Rechtbank Gelderland, 16-03-2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:1355, C/05/385399 / HA ZA 21-148
Rechtbank Gelderland, 16-03-2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:1355, C/05/385399 / HA ZA 21-148
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 16 maart 2022
- Datum publicatie
- 23 maart 2022
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2022:1355
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2022:7606, Niet bevoegd
- Zaaknummer
- C/05/385399 / HA ZA 21-148
Inhoudsindicatie
Aandeelhoudersgeschil. Geen afnameverplichting en geen beklemde aandeelhouder.
Uitspraak
vonnis
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/385399 / HA ZA 21-148 /115
Vonnis van 16 maart 2022
in de zaak van
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] ,
gevestigd te Gendt , gemeente Lingewaard,
2. [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2],
wonende te [woonplaats] ,
eisers in conventie,
verweerders in reconventie,
advocaat mr. L. te Linde te Arnhem,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
NIDAPI B.V.,
gevestigd te Milsbeek ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MIKASI BEHEER B.V.,
gevestigd te Molenhoek ,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BEMARTWA BEHEER B.V.,
gevestigd te Almkerk ,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BESGROEP ACCOUNTANTS & BELASTINGADVISEURS B.V.,
gevestigd te Malden , gemeente Heumen,
gedaagden in conventie,
eiseressen in reconventie,
advocaat mr. J.W.P.M. van der Velden te Nijmegen.
Eisers zullen hierna [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2] genoemd worden en gedaagden sub 1 tot en met 3 gezamenlijk de andere aandeelhouders en gedaagde sub 4 de vennootschap genoemd worden. Afzonderlijk zullen gedaagden sub 1 tot en met 3 Nidapi , Mikasi en Bemartwa genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
het tussenvonnis van 14 juli 2021
- -
-
het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 12 november 2021
- -
-
de akte overlegging productie van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1]
- -
-
de akte overlegging producties van de andere aandeelhouders en de vennootschap.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
De vennootschap is een accountants- en belastingadvieskantoor. De vennootschap kent nu vier aandeelhouders: [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en de andere aandeelhouders. [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2] is enig bestuurder en aandeelhouder van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] .
In 2020 heeft Nidapi haar aandelen aangeboden aan de overige aandeelhouders. Daarop hebben zich twee medewerkers met interesse gemeld. Er is met hen geen overeenstemming bereikt over de prijs van de aandelen.
Op 15 december 2020 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2] ontslagen als statutair bestuurder van de vennootschap. [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] heeft tegen gestemd. Het vertrek van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2] als statutair bestuurder is op 16 december 2020 aan de klanten van de vennootschap gecommuniceerd.
Op 29 december 2020 heeft de vennootschap de managementovereenkomst met [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] opgezegd per 1 juli 2021.
In de aandeelhoudersovereenkomst van 4 januari 2013 die in ieder geval geldt tussen Nidapi , Bemartwa , [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en de vennootschap is in artikel 7 bepaald:
1. Indien ten aanzien van een van de Partijen de in dit artikel onder lid 2 genoemde situaties optreden verplicht de desbetreffende Aandeelhouder zich de door hem gehouden aandelen in de Vennootschap te koop aan te bieden aan de overige Aandeelhouders.
2. De situaties, ten gevolge waarvan de in dit artikel onder lid 1 genoemde aanbiedingsverplichting voor de desbetreffende Aandeelhouder optreedt, zijn:
(...)
B. Wanneer (ten aanzien van) van een Aandeelhouder:
(...)
q) (...) ontslagen wordt door de algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap
r) de managementovereenkomst met de Vennootschap jegens haar wordt opgezegd.
Bij brief van 8 januari 2021 heeft [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] haar aandelen aan de andere aandeelhouders aangeboden. Partijen hebben geen overeenstemming over de prijs bereikt.
