Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25-09-2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3011, 23/6
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25-09-2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3011, 23/6
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 25 september 2024
- Datum publicatie
- 24 januari 2025
- Zaaknummer
- 23/6
- Relevante informatie
- Art. 13b Wonw, Art. 220b Gemw, Art. 119 Wschw
Inhoudsindicatie
In geschil is of de aanslagen OZB en WSH 2020 terecht aan belanghebbende zijn opgelegd. Op 1 januari 2020 is sprake van een eigendom dat, tegen de zin en zonder medewerking van belanghebbende, onder het beheer van de gemeente is gesteld. Het beheer door de gemeente was niet bedoeld als tijdelijke situatie en was van meet af aan gericht op het in eigen hand krijgen van de onroerende zaak. Onder de specifieke omstandigheden van het geval is het hof van oordeel dat belanghebbende op 1 januari 2020 niet het genot krachtens eigendomsrecht had. De aanslagen OZB en WSH zijn ten onrechte aan belanghebbende opgelegd. Hoger beroep heffingsambtenaar ongegrond.
Uitspraak
Team belastingrecht
Meervoudige Belastingkamer
Nummer: 23/6
Uitspraak op het hoger beroep van
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking West-Brabant,
hierna: de heffingsambtenaar,
tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (hierna: de rechtbank) van 9 december 2022, nummer BRE 21/61, in het geding tussen de heffingsambtenaar en
[belanghebbende] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
hierna: belanghebbende.
1 Ontstaan en loop van het geding
De heffingsambtenaar heeft aan belanghebbende ter zake van de onroerende zaak met het adres [adres] in [vestigingsplaats] (gemeente [gemeente] ) voor het jaar 2020 een aanslag onroerendezaakbelastingen eigenaar (hierna: OZB) en een aanslag watersysteemheffing eigenaren (hierna: WSH) opgelegd (hierna tezamen aangeduid als: de aanslagen).
Belanghebbende heeft daartegen bezwaar gemaakt. De heffingsambtenaar heeft bij uitspraak op bezwaar het bezwaar ongegrond verklaard.
Belanghebbende heeft tegen deze uitspraak beroep ingesteld bij de rechtbank. De rechtbank heeft het beroep van belanghebbende tegen de aanslagen gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar in zoverre vernietigd, heeft de aanslagen vernietigd en heeft de heffingsambtenaar veroordeeld tot het vergoeden van het voor het beroep betaalde griffierecht.
De heffingsambtenaar heeft tegen de uitspraak van de rechtbank hoger beroep ingesteld bij het hof. Belanghebbende heeft een verweerschrift en een nader stuk ingediend.
De zitting heeft plaatsgevonden op 23 augustus 2024 in ’s-Hertogenbosch. Daar zijn verschenen [gemachtigde] , als gemachtigde van belanghebbende, en, namens de heffingsambtenaar, [heffingsambtenaar 1] en [heffingsambtenaar 2] .
Het hof heeft aan het einde van de zitting het onderzoek gesloten.
2 Feiten
Belanghebbende is op 1 januari 2020 (hierna ook wel: de peildatum) eigenaar van de onroerende zaak met het adres [adres] in [vestigingsplaats] . Belanghebbende staat op de peildatum als eigenaar ingeschreven in de Basisregistratie Kadaster (hierna: het kadaster); er zijn op die datum geen op het eigendom gevestigde beperkte rechten in het kadaster ingeschreven.
De onroerende zaak is laatstelijk bekend als camping [naam 1] (hierna: de camping). Vanaf 23 juni 2017 is het beheer van de camping op grond van artikel 13b Woningwet overgenomen door de gemeente [gemeente] (hierna: de gemeente).
Ter zitting bij het hof is het volgende komen vast te staan:
- -
-
De aanleiding voor het overnemen van het beheer van de camping door gemeente [gemeente] is een groot aantal meldingen van misstanden die op de camping zouden plaatsvinden.
- -
-
Na het vestigen van het beheer in 2017 kregen de op de camping aanwezige huurders een brief van gemeente [gemeente] dat zij geen huur meer hoefden te betalen. De gemeente is de camping gaan ontruimen en de gehele inrichting van de camping, inclusief de aanwezige campers, is van het terrein verwijderd en gesloopt.
- -
-
Dit is gebeurd in het kader van de integrale aanpak van diverse overheidsinstanties in het project “ [project] ”. De doelstelling van dat project was het in beheer krijgen en definitief sluiten van de camping.
- -
-
De gemeente heeft de bij belanghebbende betrokken natuurlijke personen de toegang tot het terrein ontzegd (zie ook Hoge Raad 12 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1408).
- -
-
De gemeente vordert een beheersvergoeding van € 5,5 miljoen van belanghebbende. Belanghebbende bestrijdt de rechtmatigheid van het beheer en eist een schadevergoeding van de gemeente. De uitkomst van deze bij de Raad van State lopende procedure is thans onbekend.
- -
-
In 2024 is de onroerende zaak in een openbare executieveiling door de gemeente verkocht en later dat jaar heeft de gemeente het terrein zelf aangekocht.
3 Geschil en conclusies van partijen
In geschil is of de aanslagen terecht aan belanghebbende zijn opgelegd. Meer specifiek is in geschil of belanghebbende op de peildatum genothebbende krachtens eigendom is.
De heffingsambtenaar concludeert tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank voor zover het de beslissingen omtrent de aanslagen en het griffierecht betreft en in zoverre bevestiging van de uitspraak op bezwaar.
Belanghebbende concludeert tot bevestiging van de uitspraak van de rechtbank.