Gerechtshof Den Haag, 11-04-2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:781, BK-22/00779
Gerechtshof Den Haag, 11-04-2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:781, BK-22/00779
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Den Haag
- Datum uitspraak
- 11 april 2023
- Datum publicatie
- 14 november 2023
- Zaaknummer
- BK-22/00779
- Relevante informatie
- Art. 225 Gemw, Art. 231 Gemw, Art. 234 Gemw, Art. 20 AWR
Inhoudsindicatie
Artikel 20 AWR, 231 en 234, lid 5, Gemeentewet.
Parkeerbelasting. Naheffingsaanslag van € 0 parkeerbelasting en € 61 kosten in strijd met artikel 20 AWR, 231 en 234, lid 5, Gemeentewet.
Uitspraak
Team Belastingrecht
enkelvoudige kamer
nummer BK-22/00779
in het geding tussen:
en
(vertegenwoordiger: […] )
op het hoger beroep van de Heffingsambtenaar tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag (de Rechtbank) van 30 juni 2022, nummer SGR 21/4995.
Procesverloop
Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag parkeerbelastingen opgelegd ten bedrage van € 61, bestaande uit € 0 parkeerbelasting en € 61 kosten voor het opleggen van de naheffingsaanslag (de naheffingsaanslag).
De Heffingsambtenaar heeft het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld bij de Rechtbank. Ter zake is een griffierecht van € 49 geheven. De beslissing van de Rechtbank luidt:
“De rechtbank:
- -
-
verklaart het beroep gegrond;
- -
-
vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- -
-
vernietigt de naheffingsaanslag;
- -
-
draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 49 aan eiser te vergoeden.”
De Heffingsambtenaar heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld. Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgehad ter zitting van het Hof van 28 februari 2023. De Heffingsambtenaar is verschenen. Van de zijde van belanghebbende is niemand verschenen. De griffier heeft belanghebbende bij aangetekende brief, verzonden op 30 december 2022 naar het adres [adres, postcode, woonplaats] , onder vermelding van plaats en tijdstip uitgenodigd op de zitting te verschijnen. Blijkens door de griffier ingewonnen inlichtingen (Track & Trace) is de brief op 31 december 2022 op het adres uitgereikt. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt.
Lokale regelgeving
De raad van de gemeente Rijswijk heeft in zijn openbare vergadering van 10 november 2016 de Verordening parkeerregulering en parkeerbelastingen 2016 (Verordening 2016) vastgesteld. De Verordening 2016 is op 25 november 2016 gepubliceerd in het Gemeenteblad 2016, 165145 en in werking getreden op 1 januari 2017.
De Verordening 2016 luidt, voor zover hier van belang:
“(…)
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
(…)
d. parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
(…)
Artikel 11. Belastbaar feit
Onder de naam 'parkeerbelasting' worden de volgende belastingen geheven:
-
een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
-
(…)