Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 05-09-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:7558, 22/01721

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 05-09-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:7558, 22/01721

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
5 september 2023
Datum publicatie
15 september 2023
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2023:7558
Zaaknummer
22/01721
Relevante informatie
Art. 17 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ, Art. 40 Wet WOZ

Inhoudsindicatie

Wet WOZ. Proceskostenvergoeding. Besluit proceskosten bestuursrecht. Wegingsfactor.

Uitspraak

locatie Arnhem

nummer BK-ARN 22/01721

uitspraakdatum: 5 september 2023

Uitspraak van de vierde enkelvoudige belastingkamer

op het hoger beroep van

[belanghebbende] te [woonplaats] (hierna: belanghebbende)

tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland (hierna: de Rechtbank) van 2 juni 2022, nummer AWB 21/5132, in het geding tussen belanghebbende en

de heffingsambtenaar van de gemeente Heerde (hierna: de heffingsambtenaar)

1 Ontstaan en loop van het geding

1.1.

De heffingsambtenaar heeft bij beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) de waarde van de onroerende zaak [adres1] 17 te [woonplaats] (hierna: de onroerende zaak) voor het belastingjaar 2021 vastgesteld op € 389.000. Tevens is een aanslag vastgesteld, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.

1.2.

Bij uitspraak op bezwaar heeft de heffingsambtenaar de beschikking en de aanslag gehandhaafd.

1.3.

Belanghebbende is daartegen in beroep gekomen bij de Rechtbank. De Rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd, de rechtsgevolgen van de vernietigde uitspraak op bezwaar in stand gelaten en de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.

1.4.

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld.

1.5.

Het Hof heeft aan partijen meegedeeld voornemens te zijn zonder mondelinge behandeling uitspraak te doen, en aan partijen kenbaar gemaakt dat wanneer zij niet binnen twee weken om een zitting verzoeken, het Hof ervan zal uitgaan dat zij geen zitting wensen. Belanghebbende heeft hierop niet gereageerd en de heffingsambtenaar heeft aangegeven geen zitting te wensen, , waarna het Hof het onderzoek heeft gesloten.

2 Vaststaande feiten

2.1.

Belanghebbende is eigenaar van de onroerende zaak. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de onder 1.1 genoemde beschikking en aanslag.

2.2.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaarschrift van belanghebbende ongegrond verklaard en de beschikking en de aanslag gehandhaafd.

2.3.

Belanghebbende heeft de heffingsambtenaar in zijn bezwaarschrift verzocht om toezending van het taxatieverslag, de grondstaffel en de taxatiekaart met de KOUDV- en liggingsfactoren van de woning en de vergelijkingsobjecten. De heffingsambtenaar heeft deze in de bezwaarfase niet verstrekt, maar heeft deze wel ter inzage gelegd voorafgaand aan het hoorgesprek.

2.4.

De Rechtbank heeft beslist dat de heffingsambtenaar niet aan artikel 40, tweede lid, van de Wet WOZ heeft voldaan, omdat hij (een deel van) de onder 2.3. genoemde gegevens niet in de bezwaarfase heeft overgelegd, terwijl belanghebbende daarom wel heeft verzocht. De Rechtbank heeft daarom het beroep gegrond verklaard. Het beroep is voor het overige ongegrond verklaard. De Rechtbank heeft de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten die belanghebbende in verband met de behandeling van het bezwaar en het beroep heeft moeten maken. Deze kosten heeft de Rechtbank op de voet van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 1.028 (1 punt voor het indienen van het bezwaarschrift, 1 punt voor het verschijnen ter hoorzitting met een waarde per punt van € 269, 1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 759 en een wegingsfactor 0,5). De Rechtbank heeft de wegingsfactor op 0,5 gesteld, omdat zij het beroep alleen gegrond heeft verklaard vanwege het niet verstrekken van de verzochte gegevens in de bezwaarfase.

3 Geschil

In geschil is de hoogte van de door de Rechtbank toegekende proceskostenvergoeding.

4 Beoordeling van het geschil

5 Griffierecht en proceskosten

6 Beslissing