Gerechtshof Amsterdam, 07-10-2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:2666, 200.339.869/01, 200.339.845/01 en 200.339.905/01
Gerechtshof Amsterdam, 07-10-2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:2666, 200.339.869/01, 200.339.845/01 en 200.339.905/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 oktober 2025
- Datum publicatie
- 7 oktober 2025
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2025:2666
- Zaaknummer
- 200.339.869/01, 200.339.845/01 en 200.339.905/01
Inhoudsindicatie
Art. 3:305a BW. Tussenbeslissing WAMCA-procedure in hoger beroep. TikTok. Internationale bevoegdheid ten aanzien van AVG en niet-AVG vorderingen? Aanhouding AVG-vorderingen i.v.m. prejudiciële vragen (rechtbank Rotterdam 23 juli 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:9088). Stichtingen ontvankelijk ten aanzien van niet-AVG vorderingen? Immateriële schadevorderingen bundelbaar? Bepaling nauw omschreven groep en precieze omschrijving van de vorderingen.
Uitspraak
afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummers: 200.339.869/01, 200.339.845/01 en 200.339.905/01
zaaknummers rechtbank Amsterdam: C/13/702849, C/13/706680 en C/13/706842
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 7 oktober 2025
in de gevoegde zaken van
zaaknummer 200.339.869/01 (SMC-zaak)
STICHTING MASSASCHADE EN CONSUMENT,
gevestigd te Oegstgeest,
appellante, tevens geïntimeerde in incidenteel appel,
advocaat: mr. L.C.M. Berger te Amsterdam,
tegen
de rechtspersonen naar buitenlands recht
1. TIKTOK TECHNOLOGY LIMITED,
gevestigd te Dublin, Ierland,
2. TIKTOK INFORMATION TECHNOLOGIES UK LIMITED,
gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
3. TIKTOK INC.,
gevestigd te Culver City, Californië, Verenigde Staten van Amerika,
4. TIKTOK PTE. LIMITED,
gevestigd te Singapore, Republiek Singapore,
5. BYTEDANCE LTD.,
6. TIKTOK LTD.,
beide gevestigd te Grand Cayman, Kaaimaneilanden,
geïntimeerden, tevens appellanten in incidenteel appel,
advocaat: mr. G.H. Potjewijd te Amsterdam,
gevestigd te Beijing, China,
geïntimeerde,
niet verschenen,
zaaknummer 200.339.845/01 (STBYP-zaak)
STICHTING TAKE BACK YOUR PRIVACY,
gevestigd te Amsterdam,
appellante, tevens geïntimeerde in incidenteel appel,
advocaat: mr. C.C.A. van Rest te Amsterdam,
tegen
de rechtspersonen naar buitenlands recht
1. TIKTOK TECHNOLOGY LIMITED,
gevestigd te Dublin, Ierland,
2. TIKTOK INFORMATION TECHNOLOGIES UK LIMITED,
gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
3. TIKTOK INC.,
gevestigd te Culver City, Californië, Verenigde Staten van Amerika,
4. TIKTOK PTE. LIMITED,
gevestigd te Singapore, Republiek Singapore,
5. BYTEDANCE LTD.,
6. TIKTOK LTD.,
beide gevestigd te Grand Cayman, Kaaimaneilanden,
geïntimeerden, tevens appellanten in incidenteel appel,
advocaat: mr. G.H. Potjewijd te Amsterdam,
tevens bekend onder de naam: TIKTOK INFORMATION SERVICE CO. LTD.,
gevestigd te Beijing, China,
geïntimeerde,
niet verschenen,
zaaknummer 200.339.905/01 (SOMI-zaak)
STICHTING ONDERZOEK MARKTINFORMATIE,
gevestigd te Haarlemmermeer,
appellante, tevens geïntimeerde in incidenteel appel,
advocaat: mr. M. Schimmel te Amsterdam,
tegen
de rechtspersonen naar buitenlands recht
1. TIKTOK TECHNOLOGY LIMITED,
gevestigd te Dublin, Ierland,
2. TIKTOK INFORMATION TECHNOLOGIES UK LIMITED,
gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
3. TIKTOK INC.,
gevestigd te Culver City, Californië, Verenigde Staten van Amerika,
4. TIKTOK PTE. LIMITED,
gevestigd te Singapore, Republiek Singapore,
5. BYTEDANCE LTD.,
6. TIKTOK LTD.,
beide gevestigd te Grand Cayman, Kaaimaneilanden,
geïntimeerden, tevens appellanten in incidenteel appel,
advocaat: mr. G.H. Potjewijd te Amsterdam.
Appellanten in principaal appel worden hierna aangeduid als SMC, STBYP en SOMI en samen ook als de Stichtingen.
