Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25-01-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:443, 399630_T25012023
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25-01-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:443, 399630_T25012023
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 25 januari 2023
- Datum publicatie
- 30 januari 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2023:443
- Zaaknummer
- 399630_T25012023
Inhoudsindicatie
De Staat heeft gehandeld in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. Geen noodzaak tot onteigening, De Staat heeft onvoldoende ondernomen om, voorafgaand aan de administratieve procedure en na definitief worden KB de gronden in der minne te verwerven.
Uitspraak
Cluster II Handelszaken
Middelburg
zaaknummer / rolnummer: C/02/399630 / HA ZA 22-360
Vonnis van 25 januari 2023
in de zaak van
de publiekrechtelijke rechtspersoon
DE STAAT DER NEDERLANDEN
(Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat)
zetelend te 's-Gravenhage,
eiser,
advocaten mr. R.C.K. van Andel en mr. S.M.L. Aaldering te Arnhem,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. E.H.E.J. Wijnen te Tilburg.
Partijen zullen hierna de Staat en [gedaagde] worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de akte van depot van 29 juni 2022
- -
-
de dagvaarding van 11 juli 2022
- -
-
de conclusie van antwoord
- -
-
de akte van de Staat
- -
-
de akte van [gedaagde] .
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Bij Koninklijk Besluit van 8 maart 2022, nummer 2022000491, gepubliceerd in de Staatscourant van 12 april 2022 nummer 8663 (hierna: het KB), is goedgevonden en verstaan dat om de reconstructie mogelijk te maken van de Rijksweg A27 Houten – knooppunt Hooipolder (deeltraject 2), vanaf de kruising van de A27 met de Groeneweg tot en met de aansluiting Geertruidenberg, ongeveer 900 meter ten zuiden van de kruising van de A27 met de Bergsche Maas bij de Keizersveerbrug, met bijkomende werken, in de gemeenten Gorinchem, Altena en Geertruidenberg, ten algemene nutte en ten name van de Staat worden onteigend de in het KB ter onteigening aangewezen onroerende zaken, aangeduid op de grondplantekeningen zoals die ter inzage hebben gelegen.
In het KB zijn onder meer de volgende aan [gedaagde] in eigendom toebehorende onroerende zaken ter onteigening aangewezen:
- -
-
[grondplannummer 1] : een deel van 1.060 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 1] , totaal groot 91.145 m2, kadastraal omschreven als “Terrein (akkerbouw)”;
- -
-
[grondplannummer 2] : een deel van 579 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 2] totaal groot 13.638 m2, kadastraal omschreven als “Bedrijvigheid (industrie) / Terrein (grasland)”;
- -
-
[grondplannummer 3] : een deel van 654 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 3] , totaal groot 11.390 m2, kadastraal omschreven als “Terrein (akkerbouw)”;
- -
-
[grondplannummer 4] : een deel van 494 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 4] , totaal groot 8.340 m2, kadastraal omschreven als “Terrein (akkerbouw);
- -
-
[grondplannummer 5] : een deel van 332 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 5] , totaal groot 5.030 m2, kadastraal omschreven als “Terrein (akkerbouw)”;
- -
-
[grondplannummer 6] : een deel van 5.364 m2 van het perceel kadastraal bekend [kadastrale gegevens 6] , totaal groot 36.450 m2, kadastraal omschreven als “Terrein (akkerbouw)”.
De percelen kadastraal bekend gemeente Werkendam, [kadastrale gegevens 1] , [kadastrale gegevens 2] , [kadastrale gegevens 3] en [kadastrale gegevens 6] zijn belast met een recht van hypotheek ten gunste van de Coöperatieve Rabobank U.A. kantoorhoudende aan de Croeselaan 18 te 3521 CB Utrecht.
Op gedeelten van de percelen, kadastraal bekend gemeente Werkendam, [kadastrale gegevens 1] , [kadastrale gegevens 2] en [kadastrale gegevens 3] , rust een zakelijk recht als bedoeld in artikel 5 lid 3 onder b van de Belemmeringenwet Privaatrecht, ten gunste van Enexis Netbeheer B.V., gevestigd aan de Magistratenlaan 116 te 5223 MB ’s-Hertogenbosch.
Op 21 juli 2022 heeft de vervroegde plaatsopneming van de percelen plaatsgevonden in de procedure met rekestnummer: C/02/394078 / HA RK 22-10.
3 Het geschil
De Staat vordert, enigszins samengevat, bij vervroeging de onteigening uit te spreken van de te onteigenen gronden in de dagvaarding genoemd onder 2., het bedrag van (het voorschot op) de schadeloosstelling te bepalen en de bij beschikking in de zaak met zaak-/rekestnummer: C/02/394078 / HA RK 22-10 benoemde deskundigen op te dragen de schadeloosstelling te begroten.
De Staat stelt dat hij heeft getracht om met [gedaagde] in der minne tot overeenstemming te komen over de overdracht van de te onteigenen gronden, maar dat hij er nog niet in is geslaagd om minnelijke overeenstemming te bereiken die heeft geresulteerd in overdracht van de juridische eigendom. De Staat heeft bij dagvaarding aan [gedaagde] een bedrag aangeboden van € 74.335,25 voor de overdracht in eigendom, vrij van lasten en rechten van de in de dagvaarding onder 2. genoemde te onteigenen gronden.
[gedaagde] voert verweer. De Staat heeft in de periode voorafgaand aan het definitief worden van het onteigeningsbesluit gehandeld in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, meer in het bijzonder het zorgvuldigheidsbeginsel. De Staat heeft zich volgens [gedaagde] niet, althans onvoldoende, ingespannen om een grondruil tot stand te brengen terwijl [gedaagde] vanaf begin af aan heeft aangegeven dat hij compensatiegrond wenste. [gedaagde] heeft dit verweer ook in het kader van de door hem tegen het ontwerp KB ingebrachte zienswijzen aan [naam] ter beoordeling voorgelegd. Volgens [gedaagde] heeft [naam] zijn besluit tot onteigening onvoldoende gemotiveerd en ten onrechte nagelaten om het beroep door [gedaagde] op het zorgvuldigheidsbeginsel te beoordelen. Voorts stelt [gedaagde] dat de noodzaak tot onteigening ontbreekt omdat de Staat, ook na het definitief worden van het KB, onvoldoende heeft ondernomen om de te onteigenen gronden in der minne te verwerven en daardoor niet heeft voldaan aan artikel 17 Onteigeningswet (hierna: Ow). Bovendien geldt dat er nog gesprekken omtrent eventuele ruilgrond gaande zijn.