Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 05-04-2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2633, 200.298.566/01

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 05-04-2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2633, 200.298.566/01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
5 april 2022
Datum publicatie
7 april 2022
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2022:2633
Formele relaties
Zaaknummer
200.298.566/01

Inhoudsindicatie

Kort geding. Geschil over de overdracht van aandelen aan een legataris.

Uitleg van statuten. Geen belang bij herleving beslag.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, sector handel

zaaknummer gerechtshof 200.298.566/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle (C/08/266202))

arrest in kort geding van 5 april 2022

in de zaak van

1 [appellant1] ,wonende te [woonplaats1] ,

2. [appellant2] , wonende te [woonplaats2] ,

3. [appellant3] ,wonende te [woonplaats2] ,hierna gezamenlijk aan te duiden als [appellanten], bij de rechtbank: eisers in conventie en verweerders in reconventie in hoger beroep: appellanten, advocaten: mr. J.W. de Groot en mr. S.A.A. de Kock van Leeuwen, kantoorhoudend te Amsterdam,

tegen

1 mr. Philip Marie Hubert Joseph Slangen,in zijn hoedanigheid van executeur in de nalatenschap van [erflater] , voor deze procedure woonplaats kiezend en kantoorhoudend te Zwartsluis,hierna (ook) te noemen: de executeur,

bij de rechtbank: gedaagde in conventie en eiser in reconventie,in hoger beroep: geïntimeerde,advocaten: mr. A. Schennink en mr. L.M. Veth, kantoorhoudend te Amsterdam.

2. de stichting Stichting [erflater] ,gevestigd te Hurwenen,hierna (ook) te noemen: de stichting,

bij de rechtbank: gedaagde in conventie en eiseres in reconventie,in hoger beroep: geïntimeerde,advocaten: mr R.G.J. de Haan en mr. S.J. van Calker, kantoorhoudend te Amsterdam,

3. [geïntimeerde3] ,

wonende te [woonplaats3] ,hierna (ook) te noemen: [geïntimeerde3],bij de rechtbank: gevoegde partij aan de zijde van de stichting,

in hoger beroep: geïntimeerde,

advocaten: mr. R.G.J. de Haan en mr. S.J. van Calker, kantoorhoudend te Amsterdam.

1 Het geding in eerste aanleg

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis van 13 juli 2021 dat tussen partijen is gewezen door de voorzieningenrechter in de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle.

2 Het geding in hoger beroep

3 Een korte weergave van het geschilHet gaat in deze zaak om de afwikkeling van de nalatenschap van [erflater] , overleden [in] 2020 (hierna: [erflater] ). De drie appellanten (hierna: [appellanten] ) en [erflater] zijn broers. De vier broers samen hielden de aandelen in Beheermaatschappij [naam1] B.V. (hierna: Beheer). [erflater] hield 7 preferente aandelen en 499 gewone aandelen en was ook bestuurder van Beheer. De [appellanten] houden ieder één preferent aandeel. Bij testament van 12 februari 2019 heeft [erflater] zijn wil aangaande zijn nalatenschap kenbaar gemaakt en de stichting opgericht die hij heeft benoemd tot zijn enig erfgenaam. Notaris mr. Slangen is benoemd tot executeur. In het testament is ook een legaat opgenomen op grond waarvan alle aandelen van [erflater] zullen worden overgedragen aan de neef van [erflater] (hierna: [geïntimeerde3] ). De statuten van Beheer bevatten twee aanbiedingsregelingen voor de aandelen: artikel 11 met als kopje ‘Blokkeringsregeling (aanbieding)’ en artikel 12 met als kopje ‘Bijzondere aanbiedingsplicht’. In geschil is of de executeur verplicht is om, bij de uitvoering van het legaat, de aandelen eerst aan te bieden aan de overige aandeelhouders, te weten [appellanten] . [appellanten] menen van wel en hebben conservatoir beslag tot levering op de aandelen doen leggen. Zij vorderen dat de stichting en de executeur aan hen de aandelen van wijlen [erflater] zullen aanbieden. De stichting vordert opheffing van het beslag. [geïntimeerde3] heeft zich als procespartij gevoegd aan de zijde van de stichting.

5 De vordering en beslissing in eerste aanleg

6 De beoordeling van het hoger beroep

7 Slotsom

8 De beslissing