Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18-04-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3356, 22/00011
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18-04-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3356, 22/00011
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 18 april 2023
- Datum publicatie
- 28 april 2023
- Zaaknummer
- 22/00011
- Relevante informatie
- Art. 220 Gemw, Art. 228a Gemw, Art. 117 Wschw, Art. 122d Wschw, Art. 10.21 WMB, Art. 10.22 WMB, Art. 15.33 WMB
Inhoudsindicatie
Diverse aanslagen gemeentelijke- en waterschapsbelastingen.
Uitspraak
locatie Arnhem
nummer: BK-ARN 22/00011
uitspraakdatum: 18 april 2023
Uitspraak van de twintigste enkelvoudige belastingkamer
op het hoger beroep van
[belanghebbende] te [woonplaats] (hierna: belanghebbende)
tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 26 november 2021, nummer AWB 21/823, in het geding tussen belanghebbende en
de heffingsambtenaar van het gemeenschappelijk belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT) (hierna: de heffingsambtenaar)
1 Ontstaan en loop van het geding
De heffingsambtenaar heeft belanghebbende bij biljet met dagtekening 28 februari 2021 voor een totaalbedrag van € 1.058,65 aangeslagen in de onroerendezaakbelasting, de rioolheffing, de watersysteemheffing ingezetenen, de zuiveringsheffing en de watersysteemheffing gebouwd. Op het betreffende aanslagbiljet is ook de WOZ-beschikking voor belanghebbendes onroerende zaak aan de [adres1] 38 te [woonplaats] (hierna: de woning) opgenomen.
Bij uitspraken op bezwaar van 4 mei 2021 heeft de heffingsambtenaar de bezwaren van belanghebbende tegen voormelde belasting en heffingen ongegrond verklaard.
Bij uitspraken op bezwaar van 3 augustus 2021 heeft de heffingsambtenaar het tegen de WOZ-waarde gemaakte bezwaar gegrond verklaard, de WOZ-waarde verlaagd van € 354.000, naar € 337.000 en de OZB-aanslag en aanslag watersysteemheffing gebouwd dienovereenkomstig verminderd.
Belanghebbende is tegen die uitspraken in beroep gekomen bij de rechtbank Overijssel (hierna: de Rechtbank). De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 8 maart 2023. Daarbij zijn verschenen en gehoord belanghebbende, alsmede namens de heffingsambtenaar [naam1] en [naam2] . Van de zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat aan deze uitspraak is gehecht.
2 Vaststaande feiten
Belanghebbende is eigenaar van de woning. De woning is gelegen op Bungalowpark [naam3] (hierna: het park). Eigenaren van woningen op het park zijn verplicht lid van de Vereniging van Eigenaren (hierna: de VvE). De leden van de VvE betalen een bijdrage voor beheer- en onderhoudskosten van het park. In onderhavig aanslagjaar ging het om een bedrag van € 996 per jaar (hierna: de VvE-bijdrage).
Op het aanslagbiljet 2021 van het Waterschap Zuiderzeeland en de gemeente Dronten van 28 februari 2021 staan de volgende aanslagen vermeld:
Gemeentebelastingen:
- Onroerende-zaakbelasting eigenaar woning € 503,39
- Rioolheffing € 136,76
Waterschapsbelasting:
- Watersysteemheffing ingezetenen € 88,86
- Zuiveringsheffing meerpersoonshuishoudens € 184,50
- Watersysteemheffing gebouwd € 145,14
Totaal € 1.058,65
Belanghebbende heeft bezwaar ingediend tegen de onder 2.2 vermelde belasting, heffingen en de WOZ-beschikking. In het bezwaarschrift van 22 februari 2021 is onder meer het volgende opgenomen:
“(…) Ik dien aan Uw instelling Euro 1058,65 per jaar te betalen, terwijl ik al aan de Vereniging van Eigenaren van Bungalowpark [naam3] reeds Euro 996,00 per jaar betaal voor de onderhoud etc. van ons park. Gezamenlijk dus Euro 2054,65. Het bedrag aan Uw instelling is onredelijk hoog, omdat wij de meeste kosten op het park voor onze eigen rekening nemen en geen beroep doen op financiële inspanningen van de Gemeente of andere instanties, zoals:
- Aanbrengen van nieuw asfalt en slijtlaag op de wegen in ons park
- Al het onderhoud aan de wegen, voet- en fietspaden
- Het vegen van alle wegen met een veegmachine en de randen daarvan
- Het ophalen van het vuil — wij mogen niet storten op de Gemeentelijke stortplaats, want wij krijgen geen pasje en moeten dus extra betalen. Wij lijken te worden gediscrimineerd.
- Het onderhoud van al het groen: maaien, zaaien, snoeien van bomen etc. en het afvoeren van het vuil/afval -h et snoeien van de wilgen geschied door een gespecialiseerd bedrijf en kost veel tijd en geld.
- Onderhoud van het speelveld voor de kinderen
- Onderhoud van de sloten en de slootkanten en de afvoer van dit vuil
- Schoffelen van de struiken in de plantsoentjes — derden worden ingehuurd
- Onderhoud van de riolering door een gespecialiseerd bedrijf, onlangs is een nieuwe rioolpomp geplaatst door [naam4] te [plaats1]
- Op het park staan geen glasbakken en/of tuinafvalkorven
- Wij beschikken en betalen een eigen Parkbeheerder. De Gemeente doet en betaalt helemaal NIETS!!!
- Alle machines die worden gebruikt zijn eigendom van de VVE en worden ook onderhouden door VVE
- Water, gas en licht voor het park worden betaald door de VVE
- De straatverlichting brandt op kosten van de VVE en het onderhoud ook
- Het onderhouden en schoonmaken van de afvoerputten zijn voor de VVE
- Er is veel zelfwerkzaamheid bij het onderhoud op het park, dit om de kosten zoveel mogelijk te beperken.
- Er wordt in de winter niet gestrooid in ons park — sterker nog het park is vanaf de openbare weg onbereikbaar — de krant en de post is in februari 2021 drie dagen niet bezorgd. Moet U bij de Burgemeester en Wethouders en de ambtenaren presteren. Het Huis van de Gemeente is dan te klein.
- Deze lijst met voorbeelden kan nog met vele andere zaken worden aangevuld, maar die zal ik U besparen.
- Er is in en om ons park geen enkele mogelijkheid om gebruik te maken van het Openbaar Vervoer. De Gemeente heeft de lusten en wij de lasten.”
3 Geschil
In geschil is of de aanslagen in de onroerendezaakbelasting, de rioolheffing, de watersysteemheffing ingezetenen, de zuiveringsheffing en de watersysteemheffing gebouwd (hierna: de aanslagen) tot een juist bedrag zijn opgelegd. Het geschil spitst zich toe of terecht geen verrekening is toegepast voor de door belanghebbende gedane betalingen aan de VvE van het park waarop de woning gelegen is.
Ter zitting van het Hof heeft belanghebbende verklaard dat de WOZ-waarde niet in geschil is. Tevens heeft belanghebbende aangegeven dat, afgezien van hetgeen belanghebbende heeft gesteld met betrekking tot de door hem voorgestane verrekening van de VvE-bijdrage, niet in geschil is dat de aanslagen conform de geldende wet- en regelgeving zijn opgelegd.