Rechtbank Midden-Nederland, 05-02-2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:418, UTR 20/586
Rechtbank Midden-Nederland, 05-02-2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:418, UTR 20/586
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 5 februari 2021
- Datum publicatie
- 13 december 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2021:418
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2022:9830, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- UTR 20/586
Inhoudsindicatie
Leges. Verweerder heeft terecht opnieuw leges opgelegd, omdat sprake is van een nieuwe aanvraag. Bouwkosten zijn juist berekend, omdat ook niet-vergunningplichtige onderdelen meetellen. Geen misbruik van recht door opnieuw heffen van leges.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 20/586
[eisers] , te [woonplaats] , eisers
(gemachtigde: mr. R. van Domselaar),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Stichtse Vecht, verweerder
(gemachtigde: mr. S. Ralovic).
Inleiding
1. Eisers wonen op het adres [adres] te [plaats] in een oude boerderij die zij hebben gerestaureerd. Daarvoor hebben eisers een omgevingsvergunning aangevraagd, die het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht (hierna: het college) heeft geweigerd. Verweerder heeft voor de behandeling van deze aanvraag leges opgelegd ter hoogte van € 8.695,- (hierna: de eerste legesaanslag).
2. Eisers hebben beroep ingesteld omdat zij vonden dat de omgevingsvergunning van rechtswege was verleend. Op 20 maart 2019 heeft hierover een zitting bij deze rechtbank plaatsgevonden. Tijdens de schorsing van en na deze zitting hebben eisers en het college overleg gevoerd. Eisers hebben dat beroep vervolgens ingetrokken, en hebben een deels herzien bouwplan ingediend op 9 juli 2019.
3. Het college heeft een omgevingsvergunning verleend voor het gewijzigde bouwplan. Verweerder heeft op 20 augustus 2019 opnieuw leges opgelegd, dit keer ter hoogte van € 9.980,50 (hierna: de tweede legesaanslag). Eisers zijn het hier niet mee eens, omdat volgens hen geen sprake is van een nieuwe aanvraag. Eisers hebben daarom een bezwaarschrift ingediend tegen de tweede legesaanslag. Verweerder heeft dit bezwaar met de uitspraak op bezwaar van 24 december 2019 ongegrond verklaard, waarna eisers in beroep zijn gegaan.
4. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 26 januari 2021. Eisers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, vergezeld door [A]