochter B.V.’s.

(...)”.

2.10.

Comedical is bij vonnis van deze rechtbank van 7 december 2022 veroordeeld tot betaling aan BSI van $ 804.756,17 en € 176.742,84, te vermeerderen met rente en kosten. De rechtbank heeft in dat vonnis het beroep van Comedical op verrekening met haar tegenvordering afgewezen, omdat een beroep op verrekening in de distributieovereenkomst was uitgesloten. Ten aanzien van die tegenvordering in reconventie heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard, vanwege het beroep van BSI op het arbitragebeding in de distributieovereenkomst.

2.11.

Bij vonnis van deze rechtbank van 6 juni 2023 is Comedical in staat van faillissement verklaard met benoeming van de curator als zodanig.

2.12.

Een brief van de curator aan Coyosamo van 25 augustus 2023 luidt voor zover hier van belang:

“(...)

Ik vernietig bij deze ten behoeve van Comedical BV de bedoelde rechtshandelingen tot toekenning van beheersvergoedingen aan Coyosamo BV voor 2020, 2021 en 2022, alsmede overigens alle overige rechtshandelingen jegens Coyosamo BV die in strijd met het bepaalde in artikel 2:247 BW niet schriftelijk zijn vastgelegd.

(...)”.

3 Het geschil

3.1.

De curator vordert – na wijziging van eis – dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

ten aanzien van de bestuurders:

1) primair

  1. voor recht verklaart dat het bestuur van Comedical zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement, en

  2. de bestuurders hoofdelijk veroordeelt tot betaling van

i) het bedrag van de schulden in het faillissement van Comedical voor zover deze niet door vereffening van de overige baten kunnen worden voldaan, op te maken bij staat, en

ii) een voorschot op het onder i) bedoelde bedrag van € 500.000,00, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen voorschot, te vermeerderen met wettelijke rente over het voorschot vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis,

2) subsidiair

  1. voor recht verklaart dat de bestuurders hun taak onbehoorlijk hebben vervuld, en

  2. de bestuurders hoofdelijk veroordeelt tot betaling van

i) de door hen als gevolg van hun onbehoorlijk bestuur veroorzaakte schade, op te maken bij staat, en

ii) een voorschot op het onder i) bedoelde bedrag van € 500.000,00, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen voorschot, te vermeerderen met wettelijke rente over het voorschot vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis,

3) meer subsidiair

  1. voor recht verklaart dat de bestuurders door wijziging van de werkwijze van Comedical en/of door onttrekking van vermogen van Comedical (door het verrichten van (onverschuldigde) betalingen aan en voor Coyosamo, [persoon B] , [persoon C] en Coyowa) onrechtmatig hebben gehandeld jegens de gezamenlijke schuldeisers van Comedical, en

  2. de bestuurders hoofdelijk veroordeelt tot betaling van

i) de door hen als gevolg van hun onrechtmatig handelen jegens de gezamenlijke schuldeisers van Comedical veroorzaakte schade, op te maken bij staat, en

ii) een voorschot op het onder i) bedoelde bedrag van € 500.000,00, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen voorschot, te vermeerderen met wettelijke rente over het voorschot vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis,

4) ten aanzien van Coyome:

  1. voor recht verklaart dat Coyome door verlenen van medewerking aan wijziging van de werkwijze van Comedical onrechtmatig heeft gehandeld jegens de gezamenlijke schuldeisers van Comedical, en

  2. Coyome veroordeelt tot betaling van (indien van toepassing hoofdelijk met de bestuurders)

i) de door haar als gevolg van haar onrechtmatig handelen jegens de gezamenlijke schuldeisers van Comedical veroorzaakte schade, op te maken bij staat, en

ii) een voorschot op het onder i) bedoelde bedrag van € 500.000,00, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen voorschot, te vermeerderen met wettelijke rente over het voorschot vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis,

5) Coyosamo veroordeelt tot betaling van € 469.565,95, te vermeerderen met wettelijke rente daarover vanaf 26 november 2024, althans 14 dagen na de datum van het vonnis,

6) Coyowa veroordeelt tot betaling van € 103.126,62, te vermeerderen met wettelijke rente daarover vanaf 26 november 2024, althans vanaf 14 dagen na de datum van het vonnis,

7) behoudens ten aanzien van de bestuurders bij toewijzing van de jegens hen ingestelde primaire vordering, Coyosamo c.s. te veroordelen in de proceskosten en de beslagkosten, te vermeerderen met rente en nakosten.

3.2.

De conclusie van Coyosamo c.s. strekt tot afwijzing van het gevorderde, met veroordeling van de curator, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, in de proceskosten.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing