Home

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 11-11-2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:3257, 200.344.452_01

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 11-11-2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:3257, 200.344.452_01

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
11 november 2025
Datum publicatie
24 februari 2026
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2025:3257
Formele relaties
Zaaknummer
200.344.452_01

Inhoudsindicatie

Effectenlease. Aegon Sprintplan. Gepersonaliseerde aanbeveling tot het aangaan van een effectenleaseovereenkomst door tussenpersoon, zonder over een vergunning te beschikken. Geen verjaring. Wetenschap Aegon.

Uitspraak

Team Handelsrecht

zaaknummer 200.344.452/01

arrest van 11 november 2025

in de zaak van

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,

appellant,

hierna aan te duiden als [appellant] ,

advocaat: mr. G.A.M. Sieben te Eindhoven,

tegen

Aegon Bank N.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

geïntimeerde,

hierna aan te duiden als Aegon,

advocaat: mr. J.M.K.P. Cornegoor te Haarlem,

als vervolg op het arrest van de Hoge Raad van 24 mei 2024, ECLI:NL:HR:2024:743, waarbij is vernietigd het arrest van hof Arnhem-Leeuwarden van 10 januari 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:267, in het hoger beroep van het vonnis van 10 november 2020 door de kantonrechter van de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Leeuwarden, ECLI:NL:RBNNE:2020:3821, gewezen tussen [appellant] als eiser en Aegon als gedaagde.

1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 8012165)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2 Het verdere geding in hoger beroep na cassatie en verwijzing

2.1

Het verloop van de procedure na de verwijzing door de Hoge Raad blijkt uit:

-

het oproepingsexploot van 19 juli 2024 met het arrest van de Hoge Raad;

-

de door [appellant] genomen memorie na verwijzing met producties 1-13;

-

de door Aegon genomen antwoordmemorie na cassatie en verwijzing.

2.2

Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op de stukken van de cassatie, het hoger beroep en van de eerste aanleg, met inachtneming van het volgende.

2.3

Voor zover door [appellant] nieuwe producties bij de memorie na verwijzing heeft overgelegd en nieuwe stellingen heeft ingenomen, heeft Aegon daar bezwaar tegen gemaakt. Het hof zal de nieuwe producties buiten beschouwing laten, nu daartegen bezwaar is gemaakt en [appellant] niet heeft toegelicht waarom deze producties niet op een eerder moment in de procedure door hem zijn ingediend terwijl deze producties toen al wel bekend waren (of moeten zijn geweest) bij [appellant] . Het hof zal eventuele nieuwe stellingen buiten beschouwing laten voor zover [appellant] daarmee de in hoger beroep voorgelegde rechtsstrijd uitbreidt of de in hoger beroep voorgelegde grondslag van de eis verandert, hetgeen na verwijzing niet meer is toegestaan.

3 Waar gaat deze zaak over?

In november 2000 heeft [appellant] een effectenleaseproduct genaamd Sprintplan afgesloten via [XX] Sparen (een tussenpersoon) met Aegon. [appellant] heeft maandelijks een bedrag voldaan gedurende vijf jaren. Er is geen restschuld ontstaan. De vraag is of [appellant] indertijd een gepersonaliseerde aanbeveling is gedaan en of Aegon op de hoogte was of behoorde te zijn dat [XX] Sparen zonder vergunning heeft geadviseerd, hetgeen niet toegestaan was. Het hof beantwoordt deze vraag bevestigend.

4 De beoordeling

5 De uitspraak