Home

Rechtbank Noord-Holland, 13-06-2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:5944, 199089

Rechtbank Noord-Holland, 13-06-2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:5944, 199089

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
13 juni 2013
Datum publicatie
2 september 2013
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2013:5944
Zaaknummer
199089

Inhoudsindicatie

Vervangende toestemming verhuizing afgewezen.

Uitspraak

Afdeling Privaatrecht

Sectie Familie & Jeugd

echtscheiding/tegenspraak

zaak-/rekestnr.: C15/199089/FA RK 12-4362

tussenbeschikking van de meervoudige kamer voor familiezaken van 13 juni 2013

in de zaak van:

[de man] [de man],

wonende te Velsen,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat mr. T.M. Coppes, kantoorhoudende te Aerdenhout,

tegen

[de vrouw] [de vrouw] [de vrouw],

wonende te Velsen,

hierna te noemen: de man,

advocaat mr. R.A. Vlielander-Jongerius, kantoorhoudende te Bussum.

1 Procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het verzoekschrift, met bijlagen, van de vrouw van 21 december 2012, ingekomen op 21 december 2012, waarin echtscheiding met nevenvoorzieningen is gevraagd;

-

het verweerschrift, tevens zelfstandig verzoek, met bijlagen, van de man, ingekomen op 8 maart 2013;

-

het verweerschrift op zelfstandig verzoek, met bijlagen, van de vrouw van 3 mei 2013;

-

de brief van de advocaat van de vrouw van 27 mei 2013;

-

de brief van de advocaat van de man van 29 mei 2013;

-

de brief van de advocaat van de vrouw van 7 juni 2013.

2 Feiten en omstandigheden

2.1

Partijen zijn op 4 juni 2004 in de gemeente Velsen met elkaar gehuwd.

2.2

Het minderjarige kind van partijen is:

- [de man] [de vrouw] [de vrouw] , geboren op 18 april 2004 in de gemeente Amsterdam.

3 Het verzoek

3.1.

De vrouw heeft –voor zover hier van belang- verzocht om te bepalen dat [de man] aan haar wordt toevertrouwd, met zo nodig afgifte van [de man] aan haar. Voorts heeft zij verzocht te bepalen dat het nog door partijen op te maken ouderschapsplan via mediation zal gelden ten aanzien van de verzorging en opvoeding van [de man], tenzij partijen niet in onderling overleg tot een ouderschapsplan kunnen komen. Indien dit het geval is, verzoekt de vrouw te bepalen dat de volgende zorgregeling zal gelden:

- wanneer de vrouw met [de man] naar [de vrouw], [de vrouw], zal verhuizen, zij erop zal toezien dat [de man] vier keer per week op een vast nader overeen te komen tijdstip telefonisch/skype contact met de man opneemt. Daarnaast stelt de vrouw voor dat [de man], voor zover dat te combineren is met de werkzaamheden van de man, de helft van de zomer- en kerstvakanties bij de man doorbrengt en daarnaast de overige vakanties die [de man] heeft van school. Tevens stelt de vrouw voor dat de man tenminste vier keer per jaar naar [de vrouw] komt voor een ‘lang’ weekend, nu de man slechts vier dagen per week werkt. Te denken valt aan Pasen, Pinksteren, hemelvaart etcetera.

3.2

De vrouw heeft haar verzoek vermeerderd en verzocht te bepalen dat het verslag van mevrouw A. Hendriks inzake [de man] onderdeel uit zal maken van deze procedure, dan wel mevrouw Hendriks te benoemen als bijzondere curator voor [de man], zodat aan de rechtbank duidelijk kan worden verwoord wat de wensen en belangen van [de man] zijn in deze. Voorts heeft de vrouw verzocht om bij tussenbeschikking op grond van artikel 1:253a BW te bepalen dat zij met [de man] op 1 augustus 2013 naar [de vrouw] mag verhuizen, onder het opmaken van een ouderschapsplan zoals door haar in concept opgesteld als productie 47 bij het verzoekschrift

4 Het verweer

5 De beoordeling

6 Beslissing