Home

Besluit Earningsstrippingmaatregel 2025

Geldig vanaf 30 juli 2025
Geldig vanaf 30 juli 2025

Besluit Earningsstrippingmaatregel 2025

Besluit 2025-17107

Voorafgaande besluiten
2023-22492
Versies van huidig besluit

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 30-07-2025]

De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Dit beleidsbesluit bevat het beleid voor de earningsstrippingmaatregel die is opgenomen in afdeling 2.9a van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

1. Inleiding

Sinds 1 januari 2019 bevat afdeling 2.9a van de Wet Vpb 1969 een generieke renteaftrekbeperking in de vorm van een earningsstrippingmaatregel. Deze maatregel vloeit voort uit de Wet implementatie eerste EU-richtlijn antibelastingontwijking en is gericht op het voorkomen van winstverschuiving en grondslaguitholling door middel van rentebetalingen. Daarnaast wordt een meer gelijke fiscale behandeling van eigen vermogen en vreemd vermogen bij alle belastingplichtigen in de vennootschapsbelasting nagestreefd.1 De earningsstrippingmaatregel brengt mee dat het saldo van de rentelasten en de rentebaten die in aanmerking worden genomen bij het bepalen van de in een jaar genoten winst, niet aftrekbaar is voor zover dat saldo meer bedraagt dan 24,5% van de gecorrigeerde winst, of € 1 miljoen indien dit meer is dan 24,5% van de gecorrigeerde winst. Het percentage van 24,5% is van toepassing voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2025. Voor de boekjaren 2019 tot en met 2021 bedroeg het percentage 30%. Voor de boekjaren 2022 tot en met 2024 bedroeg het percentage 20%.

Dit beleidsbesluit bevat het beleid voor de toepassing van de earningsstrippingmaatregel. De Coördinatiegroep Taxhavens en Concernfinanciering is verantwoordelijk voor het waarborgen van de eenheid van beleid en uitvoering bij de toepassing van artikel 15b Wet Vpb 1969. Gevallen waarin een standpuntbepaling precedentwerking zou kunnen hebben, legt de inspecteur voor aan de Coördinatiegroep Taxhavens en Concernfinanciering.

Dit besluit is een actualisatie van het besluit van 24 november 2023, nr. 2023-22492, (Stcrt. 2023, 31452). Bij deze actualisering zijn de volgende wijzigingen aangebracht:

  • Onderdeel 2.1.1 is aangevuld met de opmerking dat sprake is van een MEGVO wanneer wettelijke rente is verschuldigd door niet tijdig nakomen van een verbintenis tot betaling van een geldsom.

  • Aan onderdeel 2.1 zijn vijf nieuwe onderdelen toegevoegd met de behandeling van (dis)agio en waardemutaties van leningen en renteswaps door afwijkende marktrente. Het gaat dan om:

    • (Dis)agio bij uitgifte van een obligatielening (2.1.2).

    • (Dis)agio en waardemutaties bij overdracht van een lening (2.1.3 en 2.1.4).

    • Waardemutaties van een renteswap die deel uitmaakt van een extendible lening ontstaan door afzonderlijke balanswaardering (2.1.6).

    • (Dis)agio ontstaan bij omzetting van een combinatie van een renteswapovereenkomst en een variabel-rentende lening in een vastrentende lening (2.1.7).

  • Aan onderdeel 2.2 zijn twee nieuwe onderdelen toegevoegd met de kwalificatie van bepaalde vormen van factoring (2.2.3) en van een extendible lening (2.2.6).

  • Aan onderdeel 2.4 is een nieuw onderdeel 2.4.3 toegevoegd met de kwalificatie van de bijstorting op basis van het Reglement van Deelneming aan het Waarborgfonds Sociale Woningbouw.

