Home

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-05-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:3015, C/02/395575 / HA ZA 22-131 (E)

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-05-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:3015, C/02/395575 / HA ZA 22-131 (E)

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
3 mei 2023
Datum publicatie
16 mei 2023
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:3015
Zaaknummer
C/02/395575 / HA ZA 22-131 (E)

Inhoudsindicatie

Geen aansprakelijkheid commissaris (Raad van Commissarissen). Geen rechtsgeldige benoeming tot commissaris plaatsgevonden ex art. 2:252 BW.

Uitspraak

Zittingsplaats Breda

Civiel recht

Zaaknummer: C/02/395575 / HA ZA 22-131

Vonnis van 3 mei 2023

in de zaak van

[eiser] , in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Prima Zorg & Welzijn BV,

te Tilburg,

eisende partij,

hierna te noemen: ‘de curator’,

advocaat: mr. E. van der Kolk te Tilburg,

tegen

[gedaagde] ,

te [plaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: ‘ [gedaagde] ’,

advocaat: mr. M. Hamidy te Tiel.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

– het tussenvonnis van 13 juli 2022 en de daarin genoemde stukken,

– de door de curator nagezonden productie 34, – het proces-verbaal en de zittingsaantekeningen van de mondelinge behandeling van

1 februari 2023.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiser] is curator in het faillissement van Prima Zorg & Welzijn BV (hierna: ‘Prima Zorg’). Enig bestuurder en aandeelhouder van Prima Zorg is de heer [bestuurder] (hierna: ‘ [bestuurder] ’).

2.2.

[bestuurder] en [gedaagde] hebben op enig moment contact gehad over de mogelijke invulling van een vrijwilligersrol voor [gedaagde] binnen Prima Zorg.

2.3.

Bij inschrijfformulier van 22 augustus 2016 heeft [bestuurder] [gedaagde] als commissaris binnen de Raad van Commissarissen van Prima Zorg ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel.

2.4.

Bij vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 10 augustus 2021 is Prima Zorg in staat van faillissement verklaard, met benoeming van [eiser] tot curator.

2.5.

Op 1 februari 2022 is [bestuurder] in staat van faillissement verklaard.

2.6.

De curator heeft [gedaagde] op 15 september 2021 als commissaris van Prima Zorg aansprakelijk gesteld voor het faillissementstekort.

2.7.

Op 4 maart 2023 heeft de curator [gedaagde] gedagvaard.

3 Wat vinden partijen?

3.1.

De curator vordert, samengevat:

I. te verklaren voor recht dat [gedaagde] zijn taak als commissaris onbehoorlijk heeft vervuld;

II. te verklaren voor recht dat aannemelijk is dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement;

III. [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

IV. [gedaagde] te veroordelen tot betaling van het volledige faillissementstekort in het faillissement van Prima Zorg & Welzijn BV, voor zover dit tekort niet door vereffening van de overige baten kan worden voldaan;

V. [gedaagde] te veroordelen om aan de curator te betalen een bedrag van € 500.000,00 als voorschot, te vermeerderen met wettelijke rente;

VI. [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten, waaronder de door de curator gemaakte beslagkosten.

3.2.

De curator stelt dat [gedaagde] zijn taak als commissaris onbehoorlijk heeft vervuld. [bestuurder] heeft als bestuurder van Prima Zorg structureel zeer aanzienlijke liquiditeiten aan Prima Zorg onttrokken. Een faillissement kon vervolgens niet uitblijven. [gedaagde] heeft geen toezicht op het bestuur gehouden, terwijl dit wel zijn taak was. De curator stelt [gedaagde] daarom aansprakelijk voor de schade van Prima Zorg1. Deze schade is gelijk aan het boedeltekort van Prima Zorg. Dit tekort wordt geschat op € 1.042.472,80. De curator maakt aanspraak op het gehele tekort, maar vordert in deze procedure een voorschot op de schadevergoeding van € 500.000,00.

3.3.

[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] betwist dat hij rechtsgeldig tot commissaris is benoemd, althans dat hij zijn taak als commissaris onbehoorlijk heeft vervuld. [gedaagde] vindt dat de vorderingen moeten worden afgewezen met veroordeling van de curator in de kosten van deze procedure.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4 Wat vindt de rechtbank?

5 De beslissing