Home

Hoge Raad, 07-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:817, 23/03186

Hoge Raad, 07-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:817, 23/03186

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 juni 2024
Datum publicatie
7 juni 2024
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:817
Formele relaties
Zaaknummer
23/03186

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Rol van commissarissen. Vaststelling wanbeleid en vernietiging dechargebesluiten. Veroordeling in onderzoekskosten. Samenhang met zaak 23/03233.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 23/03186

Datum 7 juni 2024

BESCHIKKING

In de zaak van

[verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER in het principale beroep tot cassatie,

hierna: [verzoeker],

advocaat: T. van Malssen,

tegen

Wouter Johan Pieter JONGEPIER, in zijn hoedanigheid van curator in het

faillissement van Estro Groep B.V., Estro Services B.V. en Estro Kinderopvang B.V.,

kantoorhoudende te Amsterdam,

VERWEERDER in het principale beroep tot cassatie, tevens verzoeker in het incidentele beroep tot cassatie,

hierna: de curator,

advocaat: B.I. Kraaipoel,

en

1. [verweerder 1],

wonende te [woonplaats],

2. [verweerder 2],

wonende te [woonplaats],

3. [verweerder 3],

wonende te [woonplaats],

4. [verweerder 4],

wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk,

5. [verweerder 5],

wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk,

6. [verweerder 6],

wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk,

7. [verweerder 7],

wonende te Duitsland,

8. [verweerder 8],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna gezamenlijk: [verweerders],

niet verschenen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naarde beschikking in de zaak 200.309.886/01 OK van de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam van 17 mei 2023.

[verzoeker] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.

De curator heeft verzocht het beroep te verwerpen en heeft incidenteel beroep in cassatie ingesteld.

[verweerders] hebben geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep van [verzoeker] en van het cassatieberoep van de curator.

De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

in het principale beroep:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris en aan de zijde van [verweerders] begroot op nihil;

in het incidentele beroep:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt de curator in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verzoeker] en [verweerders] begroot op nihil.

Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 7 juni 2024.