  • Aan onderdeel 2 zijn de nieuwe onderdelen 2.5 en 2.5.1 toegevoegd met de behandeling van:

    • resultaten op een renteswapovereenkomst,

    • amortisatie van (dis)agio ontstaan bij omzetting van een combinatie van een renteswapovereenkomst en een variabel-rentende lening in een vastrentende lening als gevolg van afwijkende marktrente. Voor de leesbaarheid is dit onderwerp zowel hier als onder 2.1.7 opgenomen,

    • amortisatie van agio na ontstaan belastingplicht,

    • resultaten op een mandatory break clause in een renteswapovereenkomst.

  • Onderdeel 3 is aangevuld met de samenloop tussen artikel 15b Wet Vpb 1969 en overige renteaftrekbeperkende maatregelen.

  • Aan onderdeel 4.2 is een nieuw onderdeel 4.2.3 toegevoegd met de behandeling van een aftrekbaar liquidatieverlies.

  • Aan onderdeel 4 is een nieuw onderdeel 4.4 toegevoegd met de behandeling van:

    • winst bepaald aan de hand van de tonnageregeling,

    • rentebaten en lasten die deel uitmaken van deze winstbepaling,

    • de tonnageregeling in relatie tot de aftrekruimte van artikel 15b Wet Vpb 1969.

  • Aan onderdeel 4 is een nieuw onderdeel 4.5 toegevoegd met de verhouding tussen de per-elementbenadering en artikel 15b Wet Vpb 1969.

  • Redactionele wijzigingen waarmee geen inhoudelijke wijzigingen zijn beoogt. Zo zijn een aantal onderdelen herschreven (2.2.1 en 4.1.2) en opnieuw ingedeeld (4.2 en 4.2.1) en is de tekst op verschillende plaatsen verduidelijkt.

1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen

2. Nadere omschrijving van en toelichting op wettelijke begrippen

2.1. Saldo aan renten; rentelasten en rentebaten

2.1.1. Wettelijke rente

2.1.2. (Dis)agio door afwijkende marktrente bij uitgifte obligatie

2.1.3. (Dis)agio door afwijkende marktrente bij overdracht lening

2.1.4. Waardemutaties door afwijkende marktrente bij overdracht lening

2.1.5. (Dis)agio bij sfeerovergang

2.1.6. Waardemutaties embedded derivaat in een extendible lening

2.1.7. Amortisatie van (dis)agio na doorzak

2.2. Overeenkomst van geldlening of een daarmee vergelijkbare overeenkomst

2.2.1. Beoordelingskader van een ‘met een geldlening vergelijkbare overeenkomst’

2.2.2. Design, Build, Finance, Maintain and Operate-contract (DBFMO-contract)

2.2.3. (Non-)recourse factoringovereenkomst

2.2.4. Renteswapovereenkomsten

2.2.5. Securities lending met aandelen

2.2.6. Extendible lening

2.3. Wettelijke uitbreiding rentebegrip; kosten en resultaten ter zake van geldleningen

2.4. Wettelijke uitbreiding rentebegrip; rentelast maar geen rentebate

2.4.1. Boeterente

2.4.2. Garantstellingsvergoeding

2.4.3. Obligo

2.5. Wettelijke uitbreiding rentebegrip; resultaten op afdekkingsinstrumenten

2.5.1. Renteswapovereenkomst & swapcombinatie

3. Bepaling van het saldo aan renten

3.1. Goed koopmansgebruik

3.1.1. Samenhangende waardering

3.1.2. Ifrs 16

4. Bepaling van de gecorrigeerde winst

4.1. Geactiveerde rente

4.1.1. Bijtellen negatief saldo aan renten

4.1.2. Geactiveerde financieringskosten en rentelasten

4.2. Afschrijving en afwaardering

4.2.1. Afschrijving en afwaardering die niet tot uitdrukking komen in de winst

4.2.2. Afschrijving, afwaardering bij vervreemding

4.2.3. Liquidatieverlies

4.3. Verlengstukwinst

4.4. Tonnageregeling

4.5. Per-elementbenadering en artikel 15b

5. Ingetrokken regeling

6. Inwerkingtreding

7. Citeertitel