Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13-10-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7339, C/02/413487/KG ZA 23-427 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13-10-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7339, C/02/413487/KG ZA 23-427 (E)
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 13 oktober 2023
- Datum publicatie
- 23 oktober 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2023:7339
- Zaaknummer
- C/02/413487/KG ZA 23-427 (E)
Inhoudsindicatie
Zorginkoopprocedure. Aansluiten bij beginselen van aanbestedingsrecht. Inschrijving voldeed niet aan de eisen, geen mogelijkheid tot herstel.
Uitspraak
Civiel recht
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: C/02/413487 / KG ZA 23-427
Vonnis in kort geding van 13 oktober 2023
in de zaak van
DE ZORGHEIMER B.V.,
te Ouwerkerk,
eisende partij,
hierna te noemen: De Zorgheimer,
advocaat: mr. C.M. Borman te Rotterdam,
tegen
CZ ZORGKANTOOR B.V.,
te Tilburg,
gedaagde partij,
hierna te noemen: CZ Zorgkantoor,
advocaat: mr. A.J.H.W.M. Versteeg te Amsterdam.
1 De zaak in het kort
De Zorgheimer wil een overeenkomst sluiten met CZ Zorgkantoor voor het leveren van Wlz- zorg (zorg in het kader van de Wet langdurige zorg) in de regio Zeeland. De Zorgheimer heeft zich ingeschreven voor de zorginkoopprocedure voor het jaar 2024. CZ Zorgkantoor heeft aangegeven dat de inschrijving niet voldoet aan de eisen, zodat De Zorgheimer niet in aanmerking komt voor een overeenkomst. De Zorgheimer wil in kort geding bereiken dat er alsnog een overeenkomst tot stand komt.
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van De Zorgheimer af. De beslissing van de voorzieningenrechter wordt hierna onder het kopje ‘De beoordeling’ gemotiveerd. Eerst worden het verloop van de procedure, de relevante feiten en het geschil (de vorderingen en het verweer daartegen van partijen) weergegeven.
2 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding met de producties 1 tot en met 5;
- -
-
de exceptie van onbevoegdheid, opgeworpen door CZ Zorgkantoor;
- -
-
de akte overlegging producties 6 en 7 van De Zorgheimer;
- -
-
de conclusie van antwoord in het onbevoegdheidsincident;
- -
-
de nagezonden productie 8 van De Zorgheimer;
- -
-
de mondelinge behandeling van 3 oktober 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- -
-
de pleitnotitie van mr. Versteeg in het incident;
- -
-
het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in het incident van 3 oktober 2023;
- -
-
de pleitnotities van de advocaten van De Zorgheimer en CZ Zorgkantoor in de hoofdzaak.
3 De feiten
De Zorgheimer is een kleinschalige woonboerderij met 15 appartementen voor cliënten met psychogeriatrische problematiek en/of somatische aandoeningen. Naast logeeropvang biedt De Zorgheimer ook dagbesteding aan zorgbehoevenden.
Nederland is ten behoeve van de uitvoering van de Wlz opgedeeld in regio’s en per regio is een zorgkantoor aangewezen, dat er verantwoordelijk voor is dat cliënten in die regio de langdurige zorg krijgen waar ze recht op hebben. Zorgkantoren kopen zorg in bij zorgaanbieders en daartoe worden overeenkomsten gesloten. CZ Zorgkantoor is aangewezen als zorgkantoor voor de regio’s Haaglanden, Zuid-Hollandse Eilanden, Zeeland, West-Brabant, Zuidoost-Brabant en Zuid-Limburg.
De Zorgheimer heeft door het indienen van een bestuursverklaring kenbaar gemaakt in aanmerking te willen komen voor een overeenkomst met CZ Zorgkantoor voor het leveren van Wlz- zorg in 2024 voor de regio Zeeland.
In deze bestuursverklaring heeft De Zorgheimer moeten aangeven of zij voornemens was in 2024 te gaan werken met onderaannemers. De Zorgheimer heeft ‘nee’ ingevuld.
CZ Zorgkantoor stelt aan nieuwe zorgaanbieders de eis dat zij bij inschrijving een ondernemingsplan overleggen. In het ondernemingsplan van De Zorgheimer staat op pagina 17 het volgende te lezen:
“Huidig personeel heeft de bereidheid om extra uren te werken daarwaar nodig. De meeste hebben een parttime overeenkomst.
Daarnaast hebben we een overeenkomst met Acta-zorg en Zeeuwse Zorgmensen die ons voorziet van zorgpersoneel bij onderbezetting of ziekte. Verder hebben we een bestand van ZZP’ers die we kunnen inzetten. (...)”
In hoofdstuk vijf van het ondernemingsplan wordt het financieel plan van De Zorgheimer onderbouwd. Daarbij wordt aangegeven:
“In de berekening gaan we ervan uit dat de zorg aan de cliënten 100% wordt verleend en er geen afwezigheid is. In de praktijk zal ons doelgroep natuurlijk afwezigheidmomenten kennen.”
Bij brief van 16 augustus 2023 heeft CZ Zorgkantoor aan De Zorgheimer laten weten dat de inschrijving niet voldeed aan de eisen, met als gevolg dat De Zorgheimer niet in aanmerking kwam voor een overeenkomst met CZ Zorgkantoor voor het leveren van Wlz-zorg in 2024 voor de regio Zeeland. Deze conclusie is als volgt gemotiveerd:
“U leest in het Zorginkoopdocument Wlz 2024 van uw sector uit welke stukken de inschrijving voor de zorginkoop moet bestaan. Uit de stukken die uw organisatie aangeleverd heeft, blijkt dat de organisatie op het moment van inschrijven niet beschikt over het volgende stuk:
Ontbreken bijlage 2 Onderaannemerschap
Uit de stukken van inschrijving blijkt dat u organisatie op het moment van inschrijving gebruikt maakt van onderaannemers. Uw organisatie geeft in de bestuursverklaring aan géén gebruik te maken van onderaannemers, maar in het ondernemingsplan staat dat uw organisatie een overeenkomst heeft met Acta-zorg en Zeeuwse Zorgmensen die voorziet in zorgpersoneel bij onderbezetting of ziekte. Dit is in strijd met elkaar. (...)
U leest in het Zorginkoopdocument Wlz 2024 van uw sector aan welke eisen de stukken die bij inschrijving aangeleverd moeten worden, moeten voldoen. Uw inschrijving voldoet op de volgende punten niet aan de gestelde eisen:
In het ondernemingsplan moet het bedrijfsplan zijn beschreven. Bij dit onderdeel is niet of onvoldoende ingegaan op:
o De (toekomstige) rol en/of functie in samenwerkingsverbanden waaraan de nieuwe zorgaanbieder reeds deelneemt of gaat deelnemen. De zorgaanbieder toont aan op welke wijze hij samenwerking met bijvoorbeeld gemeenten, ketenpartners, huisartsen, dementienetwerken of met andere zorgaanbieders heeft geborgd.
In het ondernemingsplan moet uw financieel plan zijn beschreven.
o In het ondernemingsplan is geen of geen realistische begroting met splitsing van opbrengsten en kosten voor de verschillende domeinen voor 2024 toegevoegd;
o In het ondernemingsplan ontstaat geen of geen duidelijk beeld dat de onderneming financieel gezond is en/of een positief resultaat verwacht wordt, waardoor continuïteit van de zorg aannemelijk is. (...)”
De Zorgheimer heeft bij brief van 4 september 2023 bezwaar gemaakt tegen deze beslissing van CZ Zorgkantoor en vervolgens dit kort geding aanhangig gemaakt.