Gerechtshof Den Haag, 02-09-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1729, 200.341.634/01
Gerechtshof Den Haag, 02-09-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1729, 200.341.634/01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof Den Haag
- Datum uitspraak
- 2 september 2025
- Datum publicatie
- 9 september 2025
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1729
- Formele relaties
- Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2024:284
- Zaaknummer
- 200.341.634/01
Inhoudsindicatie
Zijn de (indirect) bestuurders aansprakelijk voor een schuld van de vennootschap jegens een handelscrediteur van die vennootschap?Geen sprake van frustratie van betaling en verhaal.
Uitspraak
Civiel recht
Team Handel
Zaaknummer hof : 200.341.634/01
Zaak- en rolnummer rechtbank : C/10/658219 HA ZA 23-468
Arrest van 2 september 2025
in de zaak van
Benelux Overseas B.V.,
gevestigd in Amsterdam,
appellante,
advocaat: mr. H.F.C. Hoogendoorn, kantoorhoudend in De Bilt,
tegen
1 Agricola Valencia Europe B.V.(voorheen: [naam] Beheer B.V.),
gevestigd in Vlaardingen,
geïntimeerde,
niet verschenen,
2. [geïntimeerde 2],
wonend in [woonplaats],
geïntimeerde,
advocaat: mr. E.P.J. Verweij, kantoorhoudend in Rotterdam.
Het hof noemt partijen hierna Benelux Overseas en [geïntimeerden]
Geïntimeerden worden afzonderlijk [beheer] en [geïntimeerde ] genoemd.
1 De zaak in het kort
Het geschil gaat in hoger beroep om de vraag of de (indirect) bestuurders van een vennootschap aansprakelijk zijn jegens een schuldeiser van de vennootschap in verband met het onbetaald laten van een geleverde partij sinaasappels. Egypt Overseas Co. heeft een partij sinaasappels verkocht en vanuit Egypte verscheept aan de Nederlandse vennootschap Fruit Advisor Group (FAG). FAG heeft de partij doorverkocht, maar Egypt Overseas Co. grotendeels onbetaald gelaten. Benelux Overseas, aan wie Egypt Overseas Co. haar vordering heeft gecedeerd, heeft daarop vorderingen ingesteld jegens FAG uit hoofde van de tussen partijen gesloten overeenkomst en jegens [beheer] en [geïntimeerde ] in privé als (indirect) bestuurder van FAG op grond van bestuurdersaansprakelijkheid.
De rechtbank heeft de vordering van Benelux Overseas jegens FAG uit hoofde van de overeenkomst toegewezen. De vordering jegens de (indirect) bestuurders op grond van onrechtmatige daad is afgewezen. Het hiertegen door Benelux Overseas ingestelde hoger beroep slaagt niet.
2 Procesverloop in hoger beroep
Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken:
- -
-
de dagvaarding van 16 april 2024, waarmee Benelux Overseas in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 17 januari 2024;
- -
-
de memorie van grieven van Benelux Overseas, met producties;
- -
-
de memorie van antwoord van [geïntimeerde ], met producties.