Geïntimeerden in principaal appel worden hierna aangeduid als TikTok Ierland, TikTok UK, TikTok Inc, TikTok Pte, Bytedance, TikTok Ltd. en Beijing Bytedance (deze laatste aanduiding ziet op de te Beijing, China, gevestigde TikTok-entiteit ten aanzien waarvan in de zaken van SMC en STBYP twee dagvaardingen zijn uitgebracht. Alle partijen gaan ervan uit dat het hier één rechtspersoon betreft). De verschenen geïntimeerden in principaal appel worden samen aangeduid als TikTok c.s. De verschenen en de niet verschenen geïntimeerden in principaal appel worden samen aangeduid als de TikTok-entiteiten.
1 De zaak in het kort
De Stichtingen zijn collectieve acties op grond van de Wet Afwikkeling Massaschade in een Collectieve Actie (WAMCA) gestart tegen de TikTok-entiteiten. De Stichtingen hebben vorderingen ingesteld op grond van de AVG en op andere grondslagen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft, dat de immateriële schadevorderingen niet-ontvankelijk zijn en dat de vorderingen van SMC tegen TikTok Pte en Beijing Bytedance niet-ontvankelijk zijn. De rechtbank heeft STBYP en SMC aangewezen als exclusieve belangenbehartiger en de nauw omschreven groep en de inhoud van de vorderingen bepaald.
Dit hoger beroep gaat over deze beslissingen van de rechtbank. Na enkele processuele kwesties over de omvang van het hoger beroep, komen aan de orde: 1. rechtsmacht van de Nederlandse rechter, 2. ontvankelijkheid van de collectieve vorderingen, 3. de bepaling van de nauw omschreven groep en de inhoud van de vorderingen.
De beoordeling van de rechtsmacht met betrekking tot de AVG-vorderingen wordt aangehouden in afwachting van prejudiciële vragen die zijn gesteld door de rechtbank Rotterdam aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: HvJEU).
Ten aanzien van de vorderingen op de andere grondslagen wordt geoordeeld dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en dat de vorderingen over de hele linie ontvankelijk zijn.
De bepaling van de nauw omschreven groep en de inhoud van de vorderingen wordt aangepast.
Het hof gelast een regiezitting om met partijen te overleggen over het verdere verloop van de procedure.
2 Het geding in hoger beroep
STBYP, SMC en SOMI zijn bij dagvaardingen van 9 april 2024 en 10 april 2024 in hoger beroep gekomen van het vonnis van 10 januari 2024, zoals hersteld bij vonnis van 21 februari 2024, van de rechtbank Amsterdam, onder bovenvermelde zaaknummers gewezen tussen de Stichtingen als eiseressen en de TikTok-entiteiten als gedaagden. De hoger- beroepsdagvaardingen van STBYP en SMC noemen ook het aan voormeld vonnis voorafgaande vonnis van 25 oktober 2023.
Tegen Beijing Bytedance is verstek verleend.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
de rolbeslissingen van 23 juli 2024;
de memorie van grieven van STBYP;
de akte overlegging producties, met producties, van STBYP;
de memorie van grieven tevens houdende wijziging van eis van SMC;
de memorie van grieven tevens houdende wijziging van eis, met producties, van SOMI;
de akte overlegging producties, met een productie, van STBYP;
het proces-verbaal van de regiezitting in alle zaken van 25 september 2024;
de memories van antwoord in principaal appel tevens memories van grieven in incidenteel appel, in alle zaken;
de memorie van antwoord in incidenteel appel van SOMI;
de memorie van antwoord in incidenteel appel, met producties, van STBYP;
de memorie van antwoord in incidenteel appel, met producties, van SMC;
de aktes overlegging producties, met producties, van alle partijen.
De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden ter zitting van 2 en 3 april 2025. Partijen hebben hun standpunten aan de hand van pleitnotities laten toelichten door hun advocaten voornoemd en (STBYP) mrs. G.J.M. Verburg en A.L. van de Pol, (SMC) mr. W.A. Vader, (SOMI) mrs. A.L.M. Bakhuis en M. Jacobs en (TikTok c.s.) mrs. K.J. Saarloos, M.H.K. Jansen en A. Meijerink, allen advocaat te Amsterdam.
Ten slotte is arrest gevraagd.
SMC, STBYP en SOMI concluderen dat het hof de bestreden vonnissen (gedeeltelijk) zal vernietigen en dat het hof hun immateriële schadevorderingen alsnog ontvankelijk zal verklaren en de nauw omschreven groep anders zal omschrijven.
SMC concludeert voorts dat het hof haar vorderingen tegen TikTok Pte en Beijing Bytedance alsnog ontvankelijk zal verklaren en de inhoud van de vorderingen aanpast.
SOMI concludeert voorts dat het hof haar aanwijst als exclusieve belangenbehartiger en STBYP en SMC niet-ontvankelijk zal verklaren in hun vorderingen.
