Home

Rechtbank Midden-Nederland, 29-12-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:7010, UTR 22/4271

Rechtbank Midden-Nederland, 29-12-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:7010, UTR 22/4271

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
29 december 2023
Datum publicatie
16 januari 2024
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2023:7010
Formele relaties
Zaaknummer
UTR 22/4271

Inhoudsindicatie

WOZ-waarde winkelpand. Huurwaardekapitalisatiemethode. Het beroep is gegrond. De heffingsambtenaar heeft op de zitting voorgehouden dat de huurwaarde en kapitalisatiefactor die in de taxatiematrix staan niet kloppen. De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde hoger is vastgesteld dan de waarde die volgt uit een vermenigvuldiging van de kapitalisatiefactor met de huurwaarde, die de heffingsambtenaar op de zitting heeft genoemd. De heffingsambtenaar is daarom niet in zijn bewijslast geslaagd. De rechtbank stelt de waarde schattenderwijs vast.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 22/4271

C&A Nederland C.V., uit Amsterdam, eiseres

(gemachtigde: J.F.J.M. van Abbe),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder

(gemachtigde: B. Olieman).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de uitspraak op bezwaar van 14 juli 2022 (de bestreden uitspraak).

1.1.

In de beschikking van 19 februari 2022 heeft de heffingsambtenaar op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waarde van de onroerende zaak aan de [adres] in [vestigingsplaats] (het object) voor het belastingjaar 2022 vastgesteld op € 1.327.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2021. De heffingsambtenaar heeft bij deze beschikking aan eiseres ook een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.

1.2.

Met de bestreden uitspraak is de heffingsambtenaar bij dat besluit gebleven.

1.3.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de bestreden uitspraak. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift ingediend. Eiseres heeft nadere stukken ingediend.

1.4.

De rechtbank heeft het beroep op 1 december 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de heffingsambtenaar die zich heeft laten bijstaan door taxateur [taxateur] .

Het geschil

De beoordeling door de rechtbank

Beslissing

Informatie over hoger beroep