Home

College van Beroep voor het bedrijfsleven, 20-11-2018, ECLI:NL:CBB:2018:618, 17/1510

College van Beroep voor het bedrijfsleven, 20-11-2018, ECLI:NL:CBB:2018:618, 17/1510

Gegevens

Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Datum uitspraak
20 november 2018
Datum publicatie
23 november 2018
ECLI
ECLI:NL:CBB:2018:618
Zaaknummer
17/1510

Inhoudsindicatie

Export van mest niet voorzien van juist gezondheidscertificaat t.a.v. de oorsprong, omdat hierop een onjuiste laadplaats stond vermeld

Uitspraak

uitspraak

zaaknummer: 17/1510

11350

uitspraak van de meervoudige kamer van 20 november 2018 op het hoger beroep van:

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 13 oktober 2017, kenmerk 16/4985, in het geding tussen

(gemachtigde: mr. B.M. Kleijs).

Procesverloop in hoger beroep

Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam (rechtbank) van 13 oktober 2017 (niet gepubliceerd).

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 oktober 2018. Voor appellante zijn verschenen haar gemachtigde, [naam 2] en [naam 3] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Grondslag van het geschil

1.1.

Het College gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden.

1.2.

Op 14 juli 2014 hebben twee toezichthouders van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit een controle op de export van onbewerkte dierlijke mest uitgevoerd bij het bedrijf [naam 4] B.V. ( [naam 4] ) op het adres [adres 1] te [plaats 2] . De bevindingen van deze controle zijn neergelegd in een op ambtsbelofte opgemaakt en ondertekend boeterapport van 16 januari 2015 (boeterapport). Hieruit blijkt dat de toezichthouders bij de controle een vrachtwagen met oplegger van appellante hebben aangetroffen die werd geladen met pluimveemest afkomstig uit de stallen op voornoemd adres. De toezichthouders hebben geconstateerd dat de daadwerkelijke laadplaats van de dierlijke mest niet overeenkwam met de plaats van oorsprong, zoals vermeld op het gezondheidscertificaat met nummer [...] , omdat hierop als plaats van oorsprong en plaats van laden [naam 4] op het adres [adres 2] te [plaats 3] stond vermeld. Om die reden is aan de chauffeur van de desbetreffende vrachtwagen te kennen gegeven dat de mest niet mag worden geëxporteerd. Eén van de toezichthouders heeft vervolgens telefonisch met [naam 3] , bij appellante werkzaam als planner, gesproken. [naam 3] heeft daarbij te kennen gegeven dat er een probleem zou zijn omdat de mest niet aan de klant in Duitsland kan worden geleverd en in Nederland zou moeten blijven. Nadien hebben de toezichthouders vastgesteld dat de desbetreffende mest in Nederland is gelost.

1.3.

Bij besluit van 26 juni 2015 (primaire besluit) heeft verweerder aan appellante een boete opgelegd van in totaal € 2.500,-. Hieraan heeft verweerder, onder verwijzing naar het boeterapport, ten grondslag gelegd dat appellante op 14 juli 2014 omstreeks 17.15 uur artikel 17, eerste lid, en bijlage VIII, hoofdstuk III, van Verordening (EU) 142/2011 in samenhang gelezen met artikel 21, van Verordening 1069/2009 heeft overtreden, omdat zij er niet op heeft toegezien dat dierlijke bijproducten tijdens het vervoer vergezeld gingen van geldige gezondheidscertificaten. De daadwerkelijke laadplaats van de dierlijke mest kwam niet overeen met de laadplaats zoals vermeld op het gezondheidscertificaat. Hierdoor heeft appellante tevens artikel 6.2 van de Wet dieren en artikel 3.3 van de Regeling dierlijke producten overtreden. Bij de vaststelling van de hoogte van de boete heeft verweerder de standaard bestuurlijke boete opgelegd conform artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit handhaving en overige zaken Wet dieren, in samenhang met artikel 1.2 en de bijlage van de Regeling handhaving en overige zaken Wet dieren.

2. Bij besluit van 19 juli 2016 (bestreden besluit) heeft verweerder het door appellante gemaakte bezwaar tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.

Uitspraak van de rechtbank

3. De rechtbank heeft het beroep van appellante tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.

Beoordeling van het geschil in hoger beroep

Beslissing