Home

Gerechtshof Amsterdam, 17-01-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:156, 22/00390

Gerechtshof Amsterdam, 17-01-2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:156, 22/00390

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
17 januari 2023
Datum publicatie
1 februari 2023
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2023:156
Formele relaties
Zaaknummer
22/00390
Relevante informatie
Art. 219 lid 2 Gemw

Inhoudsindicatie

Tariefdifferentiatie marktgelden in Amsterdam is toegestaan. Dienstenrichtlijn is niet van toepassing, want marktgelden zijn geen kosten voor een vergunning. Gelijkheidsbeginsel is niet geschonden. Bij toetsing van een gemeentelijke belastingverordening aan algemene rechtsbeginselen past de rechter terughoudendheid. Geen gelijke gevallen. Geen strijd met artikel 219 Gemeentewet; geen heffing naar draagkracht.

Uitspraak

kenmerk 22/00390

17 januari 2023

uitspraak van de vijfde meervoudige belastingkamer

op het hoger beroep van

[X] , woonachtig te [Z] , belanghebbende,

tegen de uitspraak in de zaak met kenmerk AMS 20/6503 van de rechtbank Amsterdam (hierna: de rechtbank) van 22 april 2022 in het geding tussen

belanghebbende

en

de heffingsambtenaar van de gemeente [Y], de heffingsambtenaar.

1 Ontstaan en loop van het geding

1.1.

De heffingsambtenaar heeft bij schriftelijke kennisgeving (factuur) van 14 januari 2020 rechten (marktgelden) geheven van belanghebbende tot een bedrag van € 424,40.

1.2.

Het daartegen gemaakte bezwaar heeft de heffingsambtenaar ongegrond verklaard.

1.3.

Het tegen de uitspraak op bezwaar ingestelde beroep is ook ongegrond verklaard.

1.4.

Op 7 juni 2022 heeft belanghebbende hoger beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift ingediend.

1.5.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 21 december 2022. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat met deze uitspraak wordt meegezonden.

2 Feiten

2.1.

Belanghebbende is houder van een vergunning voor een vaste marktplaats op de
[ markt] , een dagmarkt in [Y] . Hij heeft daar op een vaste plaats een kraam voor de verkoop van vis.

2.2.

De heffingsambtenaar heeft van belanghebbende rechten (marktgelden) geheven voor het hebben van een vergunning voor een vaste marktplaats voor de maand januari 2020. Dit is gebeurd door een factuur uit te reiken. Op de factuur zijn vermeld het eigenlijke marktgeld en bedragen voor het afvoeren van afval, de levering van krachtstroom, het verzorgen van promotie en reiniging.

3 Geschil in hoger beroep

3.1.

Net als bij de rechtbank is in hoger beroep in geschil of de marktgelden terecht en tot het juiste bedrag zijn geheven.

3.2.

De grieven van belanghebbende hebben alle betrekking op een differentiatie in het tarief voor de marktgelden in de [Y] Heffingsverordening markt- en staanplaatsgelden 2016 (de Verordening), waardoor in het betrokken tijdvak meer marktgeld werd geheven voor een marktplaats op de [ markt] dan voor een marktplaats op een andere markt in [Y] . Belanghebbende stelt zich op het standpunt dat daardoor:

  1. sprake is van een kruissubsidiëring die op grond van richtlijn 2006/123/EG (de Dienstenrichtlijn) niet is toegestaan;

  2. het gelijkheidsbeginsel wordt geschonden, en

  3. in strijd met artikel 219 van de Gemeentewet de marktgelden afhankelijk zijn gesteld van draagkracht.

3.3.

Partijen doen hun standpunten steunen op de gronden die door hen zijn aangevoerd in de van hen afkomstige stukken. Voor hetgeen zij daaraan ter zitting hebben toegevoegd wordt verwezen naar het van het verhandelde ter zitting opgemaakte proces-verbaal.

4 Beoordeling van het geschil

5 Kosten

6 Beslissing