3 De vordering in conventie
[eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] vordert nakoming van de aandeelhoudersovereenkomst in die zin dat de andere aandeelhouders haar aandelen moeten afnemen. De afzonderlijke vorderingen laten zich als volgt kort samenvatten:
Primair, als de andere aandeelhouders voornemens / gehouden zijn de aandelen over te nemen:
i. i) een verklaring voor recht dat de koopprijs conform artikel 8 van de aandeelhoudersovereenkomst en de daarin genoemde bijlage moet worden berekend (jaaromzet 2020 minus belastinglatentie plus aandeel van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] in het gestorte aandelenkapitaal);
ii) een veroordeling van de vennootschap tot nakoming van de aandeelhoudersovereenkomst bestaande uit het laten overdragen van de aandelen van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en een gebod jegens de vennootschap om de jaarrekening 2020 op consistente wijze op te maken conform de bestendige gedragslijn, de wet en algemeen aanvaarde normen en voorzien van een accountantsverklaring;
iii) een veroordeling van de andere aandeelhouders tot nakoming van de aandeelhoudersovereenkomst bestaande uit het laten overdragen van de aandelen door [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en een gebod jegens de andere aandeelhouders om
a. a) de jaarrekening 2020 zoals bedoeld onder ii) vast te stellen
b) de daaruit voortvloeiende koopprijs te storten op een kwaliteitsrekening
c) alle medewerking te verlenen voor het laten passeren van de akte tot aandelenoverdracht,
iv) dit alles op straffe van een dwangsom;
subsidiair v tm viii:
nagenoeg hetzelfde als primair gevorderd, maar dan niet op grond van de aandeelhoudersovereenkomst, maar op grond van artikel 2:343 lid 1 BW;
meer subsidiair:
ix) een veroordeling van de andere aandeelhouders en de vennootschap tot afname van de aandelen van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] ex artikel 2:343 lid 1 BW onder de benoeming van deskundigen voor de waardebepaling van die aandelen;
x) een hoofdelijke veroordeling van de andere aandeelhouders en de vennootschap tot het overnemen van de aandelen tegen betaling van de op basis van het deskundigenrapport vast te stellen koopprijs vermeerderd met de waardevermeerdering en wettelijke rente tussen de peildatum en de datum van overdracht.
In alle bovengenoemde gevallen vorderen [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2]
xi) bij wege van schadevergoeding anders dan in geld ontslag van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] en [eiser in conventie, verweerder in reconventie 2] uit het concurrentiebeding;
xii) een veroordeling van gedaagden om ervoor te zorgen dat de borgstelling van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] vervalt onder verbeurte van een dwangsom;
xiii) hoofdelijke veroordeling van gedaagden tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten;
xiv) hoofdelijke veroordeling van gedaagden in de proceskosten;
xv) hoofdelijke veroordeling van gedaagden in de nakosten.
Alhoewel in de aandeelhoudersovereenkomst geen expliciete afnameverplichting is opgenomen, stelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] dat op grond van de redelijkheid en billijkheid van artikel 2:8 BW de andere aandeelhouders overname niet kunnen weigeren. Bovendien meent [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] dat de afnameverplichting volgt uit de bepaling uit de koopovereenkomst waarin de verplichting voor de koper staat om onverwijld na de levering van de aandelen toe te treden als statutair bestuurder. Nu [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] niet langer bestuurder is, kan zij ook niet langer aandeelhouder blijven aldus [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] . [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] stelt dat de prijs van de aandelen conform artikel 8 van de aandeelhoudersovereenkomst dient te worden bepaald en daartoe een jaarrekening per 31 december 2020 dient te worden vastgesteld en vervolgens een berekening dient te worden gemaakt conform de systematiek van bijlage 1 bij de koopovereenkomst van de aandelen van 29 mei 2009. Dit is gelijk aan één keer de jaaromzet 2020 minus de belastinglatentie plus het aandeel van [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] in het gestorte aandelenkapitaal.
De andere aandeelhouders betwisten dat er sprake is van een afnameverplichting op grond van de overeenkomst of de redelijkheid en billijkheid. Ze betwisten ook dat [eiser in conventie, verweerder in reconventie 1] een beklemde aandeelhouder is. De andere aandeelhouders onderschrijven dat aansluiting gezocht moet worden bij artikel 8 van de aandeelhoudersovereenkomst, maar benadrukken dat bij bepaling van de koopprijs ook rekening gehouden moet worden met het behaalde resultaat (winstgevendheid), goodwill en de terugverdienperiode.