Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30-11-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9790, 21-001814-20

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30-11-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9790, 21-001814-20

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
30 november 2020
Datum publicatie
30 november 2020
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2020:9790
Formele relaties
Zaaknummer
21-001814-20

Inhoudsindicatie

Het hof verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in het hoger beroep. De e-mail van de officier van justitie aan de griffie van de rechtbank zonder elektronische handtekening kan niet worden gezien als een bijzondere schriftelijke volmacht in de zin van artikel 450, eerste lid, aanhef en onder b, Sv (vgl. HR 22 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2654). Met een buiten de termijn voor het instellen van hoger beroep door de officier van justitie ondertekende bijzondere schriftelijke volmacht is het gebrek dat aan de e-mail als bijzondere volmacht kleeft, niet tijdig hersteld. Het hof gaat in op het belang van een (elektronische) handtekening ter waarborging van de authenticiteit van een processtuk en besteedt daarbij aandacht aan het Besluit digitale stukken Strafvordering.

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-001814-20

Uitspraak d.d.: 30 november 2020

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem‐Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem,

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel van 20 mei 2020 met parketnummer 08-910047-19 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1982,

thans verblijvende in [detentie] .

Het hoger beroep

De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis, waarbij verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 48 maanden met aftrek van voorarrest, hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 11 november 2020 (dat is onderbroken en op 16 november 2020 is gesloten).

Het hof heeft kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. S.J. van der Woude, naar voren is gebracht.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door de advocaat-generaal naar voren is gebracht.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

BESLISSING