Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 10-12-2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:4464, 200.216.570_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 10-12-2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:4464, 200.216.570_01
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 10 december 2019
- Datum publicatie
- 10 december 2019
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2019:4464
- Formele relaties
- Eerste aanleg: ECLI:NL:RBLIM:2017:1002
- Cassatie: ECLI:NL:HR:2021:1956, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- 200.216.570_01
Inhoudsindicatie
Beroep op immuniteit van jurisdictie door internationale organisatie/ rol van artikel 6 EVRM?/ artikel 6 EVRM doet niet af aan immuniteit/ wel redelijk alternatief gezien door partijen gemaakte afspraken ter beslechting van geschillen/ betekenis artikel 7:904 BW
Uitspraak
Team Handelsrecht
zaaknummer 200.216.570/01
arrest van 10 december 2019
in de zaak van
1 Supreme Headquarters Allied Powers Europe (‘SHAPE’),gevestigd te [vestigingsplaats] , België,
2. Allied Joint Force Command Headquarters [vestigingsnaam] (‘JFCB’),gevestigd te [vestigingsplaats] ,
appellanten in principaal hoger beroep,
geïntimeerden in incidenteel hoger beroep,
hierna aan te duiden als SHAPE en JFCB,
advocaat: mr. G.R. den Dekker te 's-Gravenhage,
tegen
1 Supreme Site Service GmbH,(voorheen Supreme Site Services AG),gevestigd te [vestigingsplaats] , Zwitserland,
2. Supreme Fuels GmbH & Co KG,gevestigd te [vestigingsplaats] , Duitsland,
3. Supreme Fuels Trading FZE,gevestigd te [vestigingsplaats] , Verenigde Arabische Emiraten,
geïntimeerden in principaal hoger beroep,
appellanten in incidenteel hoger beroep,
hierna gezamenlijk aan te duiden als Supreme,
advocaten: mrs. B.J. Korthals Altes-van Dijk en T.M. Alberga-Smits te Amsterdam,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 4 september 2018 in het hoger beroep van het door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, onder zaaknummer C/03/217614/HA ZA 16/130 gewezen vonnis van 8 februari 2017.
5 Het verloop van de procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding in hoger beroep;
- -
-
het exploot van anticipatie van 22 mei 2017;
- -
-
de memorie van grieven in de incidentele procedure betreffende de onbevoegdheid van de Nederlandse rechter;
- -
-
de memorie van antwoord met producties in de incidentele procedure betreffende de bevoegdheid van de Nederlands rechter, tevens incidenteel beroep en verzoek tot afwijzing openstellen tussentijds cassatieberoep ex artikel 401a lid 1 Rv;
- -
-
de memorie van antwoord in incidenteel beroep in de incidentele procedure betreffende de onbevoegdheid van de Nederlandse rechter;
- -
-
het tussenarrest van 4 september 2018 waarbij het hof een pleidooi heeft gelast;
- -
-
de akte houdende aanvullende producties voor pleidooi van de zijde van Supreme;
- -
-
het faxbericht van Supreme van 26 maart 2019 en het antwoord daarop van SHAPE en JFCB bij faxbericht van 26 maart 2019;
- -
-
het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd.
Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.