Een en ander steeds met beslissing over de proceskosten.
TikTok c.s. concluderen dat het hof de bestreden vonnissen zal vernietigen en de Stichtingen niet-ontvankelijk verklaart in hun vorderingen althans hun deze ontzegt, met beslissing over de proceskosten.
3 Feiten
De rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 9 november 2022 onder 2.1 tot en met 2.7 de feiten vastgesteld die zij tot uitgangspunt heeft genomen. Samengevat komen de feiten neer op het volgende.
De TikTok-entiteiten maken deel uit van de TikTok groep. Bytedance is de moedervennootschap. In november 2017 heeft Bytedance de applicatie musical.ly overgenomen en deze samengevoegd met TikTok, waarmee het mogelijk is om online korte zelfgemaakte video’s te plaatsen, bekijken, liken en delen (hierna: de TikTok Dienst). De TikTok Dienst is beschikbaar via de app voor mobiele apparaten en via de website www.tiktok.com.
SOMI is opgericht op 31 mei 2016 en heeft blijkens art. 2.1 sub a van haar statuten, zoals dat luidt sinds 31 mei 2021, ten doel: “het behartigen van belangen van natuurlijke personen, in het bijzonder van consumenten en minderjarigen, die gebruikmaken van online diensten, waarbij op enig moment een schending van de rechten van die natuurlijke personen plaatsvindt, waaronder begrepen maar niet beperkt tot inbreuken op grondrechten, zoals het recht om niet gediscrimineerd te worden en het recht op bescherming van privacy en bescherming van persoonsgegevens, alsmede inbreuken op consumentenrechten en wet- en regelgeving ter bescherming van minderjarigen;”
STBYP is opgericht op 24 februari 2021 en heeft blijkens art. 2 lid 1 van haar statuten ten doel, voor zover van belang: “het behartigen van de belangen van natuurlijke personen die gebruik maken van het internet en/of gebruik maken van andere producten en/of diensten die persoonsgegevens verwerken, waardoor deze gebruikers op enig moment te maken kunnen hebben met een schending van hun recht op privacy, waaronder maar niet beperkt tot hun recht op bescherming van persoonsgegevens, of te maken kunnen hebben met een schending van hun consumentenrechten, dan wel schending van andere grond- of wettelijke rechten, het een en ander in de ruimste zin van het woord (...).”
SMC is opgericht op 15 maart 2021 en heeft blijkens art. 3 lid 1 van haar statuten ten doel, voor zover van belang: “als onafhankelijke organisatie, zonder binding - met enige politieke of levensbeschouwelijke organisatie de belangen van consumenten in het algemeen (...) in het bijzonder in Nederland - en voor zover mogelijk en nodig daarbuiten - te behartigen.”
SOMI heeft onder meer TikTok Ierland op 7 mei 2021 aansprakelijk gesteld en uitgenodigd om in overleg te treden. TikTok Ierland heeft op 20 mei 2021 aan SOMI laten weten de door SOMI gestelde stellingen en claims van de hand te wijzen, maar wel open te staan voor overleg. Na verdere correspondentie heeft SOMI haar inleidende dagvaarding uitgebracht.
Op 23 juni 2021 heeft STBYP onder meer de door haar gedaagde TikTok-entiteiten aansprakelijk gesteld voor onrechtmatig handelen en hen uitgenodigd in overleg te treden. Op 8 juli 2021 is gereageerd en op 8 augustus 2021 heeft een bespreking tussen partijen plaatsgevonden. Het overleg heeft niet geleid tot een oplossing. Nadat partijen nog met elkaar hebben gecommuniceerd, heeft STBYP haar inleidende dagvaarding uitgebracht.
Bij brief van 28 juli 2021 heeft SMC Bytedance, TikTok Ltd., TikTok Ierland, TikTok UK en TikTok Inc aansprakelijk gesteld voor de door de achterban van SMC geleden schade wegens de schending van (fundamentele) rechten en onrechtmatig handelen, met een uitnodiging om in overleg te treden. Op 11 augustus 2021 heeft TikTok Ierland namens de door SMC aangeschreven TikTok partijen een reactie gestuurd en is verder gecorrespondeerd.
Op 1 september 2021 heeft SMC een brief met dezelfde inhoud als die van 28 juli 2021 aan Beijing Bytedance en TikTok Pte gezonden.
Op 3 september 2021 heeft zij haar inleidende dagvaarding uitgebracht.
Op 17 juni 2024 is SOMI geplaatst op de lijst, bedoeld in art. 5 lid 1 van Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409, Richtlijn representatieve vorderingen) (hierna: de lijst met aangewezen organisaties voor collectieve acties in de Europese Unie). Op 6 maart 2025 is STBYP geplaatst op deze lijst.